Commentaar

BKR dient flexibel te zijn bij schrappen van registraties van schuld

Dat mensen met problematische schulden jaren bezig kunnen zijn om hun leven weer op de rails te krijgen, is geen nieuws. Ook niet in de zomer. Wel nieuws is dat zelfs burgers met bagatelschulden van jaren her tegen de muur kunnen lopen en geen nieuw huis kunnen kopen.

Dit weekend beschreef NRC de gevolgen van een conflict tussen het Bureau Krediet Registratie (BKR) en een juridisch adviesbureau dat burgers tegen disproportionele registratie wil beschermen. Die mogelijkheid bestaat sinds de Hoge Raad in 2011 beval dat het kredietregister valt onder de Wet Bescherming Persoonsgegevens. En dan behoort een registratie die een onevenredige inbreuk maakt op de belangen van de burger te kunnen worden geschrapt: proportionaliteit dus. Ook moet het doel van opname in het BKR niet op een andere, minder bezwarende manier kunnen worden bereikt: subsidiariteit dus. Kredietverstrekkers moeten de mogelijkheid hebben om na een zelfstandige afweging een registratie in te trekken, zodat de lei weer schoon is en bijvoorbeeld het verstrekken van een hypotheek (weer) mogelijk is.

Dit alles juist om te voorkomen dat burgers door een vergeten rekening, een onnozele fout of een omstandigheid buiten schuld de volledige vijfjaarstermijn van de registratie moeten uitzitten. Hoewel het BKR betwist dat dergelijke aanpassingen niet meer mogelijk zijn, blijkt in de praktijk dat de deur gesloten is.

Dat roept vragen op – over de macht van en het toezicht op BKR dat gegevens van meer dan tien miljoen burgers beheert. Over de volgzaamheid van de kredietverstrekkers die een BKR reglement gedogen dat burgers rechten ontzegt die het van de Hoge Raad had gekregen. Over de orthodoxie van BKR die niets wil schrappen omdat het bevreesd is voor ‘geschiedvervalsing’. En vervolgens iedereen naar de rechter of de geschillencommissie dwingt – zodat iedere redelijkheid, billijkheid of coulance al bij voorbaat uitgesloten is. Vooral die houding is zeer onjuist voor een particuliere instantie met een semi publieke taak, waar iedereen op is aangewezen.

Nu zal het arrest van de HR dat schrapping van disproportionele registraties uit BKR mogelijk maakt, niet de eerste rechterlijke uitspraak zijn waar de verliezende partij zich onderuit probeert te manoeuvreren. Rechters beslissen, maar daarmee lossen ze geschillen lang niet altijd op. Verliezende partijen die chicaneren, nieuwe omstandigheden of regels creëren, nieuwe bezwaren ontdekken – het komt allemaal voor. Hier is BKR de rechtsstrijd aangegaan met de juridische dienstverleners zelf, zonder resultaat, overigens. Dat neigt naar kinderachtige gelijkhebberigheid.

Het lijkt meer dan gewenst dat banken, verzekeraars en overheid BKR tot de orde roepen. En dat BKR tot inkeer komt. Deze instelling slaat hier een vlieg dood met een voorhamer: wie tien jaar geleden 300 euro vergat te betalen, maar sindsdien een normaal inkomen en dito vermogenspositie heeft, behoeft helemaal geen hypotheek te worden ontzegd. Althans niet om die 300 euro. Dat is in niemands belang.

De kredietregistratie van de burger heeft als doel overkreditering te voorkomen en de burger en kredietverlener tegen elkaar te beschermen. Zo’n database mag een dynamisch karakter hebben. BKR is geen kadaster, justitiële documentatie of een bevolkingsadministratie, maar moet vooral actueel zijn. En zelfs van een strafblad worden feiten ooit na verjaring verwijderd. De feiten waar het hier om gaat, zouden niet eens geregistreerd hoeven worden.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie.