Recensie

Geweld van de huiveringwekkendste soort

Nederlandse thrillerlezers zijn dol op schrijvers met veel bloed aan hun handen. Kijk naar de CPNB Top 60: de nieuwe misdaadromans van Jo Nesbø en Karin Slaughter domineren al weken de bestsellerslijst. Beide auteurs laten weinig aan de verbeelding over en beschrijven geweld, en dan meestal geweld van de huiveringwekkendste soort, uiterst gedetailleerd.

In de openingsscène van Goede dochter, de zeventiende thriller van Slaughter, zijn de zusjes Charlotte en Samantha Quinn er als tieners getuige van hoe hun moeder wordt vermoord. ‘Overal was bloed, alsof een tuinslang was opengedraaid.’ En: ‘Helderwit bot. Stukken hart en long. Strengen pees, slagaderen en aderen, die samen met het leven uit haar gapende wonden stulpten.’ En dat een paar pagina’s lang, en tot tweemaal toe, want de moord wordt later nogmaals beschreven, dan vanuit een ander perspectief.

Bij die gruwelmoord blijft het niet. Achtentwintig jaar later is ‘goede dochter’ Charlotte getuige van weer een aanslag. Akelig precies beschrijft Slaughter (geen pseudoniem) hoe daarbij onder anderen een peuter aan flarden wordt geschoten. En dan is er ook nog iemand die levend wordt begraven en een meer dan akelige verkrachting.

Met al die sadistische wreedheden verkocht Slaughter wereldwijd al 35 miljoen boeken. Maar relatief nergens zoveel – namelijk meer dan vier miljoen exemplaren – als in Nederland. Waarom lezeressen (want dan zijn het vooral) hier zo vallen voor boeken over seriemoordenaars die hun slachtoffers eerst vastnaaien aan een matras, oogbollen doorprikken of volgieten met gootsteenontstopper, het is een raadsel.

Wellicht is een verklaring dat Slaughter empathisch is en goed kan psychologiseren. In Goede dochter heeft de moord op hun moeder beide zusjes uit elkaar gedreven. De nieuwe moordaanslag brengt ze na vele jaren weer bij elkaar. Dat proces van verwijdering en weer naar elkaar toegroeien, wordt overtuigend beschreven.

Humor is ook iets wat de boeken van Slaughter genietbaar maakt. Als Samantha even niet kijkt haalt Charlotte uit ergernis het zakje voor de thee onder haar bh door. Als Samantha haar beker oppakt, bedenkt Charlotte zich. ‘Niet opdrinken, er zit tietenzweet in.’

Net zoals haar beschrijvingen van misdaden soms iets pornografisch hebben, weet Slaughter evenmin maat te houden als het om medische gegevens gaat. Tot tweemaal toe laat ze Samantha losgaan over haar aan slokdarmkanker overleden man. ‘Fotodynamische therapie. Chemotherapie. Bestraling. Slokdarmdiliatie. Endoscopie voor het plaatsen van een stent. Elektrocoagulatie. Anti-angiogene therapie. Zijn slokdarm werd verwijderd, zijn maag werd omhooggetrokken en aan de bovenkant van zijn keel bevestigd. Lymfeklieren werden verwijderd. Hij kreeg plastische chirurgie. Er werd een sonde aangebracht. Een colostomiezak.’ En zo gaat ze nog even door. Ook zo’n opsomming vereist een stevige maag.