Britse vruchtencake is na een eeuw nog ‘bijna eetbaar’

Poolexpeditie

In het oudste bouwwerk op Antarctica, gebruikt tijdens Scotts Terra Nova-expeditie (1910-1913), is een goed bewaarde cake gevonden.

De antieke vruchtencake zat in vetvrij papier gewikkeld in blik. Het blik is er niet best meer aan toe, maar de cake verkeert nog in uitstekende staat. Foto Antarctic Heritage Trust

Ouwe koek, maar nog opmerkelijk vers. Onderzoekers van de Nieuw-Zeelandse Antarctic Heritage Trust (AHT) hebben op Antarctica een meer dan honderd jaar oude, maar onbedorven vruchtencake gevonden, maakten ze vrijdag bekend. Het is een overblijfsel van de Terra Nova-expeditie (1910-1913) onder leiding van poolvorser Robert Falcon Scott.

De cake lag in een hut die in 1899 is gebouwd op Kaap Adare, een landtong aan de Ross Zee, door de Zuidpoolexpeditie van de Noor Carsten Borchgrevink. In 1911 diende de hut als tijdelijk onderkomen voor een deel van Scotts expeditie.

De Britse koekenbakkersfirma Huntley & Palmers, die nog steeds bestaat, verscheepte aan het begin van de vorige eeuw ingeblikte vruchtencake over de hele wereld. Scott, een Britse marineofficier, nam een grote partij mee naar de Zuidpool.

Eén verpakking met cake is nu teruggevonden in de hut op Kaap Adare. De cake is gewikkeld in vetvrij papier en daarna ingeblikt. Van het blik is weinig meer over, maar de cake, zo meldde AHT in een persbericht, is in uitstekende staat. Afgezien van „een heel, heel flauwe geur van ranzige boter ruikt en oogt hij bijna eetbaar”. De organisatie schrijft de opmerkelijke conservering toe aan het extreem koude en droge poolklimaat.

Scott koos voor de in Groot-Brittannië nog steeds populaire vruchtencake omdat een poolreiziger, zo had hij op zijn eerste expeditie in 1902-1904 geleerd, behoefte heeft aan voedsel met een hoog vet- en suikergehalte.

In het basiskamp van de Terra Nova-expeditie, aan Kaap Evans, stond een grotere hut van 15 meter lang. Die is nog helemaal intact en daar vond de Antarctic Heritage Trust in 2009 een partij bevroren boter. De boter had Scott op de heenweg pas ingeslagen in Nieuw Zeeland, omdat die, bederfelijk als hij is, de zeereis door de tropen niet zou hebben doorstaan.

De zogenoemde ‘Northern Party’ van de Terra Nova-expeditie – Kaap Adare is zo’n zevenhonderd kilometer noordelijker dan Kaap Evans – bestond uit zes man en werd aangevoerd door marine-luitenant Victor Campbell. Het zestal (naast Campbell een geoloog, een chirurg en drie militairen) observeerde in 1911 op Kaap Adare onder meer het gedrag van Adelie-penguins. De expeditieleden overwinterden ter plaatse. Ze bouwden een nieuwe hut en zolang die nog niet af was, bivakkeerden ze in het oude onderkomen van Borchgevink.

De nieuwe hut is al jaren ingestort, maar de Noorse hut, het oudste bouwwerk op Antarctica, staat nog overeind en is door een AHT-team aan een nauwkeurig onderzoek onderworpen. Tussen zo’n 1.500 artefacten vonden ze ook de vruchtencake.

Expeditieleider Scott wilde dat vertegenwoordigers van het Britse Rijk als eersten de Zuidpool zouden bereiken. Met vier anderen kwam hij daar na een lange voettocht op 17 januari 1912 aan.

Toen ontdekten ze dat de Noor Roald Amundsen hen 33 dagen voor was geweest. Gedesillusioneerd aanvaardden ze de terugtocht naar het basiskamp, maar dat hebben ze nooit bereikt. Zo’n 18 kilometer van de dichtstbijzijnde bevoorradingspost zijn ze bezweken.

Hun lichamen en tent werden na acht maanden gevonden en afgedekt met sneeuw en ijs. Zij zijn intussen deel geworden van de reusachtige ijsplaat in de Ross Zee.