Opinie

Hoe dom dat Spanje zich onkwetsbaar waande

El País: uit angst en naïveteit wilden we aanslagen na 2004 als ‘iets buitenlands’ zien.

We waanden onszelf onkwetsbaar voor de nieuwe terreurgolf. Dat was eerder gebaseerd op bijgeloof dan op gezond verstand. Misschien ook dachten we dat we na het ETA-geweld en het bloedbad op station Atocha in Madrid [11 maart 2004] konden ontkomen aan een nieuwe afstraffing waarbij zoveel onschuldigen uit ons midden zijn weggerukt.

Het gevoel van immuniteit werd gevoed door ons behoedzame, haast afwezige buitenlandbeleid. We speelden geen grote rol in Syrië wilden ons ook niet branden aan de opkomst van het jihadisme in sub-Saharaans Afrika. Ieder voert zijn eigen oorlog – wat een enorme denkfout – en we dachten dat Frankrijk moest antwoorden op zijn eigen aanslagen. En het Verenigd Koninkrijk op de zijne. En zo ook Duitsland, België, en Zweden.

Zo werd de dramatische afwezigheid van een werkelijk gemeenschappelijk beleid duidelijk. De Europese Unie is niet verenigd in haar strijd tegen het terrorisme. Ze deelt niet voldoende informatie. Het antwoord verzandt in bureaucratie en speculatie. En wij waanden ons onkwetsbaar in Spanje, ver weg van de willekeur van het alomtegenwoordige terrorisme.

[...]

[IS-leider Al Bagdadi] heeft nu het geestelijke, propagandistische eigendomsrecht en de regie van elke daad die de oorlog verklaart aan het Westen. En vooral als de aanslagen in ‘zondige’ steden plaatsvinden. Toeristen die zich vermaken. Ongelovigen die met vrijwel onbedekt lichaam in zee zwemmen. En die als verdorven zielen de Rambla afstruinen.

We geloofden dat 11 maart een datum was die geen vervolg mocht krijgen in het boek der martelaren. En dat we, om onduidelijke redenen, waren ontsnapt aan het onheil. Illusies. Vergoten bloed. En een zekere naïviteit ten aanzien van de aanslagen die zo dicht bij ons plaatsvonden. We wilden ze pertinent als buitenlandse problemen zien. Niet uit cynisme of onverschilligheid, maar omdat de vampiers van de angst, van het fanatisme, van de etnische suprematie, van de bivakmutsen, van de tulbanden, ons al de laatste druppels bloed hadden uitgezogen.

Maar we hadden het mis. 17 augustus – nog een datum die ons doet huiveren – heeft onze onschuld gegijzeld. Die onschuld hebben we verloren in Barcelona, zoals we die hadden kunnen verliezen in Madrid of Granada [het laatste bolwerk van de Moren dat in 1492 door de christenen is heroverd, red.] En de strijd zal ons eraan herinneren dat we meer Spanjaard zijn dan we denken. En dat het Catalaanse onafhankelijkheidsstreven een gevaarlijke stap terug is, juist nu de afstand tussen Madrid en Barcelona en tussen Barcelona en Brussel zo klein mogelijk zou moeten zijn.

Vertaling Joke Mayer