Noord-Koreanen in Zuid-Korea zijn vrij – maar gepest en geïsoleerd

Noord-Koreaanse vluchtelingen

Vluchtelingen uit Noord-Korea hebben bij hun zuiderburen nog een lange weg te gaan: ze raken vaak in een sociaal isolement.

De gevluchte kunstenaar Song Byeok in zijn studio in de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul. Song schilderde vroeger propaganda-afbeedlingen in Noord-Korea. Bij zijn vlucht kwam zijn vader om. Foto Hannes Jung/laif/HH

Vluchtelingen die met een Noord-Koreaans accent in de Zuid-Koreaanse metro praten, worden geregeld uitgescholden of aangestaard. Een uit Noord-Korea gevlucht kind dat door zijn klasgenoten gepest werd om zijn afkomst sloeg door en werd na een vechtpartij van school gestuurd. Als Noord-Korea weer eens negatief in het nieuws is, worden vluchtelingen in Zuid-Korea geregeld verwijtend aangekeken.

Dit gaat op voor veel vluchtelingen uit het noorden, beaamt directeur Kim Young-ja van de Burgeralliantie voor Noord-Koreaanse Mensenrechten (NKHR). „Boven op die sociale discriminatie kampen veel Noord-Koreaanse vluchtelingen met weinig kansen op de arbeidsmarkt, sociaal isolement en trauma’s die vaak na de vlucht komen bovendrijven.”

In een bloedheet kantoor op de tiende verdieping van het Gonghwa-gebouw in het welvarende stadsdistrict Seodaemun van Seoul legt zij uit hoe zwaar en ingewikkeld vluchten uit Noord-Korea is.

Vluchten

Het begint ermee dat je eerst het land moet zien te verlaten. Liefst met je familie, want die wordt vaak naar een strafkamp gestuurd als vergelding voor het vluchten van een gezinslid. Direct naar Zuid-Korea vluchten gaat niet: de grens ligt bezaaid met landmijnen en is van beide kanten zwaar bewaakt. Vluchtelingen kunnen één kant op: naar China.

In China begint de echte uitdaging. Daar moet je het land ongezien doorkruisen tot je in Thailand of Mongolië bent om bij de Zuid-Koreaanse ambassade asiel aan te vragen. Wie in China tegen de lamp loopt, wordt direct teruggestuurd. Jaarlijks overkomt dat tegenwoordig een paar duizend Noord-Koreanen. Ook vallen velen in China in handen van mensenhandelaren, die hen als slaaf, bruid of prostituee verkopen.

Noord-Koreaanse vluchtelingen in China die bij de NKHR terechtkomen, worden opgevangen in safehouses. Zodra de financiering rond is – dankzij donateurs in Zuid-Korea – worden ze met auto’s of bussen naar het Zuid-Chinese Kunming gebracht. „Vanaf daar moeten zij in Laos of Thailand zien te komen”, vertelt NKHR-directeur Kim.

Dit laatste ‘stukje’ is vaak het zwaarste deel van de tocht. „Ze lopen uren door bergen of varen op open vlotten onder de brandende zon.” NKHR heeft volgens Kim al ruim zevenhonderd Noord-Koreanen succesvol naar het zuiden helpen vluchten.

„Een burger die het land ontvlucht, is een smet op het blazoen van het Noord-Koreaanse regime”, zegt Kim trots. „En door mensen te helpen China uit te komen, voeren we druk uit op Beijing om de mensenrechten van deze personen te erkennen – wat nu nog niet gebeurt.”

In Zuid-Korea

Noord-Koreanen die Zuid-Korea bereiken doorlopen een vast traject. Ze worden ondervraagd door de veiligheidsdiensten en volgen dan een drie maanden durend traject in Hanawon, ongeveer een uur buiten Seoul. Ze leren er solliciteren, het openen van een bankrekening en winkelen. Ook krijgen ze verkeerslessen en leren ze hoe ze computers moeten bedienen, wat maar relatief weinig Noord-Koreanen kunnen. Daarna krijgen de vluchtelingen geld en een appartement van de overheid.

Nieuwe arrivés moesten zich verder zelf redden. Volgens Kim is dit voor velen niet genoeg. Ze somt de problemen op: „De taal is aan weerszijden van de grens enorm veranderd. Noord-Koreanen kennen onze populaire verhalen, grappen en tv-series niet. En dan is er nog het onderwijs, dat in Noord-Korea weinig voorstelt en deels bestaat uit het leren van fictieve veldslagen van de familie Kim.” Vooral ouderen kunnen slecht aarden in hun nieuwe thuisland.

Competitief

Ook lukt het weinig Noord-Koreaanse vluchtelingen hogerop te komen in het extreem competitieve Zuid-Korea. Velen blijven steken in laagbetaalde baantjes. Velen zitten in een sociaal isolement. Dat leidt geregeld tot wanhopige besluiten: volgens Zuid-Koreaanse overheidsstatistieken pleegde van alle Noord-Koreaanse vluchtelingen die tussen 2005 en 2015 overleden maar liefst 6 tot 7 procent zelfmoord. In 2015 was dat zelfs ruim 10 procent.

De grootste drempel is volgens Kim dat de Noord-Koreanen moeten leren zelf na te denken en keuzes te maken „En dan moeten ze ook nog eens verantwoordelijkheid nemen voor de uitkomst van hun beslissingen.”

Zo raken veel Noord-Koreanen hun startbedrag kwijt doordat oplichters hen ertoe verleiden het in riskante hedgefondsen of regelrechte nepprojecten te steken. NKHR biedt aanvullende cursussen, zoals wiskunde, Engels en democratisch burgerschap. Dat laatste vak werd onder druk van NKHR toegevoegd aan het curriculum van Hanawon. Kim: „We komen dichter bij ons doel: zo veel mogelijk Noord-Koreaanse vluchtelingen op eigen benen laten staan.”