Cultuur

Interview

Interview

De vernieuwde hoofdtribune van het Wagener Stadion aan de vooravond van het EK, na een verbouwing die ongeveer vijf miljoen euro kostte.

Foto Koen Suyk/ANP

De heilige grond van het Nederlandse hockey

Wagener Stadion

Het Wagener Stadion in Amstelveen, waar vrijdagavond het EK hockey voor mannen en vrouwen begon, is het afgelopen jaar grondig verbouwd. Op deze plek werd in de loop van decennia veel geschiedenis geschreven. Oud-sterspeler Ties Kruize kijkt terug.

Als oud-hockeyinternational Ties Kruize (64) het nieuwe Wagener Stadion binnenstapt ziet hij als eerste zichzelf. Afgedrukt op een van de grote zwart-witfoto’s in de hal. De toen nog negentienjarige Kruize viert samen met zijn teamgenoten de gewonnen WK-finale in 1973. Nu, 44 jaar later, heeft het oude houten bouwwerk plaatsgemaakt voor een moderne hoofdtribune. Tot de grond afgebroken en opnieuw opgebouwd. Precies op tijd klaar voor het EK dat vrijdagavond begon.

Op één duidelijke verwijzing na – de achterkant van het stadion is met hout bekleed – is niks aan de hoofdtribune meer hetzelfde. Het stadion, vernoemd naar oud-voorzitter Joop Wagener van de hockeyclub Amsterdam, had een enorme historische waarde. In 1938, bijna tachtig jaar geleden, werd het gebouwd door hockeyclub Amsterdam. Eind jaren zeventig nam de gemeente Amsterdam het beheer en onderhoud over omdat de club de kosten niet meer kon dekken.

Oud-international Ties Kruize in het nieuwe Wagener stadion. Foto Bastiaan Heus

Het nationale hockeystadion

Sinds 1980 is het stadion in eigendom van hockeybond KNHB. De verbouwing van nu, zo’n 5 miljoen euro, werd bekostigd door de bond en de gemeente Amsterdam. Het stadion heeft een capaciteit van 7.600 plaatsen. Tijdens het EK wordt die uitgebreid tot 10.000.

Het nationale hockeystadion zou al in 1940 het decor vormen voor het eerste WK hockey. Maar door de Duitse bezetting werd het toernooi nooit gespeeld. Pas in 1973 kreeg Amstelveen alsnog een WK toegewezen. Het werd een van de absolute hoogtepunten in de Nederlandse hockeygeschiedenis.

Dat WK was het eerste grote internationale toernooi in het Wagener Stadion. Er zouden er nog vele volgen: in totaal kreeg het stadion sinds 1973 twee WK’s, drie EK’s en liefst acht Champions Trophy’s toebedeeld. In 1973 schopte Nederland het tegen alle verwachtingen in tot de finale en kroonde zich tot wereldkampioen, in een tijd waarin de hockeygrootmachten India en Pakistan nog de dienst uitmaakten.

Dat WK was zo mooi omdat het hier was. In eigen land en in dit echte hockeystadion.

Strafballen tegen India

Een hoofdrol bij Nederland was weggelegd voor Kruize. In de finale poetste hij een 0-2 achterstand weg. In de verlenging werd het team gered door doelman Maarten Sikking, die in de laatste minuten een Indiase strafbal stopte. Strafballen moesten de beslissing brengen. Opnieuw was Sikking de grote man. Hij pakte twee ballen, Nederland won zijn eerste wereldgoud. „Dat WK was zo mooi omdat het hier was. In eigen land en in dit echte hockeystadion”, zegt Kruize. Hij weet nog hoe vol het stadion was, zag prinses Beatrix tussen het publiek zitten. „Met zoveel Nederlanders, allemaal in het oranje, dan kan en mag je niet verliezen.”

Het toernooi betekende een doorbraak in het hockey in Nederland. Voor het eerst werden wedstrijden live op televisie uitgezonden. In zwart-wit kon Nederland zien hoe een nationale sportploeg voor het eerst wereldkampioen werd. In de nu strak afgewerkte catacomben herinnert Kruize zich hoe hij en zijn teamgenoten op deze plek stonden. „Barstensvol zat het. Als je dan het veld op mag met achtduizend mensen op de tribunes, dat is briljant. En kippenvel natuurlijk.”

Nederland wordt in het Wagener Stadion wereldkampioen in 1973, met van links naar rechts: André Bolhuis, Ron Steens, Jeroen Zweerts, Ties Kruize, Paul Litjens en Frans Spits. Foto Ben Hansen/ANP

De wedstrijd werd nog gespeeld op echt gras. In de decennia erna werd dat wereldwijd steeds meer vervangen door kunstgras. Het natuurgras van het Wagener Stadion lag het er altijd strak bij, ook in 1973. Dat was lang niet overal het geval, zegt Kruize. „De ene keer speelde je in een knollentuin, de andere keer op een biljartlaken. Het heeft wel iets moois, de geur alleen al. Ik weet zeker dat alle spelers die nog op gras gespeeld hebben, daar met plezier aan terugdenken.”

Wat het Wembley was voor voetbal, was het Wagener voor het hockey, vindt Kruize. Dat er nu iets nieuws staat, is alleen maar goed, zegt hij. Het voldoet weer aan de eisen van de tijd. Maar veel hockeyliefhebbers waren gehecht aan de houten bankjes, de bruine trappen en zelfs aan de palen die het zicht blokkeerden.

EK als deadline

Er was een lang proces aan voorafgegaan. Plannen om te vernieuwen lagen er al sinds 2007, maar het zou nog tien jaar duren. Het EK dat deze week wordt gespeeld gold als deadline, vertelt KNHB-directeur Erik Gerritsen.

Het WK-team van 1973 komt nog regelmatig bij elkaar. Eerst om de tien jaar, toen om de vijf jaar en nu jaarlijks. Ze worden een dagje ouder. Dit jaar staat de reünie gepland voor de zondag van het finaleweekend van het EK, volgende week. Kruize: „We gaan vroeg een potje golfen en daarna samen naar de finale.”

Die reünie is niet meer met het volledige team. Doelman Sikking overleed in 2009. De coach van toen Ab van Grimbergen, inmiddels 87 jaar, is er nog wel bij. Verhalen ophalen is altijd goed, zegt Kruize. Regelmatig wordt teruggedacht aan begin van dat eerste gouden WK. „We gingen erin met het idee dat we goed konden presteren. Je moet natuurlijk nooit zeggen dat je wereldkampioen wordt, maar je kan wel zeggen dat er iets te halen valt. En dat was toen. Alleen, het liep allemaal even anders.” De eerste wedstrijd tegen Argentinië eindigde gelijk. Daarna verloor de ploeg van Pakistan. „Na twee wedstrijden stonden we op één punt en we wilden wereldkampioen worden.”

We spelen in óns Wagener. We hebben het letterlijk afgebroken zien worden en weer zien opbouwen.

Oranje-effect

Het oranje-effect, daar gelooft de optimistische Kruize sterk in. In hetzelfde Wagener Stadion werden de Nederlandse vrouwen in 1986 wereldkampioen, met onder anderen Marjolein Bolhuis, Lisanne Lejeune En Elsemieke Havenga. Het WK van 1998 in het stadion van FC Utrecht en het WK van 2014 in het stadion van ADO Den Haag leverden eveneens Nederlandse wereldtitels op. „Ieder toernooi in eigen land is mooi voor sporters, in welke sport dan ook. Bij hockey is het ook zo dat je dan pas ziet hoe groot het kan zijn. Dat geeft zeker een boost.”

Ook Marloes Keetels, aanvoerder van de Nederlandse vrouwenploeg, denkt nog meer motivatie te krijgen van oranjefans en volle tribunes. En wat het extra bijzonder maakt, is de locatie. „We spelen in óns Wagener. Iedereen heeft hier weleens gespeeld en we hebben hier in de voorbereiding getraind. We hebben het dus letterlijk afgebroken zien worden en weer zien opbouwen.”