Hier moet je werkgever zich aan houden als het warm is

Werken in de warmte

Zwoegen in de brandende zon, geen airconditioning op kantoor. Welke rechten hebben werknemers op warme dagen? En beschermen werkgevers hun personeel wel voldoende tegen hitte?

Foto Tom van Limpt / Hollandse Hoogte

Een werknemer die de hele dag moet laden en lossen in vriescellen, en daarom steeds pendelt tussen plus dertig en min dertig graden. Een verwarmingsmonteur die werkt op snikhete zolders, maar van zijn baas ondanks de hitte niet mag stoppen. Een medewerker van een sociaal werkbedrijf die door de warmte onwel wordt en met een ambulance naar het ziekenhuis wordt vervoerd.

Het zijn een paar voorbeelden van de 49 ‘hittemeldingen’ die de Inspectie SZW (voorheen Arbeidsinspectie) tussen 1 en 25 juni dit jaar ontving, toen op sommige plekken een regionale hittegolf werd genoteerd, met temperaturen boven de dertig graden. Sinds die maand - de warmste juni sinds 1901, volgens het KNMI - is de zomer wisselvallig verlopen. Maar deze week wordt het weer (eventjes) warm.

Zodra de zon flink doorbreekt kan de Inspectie SZW nieuwe meldingen verwachten. Die komen uit verschillende sectoren en gaan zowel over buiten- als binnenwerk. Van allemaal worden de details van de situatie telefonisch doorgenomen met de tipgever. Is een medewerker onwel geworden, dan start de Inspectie nader onderzoek. „We gaan altijd op een melding af als sprake is van letsel”, licht woordvoerder Ella Broos toe.

Een pet tegen de zon

Aan welke regels moeten werkgevers zich eigenlijk precies houden? In de Arbowet staat dat „de temperatuur op de arbeidsplaats geen schade aan de gezondheid van de werknemers [mag veroorzaken].” Een maximumtemperatuur wordt niet genoemd. Wel staat in de wet dat werkgevers gezondheidsrisico’s moeten voorkomen door „persoonlijke beschermingsmiddelen” ter beschikking te stellen. Denk aan een pet tegen de zon of koel water.

Helpen deze maatregelen niet om gezondheidsrisico’s te vermijden, dan moet een werkgever de werkdag verkorten of ervoor zorgen dat de werknemer vaak genoeg een koelere plek kan opzoeken.

Ook vakbond FNV kreeg tijdens de hitte in juni tientallen vragen en klachten over werken in de warmte. En ook bij de FNV kwamen die meldingen niet alleen van mensen die werken in de open lucht, maar ook van kantoorpersoneel.

Terwijl de Inspectie SZW op basis van binnengekomen meldingen heeft geconstateerd dat werkgevers zich over het algemeen goed aan de regels houden, schetst de vakbond een ander beeld: „Veel werkgevers vinden het bijvoorbeeld niet nodig om structurele maatregelen te nemen tegen hitte”, zegt FNV-beleidsadviseur Erik van de Haar. Denk aan fatsoenlijke airconditioning. „Werkgevers denken: ik deel wel wat ijsjes uit en regel op die paar dagen extra water.”

Maar daarmee onderschatten ze volgens Van de Haar de risico’s. „Als je de hele dag in een te warme omgeving werkt – of dat nou een kantoor of bouwplaats is – kan dat leiden tot concentratieproblemen, misselijkheid, duizeligheid, en zelfs tot oververhitting (hyperthermie). De veiligheid is dan dus wél in het geding.”

De vakbond ziet dan ook liever dat de regels voor werken in de hitte verder worden aangescherpt. Van de Haar: „De wet is nu nog te vaag. Want wanneer is precies sprake van een gezondheidsrisico? Nu kan een werkgever nog veel te gemakkelijk zeggen: ‘Ik doe toch genoeg?’” Volgens de FNV moeten er concrete normen worden vastgelegd. Van de Haar: „Zodat iedere werknemer naar zijn of haar werkgever kan stappen en kan zeggen: ‘Hier heb jij je aan te houden’.”

Daar sluit Hein Daanen, hoogleraar thermofysiologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam, zich bij aan. Hij is gespecialiseerd in de effecten van klimaat op de mens. „In Nederland hebben we een Nationaal Hitteplan om de meest kwetsbare mensen in ons samenleving te bereiken, maar voor gewone werknemers ontbreekt zoiets”, zegt Daanen. „Zij zouden beter beschermd moeten worden.”

Om personeel alvast wat meer houvast te bieden maakte de FNV de zogeheten ‘Hittestress Calculator’. Dat is een online test, waarbij je onder meer de temperatuur en luchtvochtigheid op je werkplek kunt invullen, maar ook hoe (fysiek) zwaar het werk bijvoorbeeld is. Vervolgens volgt een inschatting van de gezondheidsrisico’s.

Een dergelijke berekening zou ook in de wet opgenomen moeten worden, vindt Daanen: „Maar dan beter. De wetenschappelijke kennis over hoe je een goede calculator maakt is er.” Vakbond CNV lanceerde onlangs een hitte-app, die een vergelijkbare test biedt.

Concrete afspraken

Met name mensen die zwaar lichamelijk werk doen in de open lucht, lopen bij hoge temperaturen risico op gezondheidsproblemen – denk aan bouwvakkers, wegwerkers en hoveniers. Maar ook bakkers en werknemers in de staalindustrie moeten bij hitte extra opletten.

Binnen een aantal sectoren hebben werkgevers en werknemers daarom samen concrete afspraken gemaakt over naleving van de Arbowet. Die afspraken zijn vastgelegd in zogenoemde arbocatalogi. Zo is in de bouwsector afgesproken dat de cabine van een wegenbouwer voldoende ventilatiemogelijkheden moet hebben. Bouwbedrijf Heijmans, dat zo’n 4.700 werknemers heeft, gebruikt daarnaast nog een app om problemen bij hitte te voorkomen. Deze GO!-app (Geen Ongevallen) geeft bijvoorbeeld informatie over het risico op huidkanker en het risico op uitputting door de warmte.

Wat de collectieve arbeidsovereenkomsten betreft kent volgens vakbond CNV alleen die voor dakdekkers een regeling voor ‘hitteverlet’. Dat betekent dat dakdekkers bij 40 graden of meer, gemeten op anderhalve meter boven hun werkplek, hun werk neer mogen leggen. De werkgever betaalt het loon dan gewoon door. Ook mag de werkgever een tropenrooster instellen als het 25 graden of warmer is.

Méér hittegolven

Het bedenken en navolgen van doeltreffende maatregelen voor werken tijdens warm weer lijkt steeds urgenter te worden. Volgens het KNMI worden de Nederlandse zomers rond 2050 1 tot 2,3 graden warmer dan nu en kunnen we een toename van het aantal hittegolven verwachten. In steden, waar de meeste mensen werken, zullen vaker hitte-eilanden ontstaan: plekken waar de hitte langer blijft hangen.

Klimaatonderzoeker Peter Bosch, die bij onderzoeksinstituut TNO bekijkt hoe steden zich kunnen aanpassen aan klimaatverandering, vindt dat bestaande bedrijfspanden aangepast en nieuwe gebouwen anders ontworpen moeten worden. Is een airco inbouwen dan niet voldoende? Nee, zegt Bosch. „Want bedenk ook dat airco’s veel energie kosten en daarmee bijdragen aan klimaatverandering.”

Volgens hem zijn er slimmere oplossingen: „Zorg allereerst voor goede zonwering. En zet bomen langs je gevel, zodat die niet al te snel de kans heeft op te warmen. Gras op het dak is een optie voor koeling en isolatie. Of maak koelende buizen door je betonvloer. Het kan allemaal helpen.”