Met lange honden op hazen gejaagd

Wie: vader Jan M. en zoon Willie

Kwestie: stroperij en andere vergrijpen

Waar: rechtbank Dordrecht

De rechter in Dordrecht heeft al veel gezien, maar zo’n gevarieerde dagvaarding komt ze naar eigen zeggen zelden tegen. Vader Jan M. (46) wordt met zijn zoon Willie (22) verdacht van een „potpourri” aan vergrijpen. Mishandeling, bedreiging, belediging van een agent, heling, diefstal, bezit van harddrugs en kogels. De voornaamste verdenking: illegaal jagen op beschermde dieren in de polder.

Jan en Willie komen bij toeval in beeld bij de politie als begin 2015 een politiehelikopter ’s nachts boven het Zuid-Hollandse natuurgebied De Biesbosch vliegt. Vanuit de helikopter zien agenten een wagen met een lichtbak een weiland verlichten. Jan en Willie sturen vanuit de auto hazewindhonden het weiland in.

De politie plaatst daarna een peilbaken onder hun auto, zodat ze de twee kan volgen. Iedere keer als ze ’s nachts een natuurlandschap in rijden, worden ze gecontroleerd. Iedere keer hebben ze lange honden bij zich, die doorgaans worden gebruikt voor de jacht. Maar iedere keer ontkennen vader en zoon aan het jagen te zijn. Er worden geen dode dieren in hun auto gevonden.

„Ik was daar gewoon mijn jonge hondjes aan het trainen”, is Willies verklaring voor zijn nachtelijke uitstapjes. „Ik laat mijn hondjes rennen naast de auto. Bovendien kán mijn vader dit helemaal niet hebben gedaan: hij is vies van dieren.” Jan knikt hevig.

Opschepperij

De rechter wijst erop dat in hun in beslag genomen telefoons foto’s zijn gevonden met honden die een haas verscheuren. Bovendien vertelt Willie aan de telefoon tegen een vriend over zijn jachtavonturen. Willie doet het af als opschepperij. „Je probeert je hond op te hemelen, om een zo hoog mogelijke prijs te krijgen als ik mijn hond wil verkopen.”

De rechter laat op een beeldscherm een foto zien waarop Willie poseert met dode hazen voor hem op de grond.

„Bent u dat?”, vraagt de rechter.

Willie: „Ja.”

De rechter: „Deze trofeefoto is genomen bij uw woning?”

Willie: „Ja.”

De rechter: „U blijft maar volhouden dat u niet hebt gestroopt. Maar hoe zijn die beesten daar dan gekomen? Die zijn natuurlijk niet uit de lucht komen vallen.”

Willie zwijgt.

De officier van justitie licht toe dat een haas een beschermd dier is, waar volgens de Flora- en faunawet niet op mag worden gejaagd.

Volgens de advocaat staat in de wet expliciet dat er niet met lange honden op mag worden gejaagd. „Maar uit niets blijkt dat het hier gaat om lange honden. Een deskundige had dat moeten vaststellen, maar dat is niet gebeurd.”

Volgens de officier blijkt uit de foto’s en getuigenverklaringen voldoende dat het lange honden betreft, al heeft een expert dat niet officieel vastgesteld.

De officier verwijt vader en zoon daarnaast het bedreigen en beledigen van de politie. Toen Jan hardhandig werd gearresteerd, belde Willie woedend het politiebureau op en sprak de voicemail in: „Binnen tien minuten mij terugbellen, anders blaas ik de hele kankerzooi hier op. Jullie hebben me nou gehoord, kankerstrontboeren.”

Later schold Jan de agent die zijn zoon aanhield uit voor „kankerhond”. Jan nuanceert: „Ik heb hooguit ‘vuile hond’ gezegd. Met kanker scheld ik niet.”

Met nog een mishandeling erbij, diefstal van een caravan en vintage brievenbus, en bezit van harddrugs en kogels, komt de officier tot de eis van een jaar gevangenisstraf.

De rechter acht bewezen dat vader en zoon met lange honden hebben gejaagd op hazen. Daarmee hebben zij „blijk gegeven van een gebrek aan respect voor de natuur” en aan „verantwoordelijkheidsbesef voor het belang van de samenleving bij een zekere stand van beschermde inheemse diersoorten”. Ook de meeste andere verdenkingen neemt de rechter voor waar aan. Zowel vader als zoon zat nog in zijn proeftijd. Jan wordt veroordeeld tot zeven maanden celstraf, zoon Willie tot tien maanden.