Recensie

De mens op ramkoers met zijn eigen ondergang

In het laatste gedicht in een reeks van negentien, de epiloog van 19 vergiftigingen, schrijft de Noorse dichter Nils Chr. Moe-Repstad: ‘Het zwijgen tussen mensen / die beestachtige handelingen moeten vergeven / is geen vergiftiging van de taal’. Wat niet uitgesproken wordt, wordt geen onderdeel van de taal en bestaat dus niet. De bundel bestaat uit negentien ‘vergiftigingen’, zoals de gedichten aangeduid worden, en daarin spreekt de dichter zich uit. Hij verbreekt het stilzwijgen en traceert in de hele geschiedenis het beestachtig handelen van de mens, in tijden van oorlog, ziekte en milieucrises. Alles is ziek, demonstreert Moe-Repstad:

er zitten bacteriën in het lichaam, de economie, de natuurduizendjaargrafieken, staatsobligaties, celniveausvergiftigd: het bloedmonsterzegt sepsis en dat is dodelijk

In 19 vergiftigingen treffen we veel historisch bewijs aan voor de alomvattende rot. Achterop een zebravel uit Rhodesië valt te lezen: ‘we moeten nieuwe landen vinden waar we eenvoudig aan grondstoffen kunnen komen / en ook gebruik kunnen maken van goedkope arbeidskracht / door de inboorlingen tot slaven te maken’.

Kolonisatie keert in de bundel regelmatig terug en is een van de vormen van misbruik en exploitatie die Moe-Repstad blootlegt. Het moderne kapitalisme, fascisme en piraterij komen samen in ‘12e vergiftiging’ waarin de lezer van het vroeg-19de-eeuwse Skagerrak naar Auschwitz en de biochemie geslingerd wordt.

Moe-Repstad maakt zichtbaar wat onzichtbaar is. Dat kunnen vergeten verhalen zijn, maar ook ongrijpbare geldstromen. Peter Verhelst noemt zijn werk een ‘nieuwe, verontrustende vorm van geschiedschrijving’. Dat gebeurt door een overtuigende manier van vertellen die surft op een niet-aflatende stroom van frisse én beangstigende associaties. De ene seconde bevind je je in een door de pest geteisterd Europa, een fractie later sta je op Wall Street om daarna in de Hagia Sofia op te krabbelen. Moe-Repstad springt door de geschiedenis, soms in één regel: ‘De Zambezi is het Nürnberg van de Duitse doctor’.

Hoewel het decor van 19 vergiftigingen is opgebouwd uit kommer en kwel is de bundel niet deprimerend. In de wervelwind van bommen, rampen en bloed klinkt een opgewekte strijdlust door, een lichamelijke vitaliteit:

ik ben het hallucinerende drijvennaar dat wat nog niet giftig iseen droevigheid van water en zware metalenonder het duistere, lichte, levenlozehet is de gedwongen psalm van het afscheidlangzaam over de vlaktensnel over de meren

19 vergiftigingen legt rekenschap af van de mens – die op ramkoers ligt met zijn eigen ondergang – door de niet bij te houden snelheid van zijn ontwikkeling, dominantie en irrationaliteit te benaderen. Tollend over het aardoppervlak, door de historie heen schrijft Moe-Repstad een caleidoscopische bundel die zich niet het zwijgen op laat leggen.