Vergeten parels uit Kaapverdië

Festival Magia De Kaapverdiaanse zanger Americo Brito speelde een belangrijke rol in de niet-westerse muziekcultuur van Rotterdam. Zaterdag opent hij het nieuwe Festival Magia.

Americo Brito, ambassadeur van Festival Magia Foto Willem de Kam

‘Hier zaten vroeger allemaal discotheken.” Americo Brito (59) wijst vanaf het Hofplein richting Rotterdam CS. Vroeger, dat is ruim dertig jaar geleden, toen hij behalve muzikant ook nog dj was. Draaide hij in de ene tent tot 4 uur ’s nachts, daarna in de volgende tot het ochtendgloren. Met zijn band en platen verspreidde hij de Kaapverdiaanse funana, coladeira en andere Afrikaanse muziekstijlen. Nu ziet hij vooral kantoorpanden, de muziek lijkt verdwenen. Maar op een aftandse parkeerplaats draait Brito zich naar een jongere vriend. „Waar ga je eigenlijk het podium neerzetten?”

Festivalorganisator Niels Nieuborg (37) wijst naar een plek waar nu alleen nog auto’s staan. Festival Magia, dat zaterdag zijn eerste editie beleeft, zal plaatsvinden op het parkeerterrein achter Annabel, Bar en Biergarten, want clubs en horeca zitten er nog wel degelijk. Nieuborg wil weer iets van de tropische swing terugbrengen in de stad, met een festival dat de opzet heeft van een blockparty: je zet een stuk van de straat af, steekt de barbecue aan, bands en dj’s verzorgen de muziek.

Americo Brito, de Kaapverdiaanse Rotterdammer die veel betekende voor de niet-westerse muziekcultuur van de stad, zal het festival openen met zijn inmiddels weer populaire muziek uit zijn jeugd. De programmering van Magia is een samenraapsel van oude helden en jonge dj’s die elkaars invloeden maar wat graag gebruiken. Nieuborg: „Het aantal plekken voor niet-westerse muziek in Nederland is sterk teruggelopen. Tegelijkertijd zie je op dancefestivals als Pitch en Dekmantel dat er Afrikaanse acts als headliner staan. Dat vond ik zo’n interessant gegeven dat ik er iets mee wilde doen.”

Dat resulteert in een festival zonder grote namen, die zijn te duur, maar met namen die nieuwsgierig maken. Mdou Moctar is een gitarist uit Niger die een soort Prince van de woestijnrock is, DJ Katapila vermengt zijn Ghanese achtergrond met house in Detroit- en Chicago-stijl (bron), Bruxas is het nieuwe, tropische project van onder anderen Jacco Gardner. Op papier is Magia een festival met een hoog fijnproeversgehalte, maar door het gratis toegankelijk te maken moet het aantrekkelijk worden voor jongere muziekliefhebbers uit alle culturen.

Opeens moest er geld worden verdiend

Brito herkent veel van zijn eigen aanpak in die van Nieuborg. Als twintiger zocht hij een plek om te spelen en begon met het organiseren van concerten rond de Euromast, met Kaapverdianen, Antillianen, Surinamers, eigenlijk met iedereen die zin had. „In die tijd kon je overal subsidie voor krijgen, we konden echt iets moois maken.” Maar al snel werd het grootschaliger. „Voor mij was het gewoon een leuke speelplek, maar opeens moest er geld mee verdiend worden.”

De concerten groeiden uit tot het Dunya Festival, een naam die Brito zegt nog te hebben verzonnen. Dunya werd tussen 1977 en 2012 het belangrijkste festival voor niet-westerse muziek in Rotterdam. Maar Brito trok zich terug, de lol was ervanaf, hij ging door naar nieuwe uitdagingen. Hij was betrokken bij de oprichting van het Zomercarnaval in 1984, dat voortkwam uit de Kaapverdiaanse en Antilliaanse gemeenschap.

Ook de naam Magia komt uit de koker van Brito. Het woord staat centraal in een liedje dat hij maakte met Nieuborg, die behalve festivalorganisator ook producer is. Gevraagd naar de juiste uitspraak klinkt een zangerig Portugees ‘Maadzjia’ uit Brito’s mond. Maar de betekenis is lastiger te verwoorden. „Natuurlijk betekent het zoiets als magie, iets met het bovennatuurlijke, maar dat is niet precies wat we bedoelen. Het gaat om de kracht van de muziek. Soms kun je als muzikant het publiek naar een andere wereld trekken. Ook als ze de tekst niet verstaan of de stijl niet kennen. Dat is magia.”

Precies daarom was het voor Nieuborg de juiste titel voor het festival. „De integratie van niet-westerse muziek in andere stijlen is nu echt overal. Het is geen hype, het is bestendig.” Waar vroeger nog geforceerd gezocht werd naar nieuwe combinaties, gebeurt het nu veel natuurlijker doordat in wereldsteden culturele uitwisseling vanzelfsprekend is. Op het festival staat bijvoorbeeld Janka Nabay uit Sierra Leone die in New York een hippe band vormde waarmee hij zijn eeuwenoude islamitische muziek van elektronische beats voorziet.

Brito herrijst

Tegelijk maakt Nieuborg graag gebruik van wat hij de reissue-boom noemt, de heruitgave van oude lp’s en singletjes die gelden als vergeten parels onder dj’s. Zo ontdekte hij dat de funk- en jazzplaten van de Nederlands-Surinaamse fluitist Ronald Snijders (bron) werden gezocht door verzamelaars van Londen tot Rio de Janeiro. Op het festival speelt Snijders met de Braziliaanse zanger en verzamelaar Ed Motta en met de Amerikaanse percussionist Bill Summers, onder meer bekend van zijn werk bij Herbie Hancocks Headhunters.

Op dezelfde manier wordt Brito ook geherintroduceerd bij een jong publiek. Dat hij het festival opent met de Kaapverdiaanse muziek vol psychedelische invloeden die hij drie, vier decennia geleden maakte, is minder raar dan het lijkt. Vorig jaar zag Brito nog dat zijn goede vriend Bitori op Lowlands stond met traditionele funana, opzwepende accordeonmuziek. Hij had de Duitse dj die Bitori ‘herontdekte’ zelf op het spoor gezet.

De eigenaar van het hippe reissue-label Analog Africa was bij hem thuis geweest, Brito had hem zijn dubbele lp’s en de contactgegevens van tientallen Kaapverdiaanse muzikanten gegeven. Inmiddels zitten meer dj’s achter Brito aan. Voor zijn originele platen wordt soms ruim boven de 100 euro geboden. Hij hoopt zijn oude albums uit de jaren zeventig en tachtig binnenkort ook opnieuw te kunnen uitgeven. „Ik ben op de top geweest, ik ben dood en begraven geweest. Nu ben ik opgegraven en kom ik terug.”