Om 5 uur naar huis? Carrièrekiller

Overleven in Brussel Duizenden nieuwkomers in Brussel dromen van een Europese carrière. Het hoogste doel: een vaste aanstelling, ‘dan zit je levenslang in een gouden kooi’. Maar hoe vecht je je naar binnen? Hoe vind je je weg in de Bubble, de EU-wijk van Brussel? Kleine reisgids voor de beginnende eurocraat.

Illustratie Gijs Kast

Hoe herken je een groentje in Brussel? „Eenvoudig”, zegt een van de geraadpleegde experts. „Iemand die in een café zijn baas de hemel in prijst valt direct door de mand. Wie hier een tijdje rondloopt weet dat elke topeurocraat een sociopaat is. Vertel dus de waarheid, give us the dirt.”

Welkom in Europa’s hoofdstad waar geen reputatie heilig is. In de brasseries en café’s rond Commissie en Europees parlement vang je de laatste roddels op in alle talen van de Europese Unie. Arrogant je neus ervoor ophalen is geen optie. Meedoen, is de regel in de Brussels Bubble zoals de EU-wijk wordt genoemd. „Of je zit aan tafel, of je staat op de menukaart.”

Ruim 50.000 ambtenaren – eurocraten – werken voor de EU-instellingen. „Zij hebben ’m al, the golden ticket, zoals in Charlie and the Chocolate Factory”, zegt een medewerker van een europarlementariër op Place Luxembourg voor het Parlementsgebouw. Het gouden kaartje is „een vaste aanstelling, het hoogst haalbare,” zegt hij. „Dan zit je levenslang in een gouden kooi.”

In de Bubble wordt goed verdiend. De stad trekt dan ook als een magneet aan duizenden jongeren uit heel Europa die hopen op een goudgerande Europese carrière. Maar de concurrentie is moordend en de valkuilen zijn talrijk. Hoe vecht je je naar binnen? Hoe ‘heurt’ het? Wie moet je kennen? En, wat is de laatste euro-babbel in The Bubble?

Tien ingewijden uit de Brusselse wandelgangen geven in deze handleiding hun geheimen prijs.

  • Wie is hier de baas?

    Brains versus babes

    Op de apenrots in Brussel is het brains versus babes. De supernerds zijn de baas in de Bubble. Ze werken bij de Europese Commissie (EC), het dagelijks bestuur van de EU, of bij de Europese Raad (ER) die richting geeft aan de vergaderingen van Europa’s regeringsleiders en ministers. De „mooie babes en de snelle jongens,” zeggen alle ingewijden, vind je in het Europarlement (EP). Daar assisteren ze de MEP’s, de members of European parliament.

    De supernerds kijken neer op de MEP’s en hun entourage. Maar binnen dat Rijk der Nerds is er weer een gevoelig onderscheid tussen hen die het ‘concours’ al op zak hebben en de losers zonder. Het concours is het beruchte toelatingsexamen, nodig voor een vaste baan als Europees ambtenaar. Mét concours stijgt je salaris en vermindert de werkdruk, want je bent ‘binnen’ en kunt een steekje laten vallen. Wie ’m nog niet heeft – de tijdelijke contracters en stagiairs – moet de koffie halen.

    De echte macht in Europa is natuurlijk in handen van de regeringsleiders, geholpen door hun ministers en EU-ambassadeurs.

    Daarna komen de Eurocommissarisen, zoals Frans Timmermans, en de topmensen binnen de directoraten-generaal (DG’s) van de Commissie.

    Lees ook de column van correspondent Caroline de Gruyter: Die verdomde regels uit Brussel
    Foto

    En dan is de democratie aan de beurt, „maar de MEP’s zijn op papier helaas geen stuiver waard”, zegt een kenner van het Europarlement. Pas als een MEP respect heeft afgedwongen komen de geheime stukken zijn kant op. Een jonge assistent kan op dat succes meeliften door op Plux de tegenpartij af te tasten en netwerken te smeden. Zo’n MEP-assistent kan overigens veel meer verdienen dan een leeftijdgenoot bij de Commissie, ook al staat die laatste in veel hoger aanzien. Bij de Commissie werken ze met officiële salarisschalen. „In het Parlement is het wat de gek, de MEP, er voor geeft. Die gaat over zijn eigen budget.”

    Door al die decors heen lopen nog lobbyisten – van zeer invloedrijk (Europese werkgeversfederatie BusinessEurope) tot kleine meeëters (Kosovo Nation Branding).

    En dan is er nog de buitencategorie van „de zombies in de bubble”: gedesillusioneerden die nooit hogerop kwamen „maar hun alcoholconsumptie en alimentatie met gemak financieren dankzij een Bubble-salaris for life”.

  • Stagiairs

    De rode bloedcellen van Brussel

    Op donderdagavond, vaste borrelavond op Place Luxembourg bijgenaamd Plux, komen de stagiairs bij elkaar op het grasperk in het midden van het plein. Ze drinken er blikjes bier van de supermarkt verderop, terwijl op de terrasjes de jonge eurocraten en lobbyisten zich warmen aan de gasbranders naast de biertap. De stagiair die hogerop wil veinst een volle blaas en pendelt op en neer tussen grasperk en de wc’s in de cafés. „Zo verhoog je de kans dat je onderweg op een terras wordt opgehengeld.”

    Van stagiairs wordt flink misbruik gemaakt, zegt Milos Labovic, lobbyist in Brussel namens de provincie Zeeland en schrijver van het boek EU Superlobby. Vaak krijgen ze niets betaald. „Maar zij zijn wel de rode bloedcellen van Brussel. Zonder hun werkdrift zou de EU-machinerie stilvallen.”

    A low angle shot of two skyscrapers in Brussels, Belgium is set against a background of pale blue sky. Both skyscrapers are blue and constructed with multiple glass windows. This gives the structures a shiny appearance. The skyscraper on the right is curved and reflects the sky. The one on the left is more rectangular.
    Contemporary architecture in Brussels, Belgium

    Minimaal noodzakelijk voor aspirant-eurocraten: twee studies in verschillende landen en het liefst ook een master aan het Europa College in Brugge. Praeses geweest zijn van een studentencorps of roeivereniging in eigen land maakt geen indruk. „Dat kunnen we allemaal”, vinden ze in Brussel. Tijdens de afronding van de studie is een eerste EU-stage van een half jaar een pré. Het liefst daarna nog een stage. En dan op voor het toelatingsexamen, het concours.

  • De hot spots

    Oftewel: waar je heen gaat om je oesters leeg te slurpen?

    Waar je woont en op welk plein je het glas heft zegt alles over je status. Op het Plux-grasperkje begint het allemaal, maar heb je meer ambities, dan ga je op woensdag naar Châtelain in de Brusselse ‘bobo’ (bourgeois bohemien)-gemeente Elsene waar eurocraten en de crew van de invloedrijke nieuwswebsite Politico na werktijd hun oesters leegslurpen.

    Place Flagey, ook in Elsene, is populair vanwege het grote terras voor Café Belga waar op zondagochtend na de biomarkt wordt geblokt voor het concours.

    Ultrahip sinds kort: wonen in een verbouwde loft in Molenbeek. „Stoer om te vertellen aan je vrienden thuis, dat je je handhaaft in de ‘hoofdstad van de terroristen’.”

    Financial district skyscraper in Brussels, Belgium
    Financial district skyscraper in Brussels, Belgium

    Populair onder medewerkers van ngo’s en de Europese Groenen-fractie is de volkse gemeente Sint-Gillis waar ook kunstenaars uit heel Europa neerstrijken vanwege de lage huren van atelierruimtes.

    Maar het gaat snel in de Bubble. In wat tot voor kort een droevige bouwput middenin de EU-wijk was, verscheen onlangs Grand Central, de nieuwste hot spot. Een andere pick up-tent: Jeux d’Hiver in het Ter Kamerenbos.

    Dé truc voor low budget stagiairs die willen meedraaien in het uitgaanscircuit maar de hapjes en drankjes niet kunnen betalen: loop overdag alle recepties en vernissages af in het Europarlement. Elke dag is daar wel een drankovergoten evenement waar een Bulgaarse, Finse of Kroatische provincie zich presenteert of een vergeten kunstenaar uit Transsylvanië zijn met EU-geld gesubsidieerde werk uitstalt.

    „Als je die allemaal afloopt, heb je voor een heel etmaal genoeg gegeten en gedronken en kun je verzadigd de straat op”, zegt journalist Gabriella Adèr. „Maar nog beter is je eigen feestjes organiseren”, zegt lobbyist Milos Labovic. Toen hij als groentje in Brussel aankwam lanceerde hij meteen zijn Young & European-avondjes. „Super cool om de gastheer te zijn. Ik stond meteen op de Brusselse kaart.”

    Heb je alles gehad – inclusief de roemruchte zomerse BBQ van de liberale ALDE-fractie – „dan eindig je vanzelf in de Spirito Martini, de nachtclub in een voormalige Brusselse kerk”, zegt Adèr. Dj’s op het altaar, huppeldansende MEP’s met bierbuikjes en „stagiairs tongend met de baas”.

  • De Doodzondes

    Voor grijze muizen is er geen leven

    Doodzonde nummer één: de kantjes eraf lopen. Alleen de handigste opportunist komt ermee weg. Een truc is: je bij elke belangrijke app-groep aanmelden en heel veel beloven, maar uiteindelijk slechts één ding heel goed doen. „Regel die jaarlijkse sigarenavond en manifesteer je zo dat niemand je vergeet. Want voor grijze muizen is er geen leven in Brussel.”

    Een andere truc, in het Europarlement: nooit meeschrijven aan ingewikkelde rapporten, maar wel veel amendementen indienen, zodat je jezelf in de kijker speelt.

    Het gebouw van het Europees Parlement is aan vernieuwing toe. Het zakt weg in een Brussels moeras.
    Clouds reflected in modern office building, Brussels, Belgium
    Financial district skyscrapers in Brussels, Belgium

    Een beginnende eurocraat moet voorzichtig zijn. Doodzonde nummer twee bega je door bij aankomst direct van wal te steken met een stoer eurokritisch verhaal. Ook al heb je kritiek, „huil op z’n minst de eerste periode met de pro-europese wolven mee”.

    Pas ook op met het dossier waarmee je je wilt profileren. „Stort je je bij aanvang op het dossier ‘Europees beleid rond zeldzame ziektes’? Daar kom je niet meer van af.”

    Wie de namen van de hot shots niet paraat heeft, redt zich niet met bluf. „Iemand zal jou op een dag testen: ‘Ken jij Lapinski dan niet van de Milieucommissie ENVI?’ Grote kans dat Lapinski niet bestaat.”

    En wat ook echt niet kan is om vijf uur ’s middags op je horloge kijken en zeggen: ‘ik ga naar huis’ – zegt voormalig EU-stagiair en schrijver Basje Bender. „Er zijn niet veel jonge eurocraten op wie ’s avonds thuis wordt gewacht.”

  • Schone schijn

    Mét baardje: D66; zonder: VVD

    Eurocraten hebben een slechte smaak, maar winkelketen Suitsupply heeft de allerergste oversized Oost-Europese polyesterjasjes uit het straatbeeld verdrongen. Eurocraten bij Commissie en Raad doen het in dure maar saaie pakken en in een mantelpakje van de Avenue Louise waar ook koningin Máxima shopt.

    In het Parlement is meteen duidelijk met wie je zaken doet. De Groenen: t-shirt, te grote jeansbroek en sneakers. De Liberale familie, waaronder D66 en VVD: navy blue pak met cognackleurige schoenen. Mét baardje: D66. Zonder: VVD. En dan de christen-democraten en conservatieven: muf, grijs, netjes. Ongeacht de mode geldt voor iedereen: paradeer door de wandelgangen met zelfverzekerde tred.

    Office building glass fade in Brussels, Belgium
    Skyscraper in Brussels, Belgium

    Onder al die schone schijn borrelt intussen veel verdriet. Relaties? „Lastig”, zegt journaliste Gabriella Adèr, die maanden onderzoek deed naar de leefstijl van de Bubble-bewoner. „Bij de borrel gaan gesprekken niet zelden over waar je als jonge vrouw je eicellen kunt invriezen.”

    De werkdruk is hoog, de burn-out-industrie bloeit. Iedereen op yoga. In Pauz, een ‘nap bar’, kun je voor 7 euro een kwartier in de Siège Relax.

    Lobbyist Milos Labovic: „Er wordt veel gehuild, elke dag is er wel een afscheidsparty. Het is een komen en gaan.”

    „De luchten zijn grijs, de straten zijn grijs, de gebouwen zijn grijs”, schreef Basje Bender in haar roman Brussel (2015), gebaseerd op haar ervaringen als stagiair. Ze kent maar één soortgelijke roman van een EU-insider, een Brusselse variant op Vijftig tinten grijs door een Poolse. Brussel is een speelse stad, zegt Bender. „Vaste partners, zo die er al zijn, blijven vaak achter in het thuisland.”

  • Eurobabbel

    De Bubble is gek op afko’s, afkortingen van honderden commissies, overlegorganen en plannen. Ze horen bij de verplichte eurobabbel. TTIP, Jeta, Ceta, et cetera. En de commissies in het Parlement: PANA (onderzoekt de Panama Papers), PECH (visserij), AFET (buitenlandse zaken), ITRE (industrie en energie). De mooiste afko is AFCO: de commissie constitutionele zaken.

    Op Plux – „ik plux, jij pluxt, wij pluxen” – troeven stagiairs elkaar af met afko-kennis. Coreper? Dat is het Comité van de Permanente Vertegenwoordigers, de EU-ambassadeurs namens de lidstaten. QMV? Qualified majority voting, besluitvorming met gekwalificeerde meerderheid.

    Skyscraper in Brussels, Belgium
    Straight sky ward shot of two sky scrapers in a city. One building take up most of the shot with a second in the corner. Both are glass buildings and the smaller is reflecting in the other. The sky is blue and there are very light clouds. Its a beautiful day in the city and someone is looking up.

    De laatste roddels vang je in het Brusselse parlement op in de Mickey Mouse bar en in Straatsburg – waar het parlement één keer per maand vergadert – in de Zwanenbar. Straatsburg heet trouwens gewoon Stressbourg.

    En dan is er nog één eurobabbel waar je helaas niet omheen kunt: comitology. Het staat voor het fenomeen van adviserende werkgroepjes van experts uit het bedrijfsleven die – onzichtbaar voor het publiek – ook aanschuiven als er wetten worden gemaakt. Gebruik comitology in een nonchalant gesprek, en je hoort er helemaal bij in de Bubble.

Foto’s iStock. Illustraties Gijs Kast. Vorm Evy van der Sanden.