Jongeren onder de 18 kunnen gewoon bier drinken op Terschelling

Alcohol

Geen alcohol onder de 18, toch? Jongerencampings op Terschelling hebben een maas in de wet gevonden: ze gelden als ‘privéterrein’.

Jongeren met kratten bier onderweg naar het strand bij Formerum. De meeste minderjarige campinggasten noemen het geen enkel probleem om alcohol te drinken op Terschelling. Foto Laurens Aaij/Hollandse Hoogte

Het eerste wat je ziet als je jongerencamping de Appelhof op Terschelling op loopt, is een houten schuur gevuld met opgestapelde lege kratten bier. Volg je het geluid dat van de camping af komt, in de verte tussen de weilanden al te horen, dan zie je waar het vandaan komt: van joelende en bier drinkende tieners, zittend aan lange picknicktafels voor legergroene tenten. „Waar gaan jullie heen vanavond?”, vraagt een meisje aan een groep jongens. „Waar het bier is!”, roept er eentje terug.

Zoals Griekenland Chersonissos heeft en Spanje Magaluf, zo heeft Nederland Terschelling. Hier, op 84 vierkante kilometer land omringd door water, komen elke zomer duizenden Nederlandse jongeren naar twee jongerencampings om te zuipen. Sinds de alcoholleeftijd omhoog ging, in 2014, mogen alleen jongeren vanaf achttien jaar in het openbaar alcohol drinken. Maar de campings verwelkomen jongeren zo jong als vijftien. Ook zij drinken erop los.

Dit leidde al in 2014 tot Kamervragen. Staatssecretaris Van Rijn (Volksgezondheid, PvdA) antwoordde toen dat er op de jongerencampings niet gedronken mag worden door kinderen – want hoewel ze zelf vinden van niet, zijn ze dat nog wel. Dat schrijft de Drank- en horecawet voor.

Privéterrein

Maar ín de tenten, dat is privéterrein. Daar is geen toezicht, en gelden dezelfde regels als achter de voordeur van een woonhuis.

En dus is er wettelijk niets te beginnen tegen jongerencampings die drankgebruik door minderjarigen toestaan, concludeerde het Openbaar Ministerie in 2014. Justitie overwoog een proefproces, maar zag daarvan af. De campingbazen schrijven in advertenties dat je op hun jongerencamping als minderjarige gewoon alcohol kunt drinken.

De zeventienjarigen Jasper, Stijn en Twan zitten met hun twintigjarige vrienden Dennis en Justin op een zonnige augustusavond voor hun tent op de Appelhof met een biertje in hun hand. Want ook vóór de tent geldt als privéterrein.

„In de straten mag je hier drinken”, zegt Jasper. De ‘straten’ zijn de looppaden waaraan de grote tenten staan. Her en der liggen flessen cola, er staan picknicktafels, en overal bierkratten – leeg en vol. Dat is de maas in de wet: het oogt hier als publieke ruimte, maar geldt als privéterrein van de kampeerders.

De politie in Amersfoort confronteert jongeren met hun dronkenschap:  Kijk! Zo zie je eruit als je dronken bent

„Maar op de gangpaden mag je niet drinken”, vervolgt hij. Dat zijn de paden die de ‘straten’ met elkaar verbinden. Daarop wordt gecontroleerd, zegt hij. „Gisteren moest ik mijn bierflesje inleveren. Maar dat kan ook zijn omdat het glaswerk is, en dat mag daar sowieso niet.” De identiteitskaarten van de jongens zijn niet gecontroleerd toen ze incheckten. Een medewerker bracht ze naar de tenten, wees de koelkast aan – er liggen nu tientallen flesjes bier in en twee appels – en wenste ze veel plezier.

Dat hebben ze. „Als je hier weg bent, ben je drie dagen dood”, zegt een van hen. „Zo voelde ik me gisteren eigenlijk al”, zegt Dennis. Ze lachen allemaal. Ruik maar niet aan de prullenbakken, merkt er eentje op. Elke nacht en ochtend hangen er wel mensen boven. Twintig jaar is hier oud. Zeventien gebruikelijk. Vijftienjarigen zijn er ook. De meesten hier moeten maandag weer naar school – ze gaan naar 5 havo of 6 vwo.

Lege kratten

Ze zijn naar Terschelling gekomen omdat het zo dichtbij is en iedereen Nederlands spreekt, maar vooral voor het bier, zeggen de jongeren. Op school hebben ze gehoord dat er hier weinig gecontroleerd wordt; op de website van de camping lazen ze dat alcohol drinken als minderjarige mag. Bier halen ze bij de supermarkten. De meerderjarigen kopen het, de minderjarigen drinken het, weet iedereen op het eiland. ’s Avonds halen de supermarkten de lege kratten en winkelwagentjes van de campings op.

Veel toezicht lijkt er op de campings niet te zijn. ’s Nachts lopen er wel beveiligers rond, zeggen Jasper en zijn vrienden, maar vooral om toe te zien dat het niet uit de hand loopt. Agenten en buitengewone opsporingsambtenaren (boa’s), door de gemeente ingezet om drankoverlast op het eiland tegen te gaan, lopen alleen door de uitgaansstraat van Midsland om overlast te voorkomen – niet op de campings. Dat is immers privéterrein, zegt één van de boa’s ’s avonds voor de deur van een kroeg.

De eigenaar van de Appelhof „doet niets met de media”. De baas van jongerencamping Terpstra zegt hetzelfde, terwijl hij een met stickers van drankmerken beplakte koelkast een vrachtwagen in tilt. De gemeente zegt toezicht te houden op verkoop van alcohol, niet op gebruik.

Lees hier hoe een bedrijf gemeenten helpt bij het toezicht op drinkende jongeren:  Drinkende jongeren? Dat lossen we samen wel op

De volgende ochtend bij de pont terug naar Harlingen zitten groepen jongeren op hun koffer te wachten tot de boot vertrekt. Ze ogen vermoeid en scheppen op hoeveel ze ’s avonds gedronken hebben. Veel bier, ook mixdrankjes. Sommigen klagen: maandag weer naar school.