Column

Ook Israël doet mee in golf van persbreidel in de regio

Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt op deze plaats elke week de feiten van de hypes.

Midden-Oosterse leiders zouden het ook van deze kant kunnen bekijken: als ze een onafhankelijke pers in leven lieten, hadden ze juist de mogelijkheid om onwelkom nieuws als flauwekul van de nepmedia weg te wuiven. Zie @realDonaldTrump op Twitter. Ik vond nota bene een lijst van alle tweets waarin Trump Fake News van de een of andere wandaad beschuldigt, een stuk of vijftig sinds december 2016. „So they caught Fake News CNN cold, but what about NBC, CBS & ABC? What about the failing @nytimes & @washingtonpost? They are all Fake News!” Slim!

Maar nee. Verbieden, afknijpen, blokkeren. Vandaag ga ik weer over de personvrijheid, omdat het altijd erg is in het Midden-Oosten met de breidel van de pers, maar er duidelijk een trend is naar nog erger. De Golfstaten die gewoon sluiting van alle door Qatar betaalde media eisen. Of neem Turkije, waar het niet zo lang geleden een stuk beter is geweest. Vorige week werden er weer arrestatiebevelen uitgevaardigd tegen negen journalisten, op beschuldiging van lidmaatschap van een terroristische organisatie, de mislukte coup dus. Er zijn inmiddels 150 bladen en andere media verboden en ongeveer 160 journalisten vastgezet. O nee, „misdadigers”, „terroristen” en „vandalen”, zegt president Erdogan, geen journalisten.

In Egypte is de complete gevestigde pers al tot volgzaamheid geïntimideerd. De autoriteiten gaan nu achter ieder individu aan die op de een of andere manier aan hun houdgreep probeert te ontsnappen. Dus na de sluiting van bekende websites als Mada Masr of Daily News Egypt zijn vandaag persoonlijke blogs aan de beurt waarmee journalisten de verboden proberen te omzeilen.

De Palestijnse autoriteiten doen ook mee. Die hebben nu een wet doorgevoerd die inbreuken op internet op de „nationale eenheid” en op „sociale harmonie” strafbaar stelt. En niet zo’n beetje: daarop staat nu drie tot vijftien jaar gevangenis met dwangarbeid. De Palestijnse minister van Justitie kan elke website blokkeren en internetproviders moeten meewerken met de inlichtingendiensten. Nationale eenheid, sociale harmonie en publieke manieren zijn lekker brede begrippen. Op basis daarvan kan iedereen die een de macht onwelgevallig bericht op internet plaatst naar de gevangenis worden gesleurd. Wat ook daadwerkelijk gebeurt; waarom heb je anders zo’n wet?

Ik had niet gedacht dat Israël zich nog meer aan Midden-Oosterse gewoontes zou aanpassen door Al Jazeera te willen verbieden. Met zoveel woorden verwijzend naar Saoedi-Arabië c.s. nota bene. Israël ergert zich al jaren aan Al Jazeera’s beelden, over het neerslaan van Palestijns protest, of het „snoeien” van Palestijnse olijfbomen door kolonisten of de oorlog in de Gazastrook (hoewel ook altijd Israëlische autoriteiten aan het woord worden gelaten). Premier Netanyahu en minister van Communicatie Kara noemen dat nu „opruiing”, zonder overigens concrete voorbeelden te geven.

Israël is nog steeds een democratie, dus moet de regering nog bij een aantal instanties langs, en het is niet zeker dat Al Jazeera’s bureau wordt gesloten en zijn journalisten hun perskaart kwijtraken. Ik wil ook niet zeggen dat Israëlische media nu voor hun voortbestaan moeten vrezen (hoewel, hoewel: las u vorige week de tirade van Netanyahu tegen „links en de media” die proberen zijn regering omver te werpen?).

Maar, autoriteiten in het algemeen: al dat verbieden werkt alleen maar tegen u. Uw burgers lachen om uw goednieuwsmedia en doen extra hun best uw blokkades te omzeilen. Dat leidt uiteindelijk niet tot minder maar méér spanningen, en u herinnert zich uit 2011 waartoe die leiden.