De JSF heeft veel geld gekost. En wat levert het op?

Joint Strike Fighter

Gejuich in defensiekringen: een nieuwe order in ruil voor de miljardenuitgave aan JSF’s. De politiek heeft immers om compensatie gevraagd.

Foto EPA

Het magazijn met alle onderdelen voor de Joint Strike Fighter (JSF) van de Europese krijgsmachten komt in Woensdrecht. Dat heeft het Amerikaanse ministerie van Defensie deze week bekendgemaakt, na een bezoek van minister Jeanine Hennis (Defensie, VVD). Uit het Nederlands bedrijfsleven en de krijgsmacht kwamen enthousiaste reacties.

1| Wat voor order heeft Nederland binnengehaald?

Defensie gaat in Woensdrecht, waar ook een militaire luchtmachtbasis is, alle reserveonderdelen opslaan voor de Joint Strike Fighter, het nieuwe Amerikaanse jachtvliegtuig dat in Nederland de F-16 opvolgt. Opslag en verzending van de soms zeer geavanceerde en kostbare onderdelen is een complexe en gevoelige logistieke operatie.

In dienst van diverse landen vliegen er straks vierhonderd van die JSF’s – officieel: F-35’s – in Europa. Alles wat nodig is voor hun reparatie en onderhoud ligt straks in een enorme hal, waar beheer en distributie volledig geautomatiseerd plaatsvinden. Trots meldt de overheid dat zich al zeventig Nederlandse bedrijven hebben gemeld om producten of diensten voor dit project te leveren. Een groot deel zal afvallen.

Het is niet voor het eerst dat Nederlandse bedrijven orders binnenhalen voor de JSF. Eerder dit jaar werd bekend dat Nederland als een van de weinige Europese landen onderhoud mag gaan verrichten aan de JSF-motoren. En vorig jaar leverden 29 Nederlandse bedrijven op een of andere manier producten of diensten voor de JSF. Zo maakt Fokker bijvoorbeeld vleugelonderdelen.

2| Waarom is deze order belangrijk voor Nederland?

De ministeries van Defensie en Economische Zaken kunnen een JSF-succes altijd goed gebruiken. In 2013 maakte het kabinet, na jaren van felle politieke discussie, bekend voor 4,5 miljard euro JSF’s te kopen. Tegen toen geldende koersen zou dat om 37 toestellen gaan. Aan de ontwikkeling ervan betaalde Nederland 800 miljoen dollar (683 miljoen euro) mee.

Belangrijke voorwaarde voor veel politieke partijen om met de koop in te stemmen waren compenserende opdrachten. Tegenover de miljardenbesteding moesten Nederlandse inkomsten en banen staan.

„Dit is meer dan waar we op hadden gehoopt”, zegt een woordvoerder van Defensie over het onderdelenmagazijn. Cijfers over de waarde van de order of de extra werkgelegenheid kan ook Economische Zaken niet geven.

3| Is de JSF dan wel een melkkoe?

Daar zijn altijd twijfels over geweest. Het kabinet liet het economisch onderzoeksbureau SEO in 2012 berekenen dat Nederlandse bedrijven 24 tot 38 miljard dollar aan omzet kunnen boeken met JSF-opdrachten tot 2064. In de eerste fase, de periode van 2013 tot en met 2017, zou het gaan om maximaal 1,7 miljard euro.

Volgens het jongste overzicht dat Defensie en Economische Zaken aan de Kamer stuurden over binnengehaalde orders en omzet, september vorig jaar, blijkt dat tot eind 2015 iets meer dan een miljard euro aan omzet is behaald. De perspectieven op langere termijn zijn onduidelijk; Nederlandse bedrijven moeten orders telkens in concurrentie met buitenlandse partijen binnen zien te halen.

SEO berekende indertijd dat het F-35-programma tot en met 2017 270 banen zou opleveren. Dat aantal is inmiddels gehaald. Daarbij zouden dan ook nog extra banen kunnen komen door de order in Woensdrecht. Hoe duurzaam die banen zijn is niet helder; projecten lopen op enig moment af.

Defensieminister Hennis vindt in ieder geval dat de JSF de economische verwachtingen meer dan waarmaakt.

4| Gebruiken we die Joint Strike Fighter eigenlijk al?

Nee, dat duurt nog even. Nederland heeft op dit moment twee JSF’s in eigendom, de rest moet officieel nog worden aangeschaft. Dat gebeurt de komende jaren. De toestellen worden gebruikt in de Verenigde Staten, waar hun piloten en monteurs worden getraind. Vorig jaar waren de twee toestellen in Nederland voor een proefvlucht. Dat was een stuk later dan verwacht, want de JSF kreeg keer op keer te maken met technische problemen bij de ontwikkeling.

In 2024 moeten alle Nederlandse JSF’s operationeel zijn en in Nederland gestationeerd. Dat is meer dan tien jaar na het besluit tot aanschaf van het toestel.