Recensie

Deze keer verslaat de Joker Batman

Salman Rushdie In zijn nieuwe roman zoekt hij naar een verklaring voor Trump. Het levert een geslaagde reality novel op.

Illustratie Paul van der Steen

‘Sorry, Trump is niet gestoord (dan doe je onrecht aan gestoorde mensen). Hij is slechts „afwijkend begaafd”’, berichtte Salman Rushdie op 12 augustus 2016 op Twitter. Maandenlang had hij zich opgewonden en vooral verbaasd over de opkomst van Donald Trump. Op de dag dat de man – die in Rushdies nieuwe roman ‘De Joker’ wordt genoemd – gekozen bleek te zijn, hield hij op met twitteren. Waarschuwingen in 140 tekens hadden niets geholpen.

Een jaar na het berichtje over Trumps gestoordheid is er nu de roman De familie Golden, waarin Rushdie vertelt hoe we zijn terechtgekomen in een wereld waarin ‘gewichtigdoenerij’ gelijk is aan idealisme, en ‘waarin goedheid geen betekenis meer heeft en misschien een poosje in de kast moet worden gezet’.

Hij doet dat aan de hand van een familiegeschiedenis, verteld door de filmmaker René Unterlinden. Deze René is er getuige van hoe, op de dag van de inauguratie van Obama, in 2009, de zeventiger Nero Golden met zijn drie volwassen zoons zijn intrek neemt in het New Yorkse Greenwich Village. Wat de huizen en de welgestelde families bindt, is een paradijselijke tuin waar de gewone wereld ver weg lijkt. Nero en zijn zoons nemen – nadat ze Mumbai zijn ontvlucht en de vrouw van Nero is omgekomen bij de aanslagen van 2008 – een nieuwe identiteit aan. Vaderlief vernoemt zichzelf dus naar de laatste keizer van het Juliaans-Claudiaanse huis. Zijn zoons moeten het doen met de namen Petronius (roepnaam: Petya), Lucius Apuleius (Apu) en Dionysus (D). Dat we hier met een neergaande dynastie te maken hebben, en dat ook voorspelbaar is hoe deze uiteindelijk ten val komt, is al meteen duidelijk.

Suicide Squad

Terwijl de geschiedenis van en de nieuwe ontwikkelingen binnen de familie Golden door René vastgelegd worden, is de lezer ook getuige van Renés eigen leven en van de ontwikkelingen binnen de VS zelf en maatschappelijke trends. Dit alles tezamen creëert een wereld waarin op een dag de ‘groenharige’ Joker op tv komt om aan te kondigen dat hij zich kandidaat stelt ‘voor het presidentschap, samen met de rest van het Suicide Squad’ (vernoemd naar de actiestripfiguren). De tijd is aangebroken dat feiten en fictie worden weggezet, de verbeelding de werkelijkheid niet meer kan bijbenen en waarin een filmmaker het best uit de voeten kan met stripfiguren: de Joker tegenover Batman, waarbij het onwaarschijnlijke gebeurt: Batman verliest.

De familie Golden is voor Rushdies doen behoorlijk realistisch. Er zitten weer veel vertrouwde Rushdie-elementen in, zoals de over elkaar tuimelende verhaallijnen en de nadrukkelijke verwijzingen: hoofdpersoon Nero gaat als demente man in vlammen op en wanneer de verteller ‘Noem me René’ zegt, verrast het niet dat hij vervolgens over Moby Dick gaat emmeren.

Iets te nadrukkelijk is ook de verhaallijn waarin de geleerde ouders van René omkomen in een auto-ongeluk, waarna het gedaan is met mensen die nog geloven in ethiek in plaats van in barbaarsheid. Maar je vergeeft het Rushdie al snel, want vooral in het neerzetten van zijn zoektocht is de roman erg goed. Een zoektocht naar wat je nog moet als schrijver wanneer je bent terechtgekomen in een wereld waarin waarheid is vervangen door truthiness, zoals presentator Stephen Colbert het noemde.

Deze zoektocht maakt Rushdie zowel in vorm als in inhoud waar. Het verhaal is opgeschreven alsof we te maken hebben met fragmenten uit een script, waarbij er staat welke delen een ‘voice-over’ zijn, het barst van de cliffhangers en waar tussen passages opeens ‘CUT’ staat. Het is de beste manier voor een schrijver om nog enigszins geloofwaardig over te komen, omdat volgens zijn personages zowel de fictie als de feiten elitair zijn geworden. Om dit toe te lichten, laat Rushdie zijn personages zeggen: ‘Reality-tv is nep, maar het is niet elitair dus je slikt het. Het nieuws is elitair. Fictie is elitair. Niemand gelooft het. Post-feitelijk is massamarkt, informatietijdperk, gegenereerd door trollen. Het is wat mensen willen.’

Anti-Trump-lezers

Rushdie kiest ervoor om af te stappen van de magisch-realistische foefjes. Hij kiest ook bewust niet voor een satire, zoals Howard Jacobson eerder deed met zijn Trump-roman Pussy, omdat dat al snel een ongeloofwaardige indruk maakt en, door de grappen die direct refereren aan Trump, een te tijdelijk karakter heeft. Een dystopische roman – zoals die van George Orwell, Aldous Huxley, Sinclair Lewis of Ray Bradbury, die na de verkiezingen weer even populair werden bij elitaire anti-Trumplezers – werkt ook niet. Om toch lezers te bereiken, te waarschuwen zelfs voor de wereld waarin we zijn terechtgekomen, wanneer tweets te kort zijn, fictie niet meer gelezen wordt en waarheid niet meer telt, dan kom je met de reality novel.

De personages worden in zo’n roman acteurs, de verteller een scriptmaker en de wereld is er één van ‘een grote strijd tussen ontspoorde fantasie en grijze realiteit’. Hier weet een ‘stripfiguur de grens tussen het papier en het podium had overschreden om het hele land, zogenaamd hilarisch, te veranderen in een lugubere graphic novel van het moderne soort’. Dat is de wereld die Rushdie wil grijpen. Zijn reality novel is uiteraard nep, maar de lezer slikt het – zoals goede fictie vermag.