Cultuur

Interview

Interview

‘Ik verdedig mijn bedrijf, daar schaam ik me niet voor’

Interview bestuursvoorzitter Eneco

De belangrijkste van de 53 gemeentelijke aandeelhouders willen van hun belang in energiebedrijf Eneco af. Topman Jeroen de Haas strijdt nu voor een nieuwe eigenaar die ruimte biedt voor duurzaamheid.

Eneco-topman Jeroen de Haas is zichtbaar geraakt als aan het einde van het gesprek het woord ‘koninkrijk’ valt. „Niet terecht en vervelend” vindt hij recente suggesties in de media dat hij het Rotterdamse energiebedrijf zou leiden als een zonnekoning en dat hij vooral bezorgd is om zijn eigen positie. „Je moet daar een dikke huid voor hebben,” weet De Haas. „Maar die heb ik niet altijd.”

Toch, verrast kan hij niet zijn. Zeventien jaar zit de 57-jarige Brabander inmiddels in het bestuur van Eneco, waarvan de laatste tien als topman. Onder aanvoering van De Haas is Eneco een eigenzinnige en rebelse onderneming geworden, een energiebastion dat veel bewondering oogst. Maar ook irritatie.

Lof is er voor de volharding en de groene strategie, het pionieren. Terwijl veel concurrenten nog volop investeerden in kolen en gas, zette Eneco tien jaar geleden al stevig in op duurzaamheid. Met succes. De halfjaarcijfers die Eneco donderdag publiceerde, tonen een gezond bedrijf, met een omzet van 1,6 miljard euro en een bedrijfsresultaat van 135 miljoen, 30 procent meer dan in dezelfde periode vorig jaar. Tweederde daarvan is volgens De Haas afkomstig uit duurzame productie (zoals wind en zon), de rest komt uit het leverings- en dienstenbedrijf.

Minder enthousiast waren sommige reacties op het verzet van Eneco tegen de eis van de regering om in navolging van Essent en Nuon de elektriciteitsnetten af te splitsen. Na jaren procederen – die het energiebedrijf volgens De Haas de tijd gaven om te investeren in zon, wind en biomassa – verloor Eneco. Begin dit jaar kwam de splitsing er alsnog en werd Stedin van de hand gedaan.

En daarmee is de strijd voor De Haas nog allerminst gestreden. Want nu de netten geen deel meer uitmaken van het concern, willen de belangrijkste van de 53 gemeentelijke aandeelhouders van hun stukken af. Een verkoop lijkt daarmee onafwendbaar.

En dus is De Haas, tot ergernis van een deel van de aandeelhouders, aan zijn volgende gevecht begonnen. Hij strijdt er nu voor om Eneco onder te brengen bij een eigenaar die het bedrijf vrij laat, de ruimte geeft. Zodat het zijn cruciale rol kan blijven spelen in de duurzaamheidstransitie die Nederland door moet, zegt de topman. Zodat hij zijn koninkrijk niet verliest, vermoeden boze tongen in de energiesector.

De spanning tussen Eneco en zijn aandeelhouders is de voorbije weken zichtbaar toegenomen. Komt u nog wel aan de bedrijfsvoering toe?

„Het leidt inderdaad erg af. Een aandeelhouderswisseling vraagt heel veel tijd en aandacht van de top. Maar dat is ook terecht, zoiets maak je als het goed is niet vaak mee.”

Heeft u zich al neergelegd bij een verkoop?

„Erbij neerleggen is niet het goede woord. Ik heb altijd gezegd dat de aandeelhouders het recht hebben te bepalen wat ze willen. De kans is inderdaad heel groot dat een meerderheid van de aandelen wordt verkocht. Belangrijk is nu dat een nieuwe aandeelhouder de continuïteit van het bedrijf waarborgt. Ik heb daar goede hoop op, maar daar moeten we wel alert op zijn.”

Betekent dit dat u zelf aanklopt bij partijen die u als aandeelhouder ziet zitten?

„Nee, we wachten nu even af wat de aandeelhouders definitief besluiten. Daarna gaan we met de aandeelhouderscommissie bekijken hoe we tot nieuwe aandeelhouders komen. Er is al wel belangstelling, sommige partijen melden zich. Ik ga nu niet zeggen wie dat zijn, maar het is echt van alles. Financiële én strategische spelers. En dat is positief. Maar we vertellen iedereen keurig dat het nu niet opportuun is. We hebben met onze aandeelhouders afgesproken dat we het samen gaan doen.”

U heeft op het oog tegengestelde belangen. Zij willen een hoge opbrengst, u wil dat er zo min mogelijk verandert.

„Voor ons staat de continuïteit van het bedrijf en de strategie voorop. Maar wij vinden de prijs ook niet onbelangrijk. Ik vind het vrij logisch dat het nu wat botst tussen bedrijf en aandeelhouders, maar ik verwacht dat daar een einde aan komt als het verkoopproces begint. We hebben ook vastgelegd dat we gezamenlijk optrekken.”

Hoe ziet uw ideale aandeelhouder eruit?

„Die is gericht op de lange termijn en op duurzaamheid. Ik ben ervan overtuigd dat een energiebedrijf zijn strategie moet overeenstemmen met wat maatschappelijk nodig is. Doe je dat niet, dan neem je een enorm risico. Dan is de kans dat een overheid een keer bij de onderneming gaat ingrijpen levensgroot.”

Dit lijken voorwaarden die op dit moment vrijwel iedere potentiële nieuwe eigenaar onderschrijft.

„Dat denk ik niet. Er zijn investeringsmaatschappijen denkbaar die het bedrijf liever opknippen of hogere schulden willen aangaan. Dat type private-equity vind ik niet aantrekkelijk. Maar ik sluit geen enkele partij uit.”

Maakt het voor u uit welke nationaliteit de toekomstige eigenaar heeft?

„Ja. Daarmee zeg ik niet dat die per se Nederlands moet zijn. Maar verbondenheid met onze strategie is wel een vereiste, en wij opereren nu eenmaal in Nederland en de landen om ons heen. Buiten Europa ligt dus minder voor de hand.”

Vanuit sommige gemeentes klinkt de kritiek dat ze vrijwel niets te zeggen hebben bij Eneco, een van de redenen om te verkopen. Volgens Dordrecht is de invloed ‘nihil’. Wat vindt u daarvan?

„Dat verrast me. Ze onderschatten hun invloed. Zíj hebben het mogelijk gemaakt dat wij onze groene strategie konden uitvoeren. Nu zeggen we: duurzaamheid, natuurlijk. Maar in 2007 leek het een kansloze niche. Toch heb ik nooit anders gehoord dan dat ze de koers volledig onderschreven. Zij hebben Eneco de ruimte gegeven te worden wat het nu is.”

Die ruimte wil u ook van de nieuwe aandeelhouder?

„Er moet wel ruimte zijn, ja. Dat betekent niet dat de verhoudingen exact hetzelfde moeten zijn als nu.”

Een divisie worden van een grote branchegenoot is dan dus niet aantrekkelijk?

„Ik sluit niets uit, maar het is de vraag of dan de continuïteit van onze strategie wel voldoende is geborgd.”

U noemt Eneco cruciaal in de Nederlandse energietransitie. Tegelijkertijd trekt u in grote projecten samen op met grote partners als Shell en Mitsubishi en produceert u nog niet genoeg om een bedrijf als de NS volledig te voorzien. Overdrijft u het belang van Eneco niet een beetje?

„Ik benadruk het wel. Zit daar overdrijving in? Dat valt wel mee. Bedrijven als Eneco, zo gecommitteerd aan duurzaamheid, zijn er niet zo veel in Nederland. En de duurzaamheidstransitie is niet alleen een kwestie van wet- en regelgeving.

„De bouw van windparken kun je inderdaad met regels en subsidies aanjagen. Maar die andere kant van de transitie – die van innovatie, digitalisering, batterijen en zo – die laat zich moeilijk politiek sturen. Daarvoor heb je als land belang bij een bedrijf dat op dat gebied veel expertise heeft. En dat zijn wij.”

U heeft pr-bureau Hill+Knowlton ingehuurd, vakbond CNV sloeg alarm, er is een crowdfundingsactie en medewerkers sturen bezorgde brieven naar aandeelhouders. Het lijkt of u campagne voert tegen uw eigen aandeelhouders.

„Ik werd zelf verrast door die werknemersbrieven. We voeren geen campagne tegen onze aandeelhouders. We zetten gewoon ons bedrijf goed neer. En daar schaam ik me ook niet voor. Een aandeelhouderswisseling is risicovol. Duurzaamheid is nu hot, ook financieel. Dat maakt Eneco aantrekkelijk voor partijen die meer op hebben met snel geld verdienen dan met onze langetermijnstrategie. En ik ben de topman, dus ik moet met mijn collega’s in het bestuur Eneco en de continuïteit van het bedrijf beschermen. Dat is mijn diepste overtuiging.”