Beeldenstorm

Maak een gemeentelijke tuin voor gevallen beelden

Illustratie Cyprian Koscielniak

In de krant van 22/8 begeeft zowel briefschrijver en historicus Henk Slechte (Brieven, pag. 17) als de krant zelf zich op twijfelachtig terrein in de discussie over de ‘nieuwe beeldenstorm’, het verwijderen van eerbewijzen aan personen (of gebeurtenissen) met een bedenkelijk historisch verleden. „De geschiedenis wordt er niet anders door”, zegt Slechte. Het hoofdredactioneel commentaar sluit zich daarbij aan en stelt dat het „beter is het om het vak geschiedenis serieus te nemen” (Met het omvertrekken van beelden wordt de geschiedenis niet veranderd, 22/8). Als historicus kan ik beide open deuren van harte onderschrijven.

Een heel andere zaak is het vereren van omstreden figuren. Nog maar tachtig jaar geleden werd de 350ste verjaardag van Jan Pieterszoon Coen groots en nationaal gevierd in zijn geboortestad Hoorn. Minister-president Colijn legde een krans bij het metershoge standbeeld van deze ‘volksheld’ en hield een rede die live op de radio te horen was. Nederland speelde nog volop zijn rol van koloniale uitbuiter. Colijn, met een bedenkelijk verleden in het verre wingewest, was de laatste om daaraan iets te veranderen.

De geschiedwetenschap moet ook ruimte bieden aan voortschrijdend inzicht. De vraag is derhalve: zijn we bereid om een historische vergissing ongedaan te maken? Want zo moet je het eerbetoon aan Coen en andere brokkenpiloten toch beschouwen vanuit ons huidige historische en democratische besef. Dan kom je er niet met alleen een foutenpalet naast het beeld te plaatsen.

Van zijn sokkel halen zou een eerste stap kunnen zijn. Gezien de wandaden van Coen is het verwijderen de enige respectabele optie. Geef de man vervolgens een, voor mijn part prominente, plaats in de Gemeentelijke Tuin voor Gevallen Beelden. Daarmee blijft de geschiedenis intact én nemen we onszelf serieus.

Diversiteit in mode

Mode is politiek

Gelukkig is er nu veel media-aandacht voor diversiteit in modemagazines (Plots zijn de Nederlandse modebladen ook divers, 18/8). Maar het streven naar inclusiviteit is niet zo plots gegaan. Een trouwe lezer herinnert zich dat Janice Deul in 2016 nog een oproep deed voor meer diversiteit in de glossy’s. De aanhoudende aandacht op social media heeft het debat op de publieke agenda gehouden. Die aandacht is terecht, want modebladen hebben een grote verantwoordelijkheid. Zij communiceren ideeën over sociale identiteit, lichaams- idealen, gender en seksualiteit. Wanneer deze representaties altijd eenduidig zijn, worden ze niet alleen saai, maar bevestigen ze ook een heel beperkt wereldbeeld.

De vraag is daarom niet of het minder chic is dat de bladen diversiteit expliciet op de agenda hebben gezet. Het achterliggende idee dat politieke- of maatschappelijke betrokkenheid niet modieus kan zijn, is in strijd met de gemaakte ontwikkelingen in de industrie, waarbij de mode steeds conceptueler (en politieker) wordt.

De ‘nieuwe’, ‘anders’ en ‘normaal’-slogans bewijzen dat er nog een lange weg te gaan is. Toch toont vooral Cécile Narinx’, (hoofdredacteur van Harper’s Bazaar) openheid, vraag om feedback en verandering van koers niet alleen intelligentie, maar ook een toekomstvisie die de nodige druk op de gehele industrie kan uitoefenen.

Antifa

Anarchistische strijd

De Anti Fascistische Actie is geen organisatie. Je kan ook geen lid worden. Het is een reactionaire groepering, die optreedt als de democratische rechtsorde tekortschiet, in het corrigeren van wat wettelijk toegestaan is bij de vrijheid van meningsuiting: van racisme, seksisme tot uitgesproken (neo)nazisme.

Dubieus? Nee: een wetteloze strijd wordt met eenzelfde, anarchistische strijd bestreden. Let wel: de AFA had zelf ook liever niet bestaan. Het is een overkoepelende term voor mensen van divers pluimage, her- en afkomst, sekse, geloofsovertuiging en seksuele geaardheid, die vechten voor gelijkwaardigheid en vrijheid, zonder monetaire geschillen.

Er wordt veel gezegd over het vermeende gewelddadige karakter van deze groep. Maar vechten? Nee. Wordt geweld op voorhand afgekeurd? Nee. Dat ook niet. Geweld wordt beantwoord op een passende manier. Als dit geweld betreft, het zij zo.

Waar zouden we zijn zonder radicaal-links geluid. Wie schudt de machtshebbers wakker, wie weet wat er speelt in groeperingen, wie vormt een echt tegengeluid ter bescherming van normen en waarden? Dat zijn de mensen die de straat opgaan en die hun telefoon thuislaten in plaats van te twitteren.


pacifist

VVD-cultuur

Risico voor samenleving

Broodnodig dat columnist Tom-Jan Meeus de vermeende fraude van Robin Linschoten aan de orde stelt (Zo’n streng bestuurder – en dan zelf fraudeur?, 23/8). Alweer een VVD’er die door de mand valt dus. Mij verbaast dat niet; de VVD heeft immers altijd een zekere minachting aan de dag gelegd voor de rol van de overheid in de samenleving. Als het even kan worden regels afgeschaft, overheidsinspecties in hun werking beknot en zaken „overgelaten aan de markt”. Het lijkt wel alsof de VVD mislukte ondernemers de politiek in stuurt om daar de belangen van het bedrijfsleven te gaan behartigen.

Het wordt tijd dat er serieuze aandacht komt voor het risico voor de samenleving dat schuilt in de cultuur binnen de VVD als politieke partij. Zeker naarmate de VVD relatief meer macht krijgt. Een zelfreinigend vermogen van nul!

Killer robots

Ga niet mee in deze pr

Een mens kent vriend, vijand, aanval, verdediging. Een machine niet. Een machine kan vernietigen en kan geprogrammeerd worden met fysieke parameters om doelen te selecteren maar niet met de parameter ‘vijand’.

‘Autonoom verdedigingssysteem’ en ‘aanvalsrobot’ zijn dus onzintermen, en door ze te bezigen in het artikel Niet elke killer robot is een bedreiging (22/08) maakt deze krant zich tot pr-bureau van de wapenindustrie en aanjager van zinloze oorlogen.