In beeld

Twintig jaar later rouwen de Britten nog om Lady Di, maar wel steeds minder

De televisieterugblikken zijn geweest, de documentaire getoond. Het zorgvuldig voorbereide mediaspektakel voltrok zich gestaag in augustus. Nu het 31 augustus is, de dag waarop prinses Diana omkwam na een auto-ongeluk in de Parijse Pont de l’Alma-tunnel in 1997, blijft er een ding over: rouwen.

Woensdag bezochten William, samen met echtgenoot Kate, en Harry een tuin met witte bloemen, rozen en madeliefjes, op Kensington Palace. De tuin moet de stijl van Lady Di weerspiegelen. De drie liepen rond en keken. Hannah McKay / Reuters
Het regende hard. Ze schuilden onder paraplu’s. De twee prinsen lazen brieven en kaarten die aan het hek waren gehangen van het Londense paleis. Alastair Grant / AP
De tabloids wisten met de foto’s wel raad. Op de voorpagina van de Sun staat vandaag een collage: links een foto van tieners William en Harry die in 1997 een bloemen- en kaartenzee aanschouwen, rechts een foto van volwassenen William en Harry die in 2017 een, minder imposante, bloemen- en kaartenzee aanschouwen. Rebecca Naden, Kirsty Wigglesworth / AP
Natuurlijk is er twintig jaar later nog steeds verdriet. Bij miljoenen Britten die nog steeds precies weten waar zij waren op het moment dat zij hoorden dat ‘the people’s princess’ (dixit Tony Blair) was overleden. Daarom vegen zij opnieuw in het openbaar tranen uit hun ogen. Daniel Leal-Olivas /AP
Het meeste verdriet hebben natuurlijk Diana’s twee zonen. William zei te hebben meegewerkt aan een documentaire over het leven van Diana, zodat zijn kinderen weten wie hun grootmoeder is. Alastair Grant / AP
Harry erkende decennia geworsteld te hebben met de verwerking van de dood van zijn moeder. Pas toen hij professionele hulp zocht, ging het beter. Daniel Leal-Olivas / AFP
Die ontboezeming werd gezien als een belangrijke uitspraak die het stigma moet doorbreken dat Britse mannen weerhoudt geestelijke gezondheidszorg op te zoeken. Peter Nicholls / Reuters
Daarmee gaat Harry door waar Diana zo goed in was: aandacht vragen voor belangrijke en humanitaire onderwerpen, van landmijnen tot AIDS en lepra. Het zijn die verdiensten die ertoe leiden dat bestuurders van nu, als Anne Hidalgo, burgemeester van Parijs, de stad waar ze stief, ook nu weer Diana herdenken. Frank Augstein / AP
De Britse media grijpen de herdenking eveneens aan voor een dosis psychoanalyse van het eigen volk. Peter Nicholls / Reuters
Was de dood van Diana het moment dat wij onze stiff upper lip voorgoed lieten varen, vroeg actualiteitenrubriek Newsnight van de BBC zich woensdagavond af. Misschien. Andy Rain / EPA
Wie de warme, saamhorige en zeker emotionele wakes bijwoonden na de aanslagen in Londen en Manchester kan zich afvragen of het erg is dat Britten nu zonder gene in het openbaar huilen. Frank Augstein / AP
Eveneens wordt er uitgebreid stilgestaan bij de sfeer in het land twintig jaar geleden. Veel Britten waren woedend op de Windsors, koningin Elizabeth incluis, omdat de familie zich dagenlang stilhield en de rouw van het volk weigerde de erkennen. Peter Nicholls / Reuters
Daar heeft de familie veel van geleerd. Zo veel is duidelijk. Ze geven meer inzicht in hun emoties, zoals Diana deed. William en Harry zijn meer benaderbaar, zoals Diana was. Twintig jaar na de donkere dagen leren Britse schoolkinderen vol trots dat hun koningin 91 jaar oud en still going strong is. Niets dan respect. Daniel Leal-Olivas / AFP
Wie door de bloemen, de mooie woorden en de media-aandacht kijkt, ziet ook dat de publieke herdenking van de dood van Diana dit keer kleinschaliger is dan voorheen. Er is geen grote herdenkingsdienst met honderden gasten, bijgewoond door de koningin. Uit de vaak lovende en mooie en soms trieste anekdotes over het leven van Diana klinkt vaker door dat ze allemaal al wel eens verteld zijn. Daniel Leal-Olivas / AFP
Alleen de tabloids pakken groots uit met Diana op de voorpagina. De serieuze broadsheet-kranten berichten bondig en feitelijk over de herdenking. Op 31 augustus 2017 wordt duidelijk: twintig jaar is een lange tijd. Eric Feferberg / AFP