Column

Beelden terreur worden behang op televisie

Zap

Na een aanslag komt de mediamachine zeer snel op gang. Dat is niet gek, maar meer reflectie bij redacties kan geen kwaad. Op dat vlak kan de Nederlandse tv iets leren van het Duitse journaal.

Nieuwsuur (NOS / NTR) over de terreur in Spanje.

Vier agenten die met hun wapens in de aanslag een straat uitkammen. Een witte bestelbus met een ingedeukt front. Verwarde, gewonde mensen op de grond. Deze beelden gingen donderdag de wereld over. De aanslag in Barcelona activeerde in nieuwsjagers de wens om zo dicht mogelijk bij de brandhaard van het nieuws te komen.

Vooral bij de NOS zijn ze daar altijd bijzonder gedreven in. Ooggetuigen via de telefoon die brokstukken hebben gezien, maar verder geen idee hebben over de situatie. Verslaggevers, ook aan de telefoon of ergens in de buurt, die de bekende feiten blijven herhalen, omdat nog maar weinig bekend is. En gasten in de studio die het beetje informatie dat er is proberen te duiden. Omdat het publiek aan het einde van het item vergeten zou kunnen zijn waar het ook alweer over ging, herhaalden ze alle net genoemde feiten en vermoedens voor de zekerheid nog een keer.

Het lijkt altijd alsof verslaggevers bij dit soort gebeurtenissen in een soort collectieve adrenalinerush belanden waarin geen redactielid in staat is vanaf een afstandje te reflecteren waar men mee bezig is. Het gebeurt nu! Het is live! En wij zitten er bovenop! Bij de BBC deed de verslaggever zelfs lopend verslag, weggestuurd door de politie. Toen de presentator na een ander interview weer bij hem terug kwam, liep hij nog steeds. Het was immers nog aan de gang, leek hij te willen zeggen.

Natuurlijk moet er gemeld worden wat er is gebeurd. Natuurlijk wil je een ooggetuigenverslag en een reporter ter plaatse. Maar welke toegevoegde waarde heeft de eindeloze herhaling van amateurbeelden, gefilmd met mobiele telefoons, van rennende mensen, slachtoffers op de grond en hulpverleners die de filmers juist weg proberen te sturen?

In de talkshows werden de beelden een soort behang. Terwijl deskundigen probeerden uit te leggen dat het op zich heel veilig is in Europa en speculeren weinig zin heeft, constateerden zowel Eva Jinek als Beau van Erven Dorens dat „we het hier al zo vaak over hebben gehad.” Klopt. Na elke aanslag gaat de mediamachine rollen. Dat is ook niet gek, een aanslag is groot nieuws, maar de erop volgende discussies voegen weinig toe. Ja, Spanje was vrij goed voorbereid. Nee, dit soort aanslagen valt nooit helemaal te voorkomen. En natuurlijk is het een schokkende gebeurtenis.

Bij Nieuwsuur vatte oud-Spanjecorrespondent Jessica van Spengen samen wat de deskundigen in alle programma’s aan de orde probeerden te stellen: „Het gaat om de impact. De angst en haat die ontstaan, dat is wat IS wil.” „Dus dit is precies waar die terreur voor bedoeld is,” concludeerde Eelco Bosch van Rosenthal. Hij leek niet te beseffen dat hij en zijn collega’s onbedoeld meewerken aan die impact door de beelden constant te herhalen.

Hier in Nederland vinden we het Duitse journaal vaak oerdegelijk en saai. Ook nu berichtten de nieuwsprogramma’s van de eerste en tweede Duitse publieke zender met meer afstand. Het Heute Journal (ZDF) was echter het enige nieuwsprogramma dat reflecteerde op de taak van journalisten bij dit soort gebeurtenissen.

„We berichten erover, want het is onze plicht u te informeren,” zei presentator Claus Kleber. „Maar we kiezen ervoor alleen de belangrijkste feiten te tonen, omdat we niet willen speculeren en ook niet aan de wens van de daders willen voldoen.” Iets van deze reflectie zou in de Nederlandse televisieverslaggeving niet misstaan.

Birte Schohaus schreef de afgelopen twee weken de tv-recensie.