Duitse politici azen op erfenis Air Berlin

Luchtvaart

Laat Lufthansa profiteren van de val van Air Berlin, bepleiten Duitse ministers. Dat ergert niet alleen Ryanair, maar ook Duitsers.

Vliegtuigen van Air Berlin op vliegveld Berlin Tegel, een van de twee standplaatsen van de luchtvaartmaatschappij die vorige week faillissement heeft aangevraagd. De andere basis is Düsseldorf. Foto Britta Pedersen / AP

Een week na de faillissementsaanvraag van Air Berlin liggen leden van het kabinet-Merkel onder vuur. Ze bemoeien zich te veel met het verdelen van de erfenis van Air Berlin, en zijn te veel op de hand van de meest voor de hand liggende erfgenaam, Lufthansa. Hun voorkeur staat eerlijke concurrentie en consumentenbelang in de weg, menen commentatoren in Duitse kranten.

Slecht management en een onduidelijke strategie leidden al langer tot enorme verliezen bij de tweede luchtvaartmaatschappij van Duitsland. In 2016 ging het om 782 miljoen euro, in het eerste kwartaal van dit jaar om bijna 300 miljoen euro. De nekslag kwam toen grootaandeelhouder Etihad Airways uit Abu Dhabi niet meer wilde bijspringen. Met een overbruggingskrediet van 150 miljoen euro van de Duitse staat kunnen tienduizenden vakantiegangers nog terugkeren en kan er worden gesproken over opsplitsing.

Dat flinke delen van Air Berlin zullen worden overgenomen, is vrij zeker. Meer dan tien geïnteresseerde partijen hebben zich gemeld. Naast Lufthansa worden easyJet en vakantievliegers TUI fly en Condor genoemd. Luchtvaartondernemer Hans Rudolf Wöhrl, die maandag liet weten de complete boedel te willen kopen, wordt niet heel serieus genomen. Air Berlin-topman Thomas Winkelmann verwacht dat het bedrijf in twee of drie delen wordt verkocht. Hij wil de verkoop in september afronden, omdat het vertrouwen van klanten anders weg is.

Air Berlin laat 144 vliegtuigen (waaronder 61 Airbussen voor de middellange en 17 voor de lange afstand) en 8.600 werknemers na. Waardevoller nog voor de kopers zijn de klanten en de slots, de gereserveerde tijdvakken voor start en vertrek op de drukke luchthavens van Berlijn, Frankfurt en München. Gunstige slots zijn schaars en dus veel geld waard.

Slimme topman Lufthansa

Sinds de faillissementsaanvraag op 15 augustus is de belangrijkste vraag in Duitsland: hoeveel van Air Berlin gaat naar Lufthansa?

Carsten Spohr, topman van de Lufthansa Group – die behalve budgetdochters Eurowings en Germanwings ook Swiss, Austrian en Brussels Airlines omvat – speelt het spel slim, is het oordeel. Hij is al een half jaar in gesprek met Winkelmann over een overname. De twee zijn bevriend: Winkelmann komt van Germanwings. Ze trokken samen op toen co-piloot Andreas Lubitz in maart 2015 een Airbus A320 van Germanwings opzettelijk liet crashen in Frankrijk. Spohr heeft zich goed voorbereid om Lufthansa optimaal te laten profiteren van de ondergang van zijn concurrent.

Anders is het oordeel over de ministers die, wellicht met het oog op de Bondsdagverkiezingen van 24 september, de nationale maatschappij een handje willen helpen. „We hebben een Duitse kampioen in de internationale luchtvaart nodig”, zei transportminister Alexander Dobrindt (CSU), verwijzend naar Lufthansa. Minister van Economische Zaken Brigitte Zypries (SPD) was nog explicieter in een interview in de krant Handelsblatt: „Ik vind het wenselijk dat Lufthansa grote delen van Air Berlin overneemt.” En passant wil ze ook de door de luchtvaartsector gehate vliegtaks uit 2011 opheffen.

De regering laat zich voor het karretje van Luthansa spannen, schreef luchtvaartjournalist Jens Flottau dinsdag in de Süddeutsche Zeitung. Hij noemt de overheidsbemoeienis een blamage. Achim Wambach, voorzitter van de Monopolkommission, adviesorgaan van de regering voor mededingingszaken, waarschuwde voor „politiek gemotiveerd voortrekken van Lufthansa” bij het opdelen van Air Berlin.

Een woordvoerder van het ministerie van Economische Zaken probeerde de woorden van minister Zypries maandag af te zwakken: „Wij zijn niet voor of tegen een bepaalde geïnteresseerde partij”.

De ministeriële uitspraken zijn koren op de molen van Ryanair-topman Michael O’Leary. Hij beticht de Duitse regering, Lufthansa en Air Berlin van een „samenzwering” om concurrenten uit Duitsland te weren. Hij heeft een klacht ingediend over oneerlijke concurrentie bij de Europese Commissie en het Bundeskartellamt.

Europese mededingingsregels stellen grenzen aan de positie van Lufthansa. Het marktaandeel per route is daarbij cruciaal. Is dat meer dan 50 procent, dan ligt een verbod op de loer. Als ze Lufthansa willen helpen, zullen Duitse politici de balans moeten vinden tussen nationale trots en Europese wetgeving. Zeker in een verkiezingsjaar is dat niet makkelijk.