Wie controleert de reizende imam?

Terreurbestrijding

Reizende imams met dubieuze connecties elders in Europa zijn voor inlichtingendiensten een ongrijpbare dreiging.

Zelfs bij zware verdenkingen zijn zij nauwelijks te stoppen.

Foto Jerry Lampe/ANP

Internationale connecties van een imam lijken een bepalende rol te hebben gespeeld bij de aanslagen in Barcelona. De spil in het terreurnetwerk, imam Abdelbaki Es Satty, zou tijdens reizen naar Marokko, Frankrijk of België in contact zijn gekomen met leden van terreurorganisatie IS, zo vermoedt de Spaanse politie.

Ook Nederland heeft te maken met rondreizende imams van Marokkaanse komaf die er dubieuze internationale contacten op nahouden. Zij vormen voor de inlichtingendienst een ongrijpbare dreiging: waar predikers op eigen bodem in de gaten te houden zijn, is het stukken lastiger om zicht te krijgen op de connecties van buitenlandse imams die hier op bezoek komen. Met name salafisten (fundamentalistische moslims) onderhouden nauwe banden met Europese geestverwanten. Zij bieden financiële steun en preken op elkaars conferenties.

Een groep Haagse jihadisten onderhield bijvoorbeeld contact met de Marokkaanse imam Omar el Haddouchi, al eens veroordeeld wegens terrorisme. Het gaat om de groep die eind 2015 in het zogeheten ‘Contextproces’ werd veroordeeld als ronselorganisatie die jongeren klaarstoomde voor de strijd in Syrië. Een aantal kopstukken uit deze groep zocht El Haddouchi op in Marokko – een foto van de ontmoeting belandde op Facebook.

Het is niet bekend hoe de Haagse jihadisten in contact kwamen met El Haddouchi. Dergelijke connecties lopen vaak via vriendschaps- en (verre) familiebanden. Dat heeft te maken met de verspreiding van Marokkaanse migranten door Europa. Het gros van de kleine vier miljoen ‘buitenlandse’ Marokkanen woont in Frankrijk, Spanje, Italië, België en Nederland. Veel voormalige dorpsgenoten en families zijn – dwars door de landsgrenzen heen – contact blijven houden. Via deze ondoorzichtige netwerken kan een Marokkaanse terreurcel elders in Europa plots heel dichtbij komen.

Juridische grens

Maar zelfs als duidelijk is dat een prediker met dubieuze contacten naar Nederland komt, is het moeilijk om er als overheid iets tegen te doen. De vrijheid van godsdienst én van meningsuiting zorgen voor een flinke bandbreedte aan wat gezegd mag worden. Predikers zijn zelf vaak goed op de hoogte van de juridische grens en stappen er nét niet overheen. Toegestaan is kwetsen, schokken of anderen verontrusten. Niet toegestaan is het zich in het openbaar beledigend uit laten over een groep wegens hun ras, godsdienst of levensovertuiging, seksuele gerichtheid of handicap. Evenmin mag je in het openbaar aanzetten tot discriminatie, haat of geweld tegen leden van groepen vanwege bovengenoemde kenmerken of vanwege geslacht.

Het lijkt erop dat de overheid pas in actie komt als er ophef ontstaat over de komst van een of andere ‘haatprediker’, vaak doordat website GeenStijl of dagblad De Telegraaf erover berichten. Soms wordt druk uitgeoefend op de organisatie die de prediker uitnodigde, soms worden visa ingetrokken. Zo weerde de Eindhovense burgemeester Van Gijzel eind 2015 zeven imams uit het Midden-Oosten die zouden spreken op een islamitische conferentie in zijn stad. Overigens werd Van Gijzel een jaar later teruggefloten door de rechtbank Den Bosch: hij had op ontoelaatbare wijze inbreuk gemaakt op het recht van vergadering.

Dat geeft wel aan hoe de overheid en gemeenten worstelen met het weren van imams die een ongewenste invloed kunnen uitoefenen op moslimjongeren. De Belgische minister van Justitie wil, naar aanleiding van de Spaanse imam Abdelbaki Es Satty, in kaart gaan brengen welke imams in het land preken en aan welke moskee ze verbonden zijn.

Gebiedsverbod

In Den Haag lijkt een nieuwe stap gezet door een gebiedsverbod op te leggen aan de Syrisch-Nederlandse imam Fawaz Jneid. In delen van de stad mag hij zich niet meer vertonen op bevel van het ministerie van Veiligheid en Justitie, omdat hij radicalisering in de hand zou werken. Hij verkondigt al tientallen jaren een onverdraagzame boodschap. Zo smeekte hij in het verleden Allah om islamcriticus Ayaan Hirsi Ali tongkanker te bezorgen. In 2012 werd de imam ontslagen door de Haagse As Soennah-moskee en sindsdien zoekt hij naar een eigen plek. Recent dacht hij die gevonden te hebben in een islamitische boekwinkel, maar daar mag hij nu niet meer komen. Met het gebiedsverbod hoopt de overheid een probleem dat strafrechtelijk niet valt aan te pakken – intolerantie prediken is in Nederland niet verboden – langs de bestuurlijke weg toch op te lossen.