Groei, groei, groei, maar waar blijven de loonstijgingen?

Arbeidsmarkt

De economie dendert voort. Werkgevers waarschuwen voor tekorten op de arbeidsmarkt. Maar de loongroei blijft achter. Hoe komt dat?

Er wringt iets. De economie maakte in het tweede kwartaal een zeldzame groeispurt, van 1,5 procent. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) telde 10,2 miljoen banen: vast en flexibel, voltijd en deeltijd.

Maand na maand klagen werkgevers steeds luider over tekorten op de arbeidsmarkt. Toch blijft de stijging van de cao-lonen achter bij de economische groei: 1,6 procent tegenover de 3,3 procent die het CBS voorspelt voor heel 2017.

Meer groei, meer winst, meer banen, maar serieuze loongroei? Ho maar.

Dat is een kwestie van tijd, zeggen economen en werkgevers. De groei vertaalt zich op enig moment in hogere lonen. Zo is het in de economie steeds gegaan. Maar zijn de resultaten uit het verleden nog steeds een garantie voor de toekomst?

Drie redenen dat de historische patronen hun pit verloren hebben.

  1. Er is stuwmeer van mensen die wel (meer) willen werken

    Extra ‘handjes’ zorgen zo op een soepele manier voor meer bedrijvigheid, zonder dat een ouderwetse loonexplosie optreedt. De overvloed aan arbeid valt in drie segmenten uiteen.

    De eerste is de minst zichtbare: Europese arbeidsmigratie. Het Europese achterland tot in Roemenië toe is onderdeel van de Nederlandse arbeidsmarkt geworden.

    De twee andere segmenten zijn zichtbaarder. Er is om te beginnen een onbenut arbeidspotentieel van bijna 1,3 miljoen mensen, zo becijferde het CBS. Dat potentieel bestaat voor tweederde uit werkloze mensen die actief een baan zoeken én uit mensen die in deeltijd werken, maar best extra uren willen maken.

    Lees hier hoe de economische groeispurt eruit ziet: De groeispurt van de Nederlandse economie in vijf trends

    De overvloed aan arbeid is óók zichtbaar in de ruim een miljoen zzp’ers die Nederland telt. Een deel van hen moest in de economische malaise inleveren. Minder uren. Concessies in hun tarieven om aan de slag te blijven. Nu de economie accelereert kunnen zij hogere tarieven eisen. Maar zij staan buiten de cao’s die werkgevers en vakbonden sluiten.

  2. Er is meer variëteit in arbeidscontracten en beloningen

    Werkgevers hebben meer te kiezen en zij kiezen anders dan voorheen. Ze hebben meer te kiezen omdat de variëteit van arbeidscontracten én beloningen ruimer is dan ooit. Vast. Flexibel. Uitzendkracht. Zzp’er. Beloning per uur. Per project. Cao-loon. Winstdeling. Beloning in aandelen.

    Elke variëteit heeft haar eigen kostenplaatje voor de werkgever en biedt haar eigen beleving voor de werkende, zoals perspectief en loyaliteit.

    Maar werkgevers maken ook andere keuzes. Een van de opmerkelijkste trends is het hardnekkig lage aandeel van het nationaal inkomen dat toevalt aan de werknemers, de zogeheten arbeidsinkomensquote. Van elke euro nationaal inkomen gaat dit jaar ruim 72 cent naar de werknemers (de ‘factor’ arbeid), verwacht het Centraal Planbureau. Dat stijgt naar nog geen 73 cent in 2018. De rest van de euro nationaal inkomen gaat naar winst en rente, zeg maar: de opbrengst voor geldschieters (de ‘factor’ kapitaal). Dat duidt erop dat bedrijven een strak financieel beleid voeren, gericht op beheersing van personeelskosten en lonen.

  3. Nieuwe regels op de arbeidsmarkt maken bazen kopschuw

    Werkgevers reageren zuinig op de nieuwe regels op de arbeidsmarkt van het VVD-PvdA-kabinet Rutte II. Ontslag is duur. En zieke werknemers moeten, door een al wat oudere wet, twee jaar doorbetaald worden. Werkgevers zijn huiveriger geworden om personeel in dienst te nemen. Ook dat tempert loonstijgingen.

    Werkgevers zoeken zekerheid en die zekerheid biedt de uitzendsector. Dat gebeurt op het moment dat de aantrekkende economie de uitzendbureaus een duwtje in de rug geeft. Bedrijven huren uitzendkrachten in en verlengen die contracten inmiddels ook al. Vandaar dat de uitzendbranche de laatste drie jaar de helft van de nieuwe banen voor zijn rekening nam.

    Gaat de kabinetsformatie verandering brengen in de regels? Zeker. Het vaste contract moet aantrekkelijker worden, vinden alle vier de onderhandelende partijen. Ontslag moet makkelijker worden, vinden zij, zodat werkgevers meer mensen durven aan te nemen. Goed nieuws voor werkgevers dus. Maar CDA, D66 en ChristenUnie willen óók meer bescherming voor flexwerkers en zzp’ers.