Opinie

Is er wel een remedie tegen terreur?

Het terrorisme dreigt een deel van ons leven te worden, want de vijand is abstract. De enige concrete maatregel – het aanpakken van verspreiders van het wahabisme, zoals Saoedi-Arabië – is onhaalbaar, schrijft .

Foto Manu Fernandez/ AP

We zullen ons blijven herinneren waar we op 17 augustus 2017 waren. En wat we aan het doen waren. Dat hadden we met 11 maart [2004; de aanslagen in Madrid, red.] ook al gehad, maar inmiddels dreigen dit soort associaties van data met emoties deel van onze dagelijkse werkelijkheid te worden.

Het jihadistische terrorisme opereert niet alleen willekeurig en onverwacht, maar is ook in staat van gedaante te veranderen. Sinds de uiterst vernuftige methode waarmee de Twin Towers zijn neergehaald, hebben we geleerd dat een zware aanslag ook met een bestelbusje uitgevoerd kan worden. En dat dat gedaan kan worden door een minderjarige zonder geldig rijbewijs, maar met bewezen fanatisme en nihilisme.

‘Copycatterrorisme’ is onbeheersbaar en het is ook ondoenlijk om steden vol te plempen met camera’s en betonblokken

We zullen ons blijven herinneren waar we op 17 augustus waren, maar nu aanslagen een gruwelijk deel van ons leven lijken te worden, zullen we ons moeten afvragen of we moeten leren leven met terrorisme en of er manieren zijn het een halt toe te roepen. Vooral nu onze democratieën worstelen met de verloedering van hun waarden en proberen het bewustzijn van de ongelovigen te koloniseren en daar het naïeve christelijke antwoord van ‘de andere wang’ tegenover stellen.

Als je een oorlog wilt beginnen – en dit is er een – is het nodig de vijand te identificeren en een einde te willen maken aan die oorlog. Het lijkt een open deur, maar waar bevindt de vijand zich in dit geval? Welke gebieden heeft hij onder controle? Wanneer kunnen we hem als verslagen beschouwen?

Panopticisme

Zelfs een verandering in onze perceptie van vrijheidsbeperkingen voldoet niet als effectieve methode om de heilige vrede te bewerkstelligen. Met de aanslag van 17 augustus laait het debat over de controlemaatschappij weer op, waarbij soms zelfs Foucaults ‘panopticisme’ [het idee van een maatschappij waarin elk individu permanent onder surveillance staat en bestraft kan worden, red.] van stal wordt gehaald. Maar dat gebeurt in eenzelfde conjuncturele beweging als bij eerdere aanslagen in onder andere Frankrijk en België.

Hetzelfde geldt voor de noodzaak van het wel of juist niet tonen van de gruwelijke beelden. We verschansen ons in navelstaarderige, hoogdravende discussies terwijl de abstracte vijand zich vol overgave offert en de verdorven propaganda op de sociale netwerken voedt: zij weten precies wat hun te doen staat en winden er geen doekjes om.

Meer dan de herhaling is het de opeenstapeling van de bekende debatten die een wanhopig stemmende onachtzaamheid in de hand werkt. Er is geen samenwerking tussen de westerse landen en die zal er nooit komen. Het registreren en volgen van elke moslim die zich tot de jihad geroepen voelt, is onbegonnen werk. Het ‘copycatterrorisme’ is onbeheersbaar en het is evenmin doenlijk om de steden vol te plempen met betonblokken en camera’s. Ook het hoofd van Al-Baghdadi zal geen verlossing brengen. De met wier overdekte laatste rustplaats van Bin Laden [die na in 2011 door Amerikaanse militairen te zijn gedood een anoniem zeemansgraf heeft gekregen, red.] spreekt voor zichzelf.

De enige concrete maatregelen zullen nooit worden genomen. Die impliceren immers een beschuldiging aan het adres van Saoedi-Arabië en andere machthebbers in de Perzische golf als verspreiders en financiers van de dodelijke leer van het wahabisme. Het is huiveringwekkend als je bedenkt dat Donald Trump tijdens zijn eerste buitenlandse reis in Riad een dansje deed met dezelfde sjeiks, tirannen en imams die het woord Gods bezoedeld hebben om onze vrijheden af te nemen, met olie te gijzelen en ritueel te slachten met het zuiverende zwaard.