Nieuw PSV speelt meer met het hart dan met het hoofd

Eredivisie

Met Diego Maradona op de tribune herstelde PSV zich van de klap in de Europa League, met voetbal zoals het lang niet is gezien in Eindhoven.

Aanvoerder Marco van Ginkel van PSV heeft de 3-1 op het scorebord gezet voor zijn club. De Eindhovenaren wonnen hun eerste wedstrijd in de nieuwe competitie uiteindelijk met 3-2 van AZ. Foto Olaf Kraak/ANP

Het nummer van Opus schalt in de rust door de boxen van het Philips Stadion, met Diego Maradona als eregast op de tribune. Live is life nanananana, klinkt het. De gedachten gaan even terug naar 1989, toen de Argentijn met Napoli op bezoek bij Bayern München in de warming-up met losse veters achteloos de bal hoog hield. Gouden beelden, een YouTube-hit. Maradona, met zijn club Al Fujairah op trainingskamp in Noord-Brabant, klimt in Eindhoven op uit zijn stoel als hij het nummer hoort en zwaait rond met een shirt van PSV – met zijn naam en nummer 10 achterop.

Pluisje lacht, het publiek klapt, act geslaagd. Hij rookt een sigaar. Hij praat bij met Ruud Gullit, die hij kent uit zijn Italiaanse periode – van de clashes tegen AC Milan. En hij ziet PSV-aanwinst Hirving Lozano drie enorme kansen missen.

Het waren vorig seizoen vaak beproevingen, de zaterdagavonden in het Philips Stadion. Weinig goals, veel gelijke spelen, zielloos, te berekenend – ja, saai. Maar deze zomeravond voelt het, sinds lange tijd, weer goed in Eindhoven. Als het stadion leeg druppelt klinkt het Heaven van Bryan Adams je tegemoet, de Canadese rockveteraan geeft verderop op Strijp-S een optreden.

Het voetbal is bij vlagen zinnenprikkelend. Met het eerste volwaardige optreden van de 22-jarige Mexicaanse linksbuiten Hirving Lozano, een elastisch, ongrijpbaar, onstuitbaar mannetje, die de Noorse AZ-back Jonas Svensson dronken speelt. Lozano, hoewel veelal falend in de afwerking, lijkt het antwoord op wat PSV zo lang ontbrak, een creatieve brein in een selectie met veel lopers en waterdragers.

Het is een avond waar het ergste sacherijn na het Europese debacle tegen de Kroatische subtopper NK Osijek wordt weggespeeld. En, belangrijker, de dreigende crisis wordt door de moeizame 3-2 op AZ naar de achtergrond gedrukt, voor dit moment.

PSV-coach Phillip Cocu, veel bekritiseerd op het gebrek aan vermaak, heeft ingegrepen. Tikkie breed is tikkie vooruit geworden, controle is avonturisme geworden. Al is het nog te prematuur om conclusies te trekken, op basis van de eerste competitiewedstrijd.

Wel is de koerswijziging, in het licht van Cocu zijn opvattingen, rigoureus te noemen. Voor zijn doen is het spel extreem aanvallend tegen AZ, met Gastón Pereiro als ‘nummer tien’ achter spits Jürgen Locadia. Met aan de zijkanten Lozano (links) en Steven Bergwijn (rechts). Ofwel: vier pure aanvallers. Waar PSV voorheen voornamelijk opereerde met drie middenvelders, wordt de balans rond de middenlinie nu enkel bewaakt door aanvoerder Marco van Ginkel en Jorrit Hendrix.

En dat levert, zo bij het ontluiken van het seizoen, een flipperkastwedstrijd op, geholpen door AZ dat met coach John van den Brom vermaak nastreeft. Het is attractief, soms spectaculair – met als smet de trieste aftocht van AZ-talent Calvin Stengs die zijn knie zwaar blesseerde. Iedere dieptepass is bijna een assist – het had ook zomaar 6-6 kunnen worden.

Het is voetbal zoals het bedoeld is en zoals ze het afgelopen jaar te weinig hebben gezien in Eindhoven. Veel is anders bij PSV. Het geraamte is ontmanteld door het vertrek van Andrés Guardado, Héctor Moreno en Davy Pröpper. Plus de op een zijspoor rakende ex-clubtopscorer Luuk de Jong, die tegen AZ op de bank bleef en waarschijnlijk zal vertrekken.

Er moet opnieuw gebouwd worden, maar niet alle bouwstenen zijn voorhanden. Zo zoekt PSV na het vertrek van Jetro Willems nog naar een linksback. Dat werd na een half uur nog eens onderstreept, toen de onthutsend spelende (en rechtsbenige) Joshua Brenet gewisseld werd voor jeugdspeler Kenneth Paal.

Ergens moet Cocu tot het inzicht zijn gekomen dat hij moest zoeken naar een nieuw systeem, volgend op de uitschakeling voor de Europa League, de aanhoudende kritiek en de uittocht van zijn sterkhouders. „Wij hebben dit (nieuwe systeem, red) in de voorbereiding al eventjes gehanteerd”, zegt Cocu. „Je kijkt naar de balans in het team, het aantal doelpunten en hoe je rendement kunt halen.”

Vorig seizoen creëerde PSV genoeg kansen (527), maar was het met 68 goals niet efficiënt. „Ze gingen er gewoon niet in”, zei Pröpper onlangs in VI. Een doelpuntencrisis werd een vertrouwenscrisis, en culmineerde uiteindelijk in sportief verval. De analyse: er is vorig seizoen niet tijdig doorgeselecteerd en de honger ontbrak na twee jaar op rij met de landstitel.

Deze zomer is de selectie wel opgeschoond maar is Cocu aangewezen op een kern waarvan sommige spelers de afgelopen jaren niet goed genoeg werden bevonden voor een vaste basisplek, zoals Hendrix, Bergwijn, Locadia en Daniel Schwaab. De voormalige tweede garnituur moet het nu doen – dat geeft te denken. Lozano, die de 1-1 maakt, is naast Derrick Luckassen het enige nieuwe gezicht. Je zou PSV meer Lozano’s gunnen. De verwachting is dat technisch directeur Marcel Brands zich nog zal roeren op de transfermarkt, die over ruim twee weken sluit.

En dat is nodig, afgaande op zaterdag. Het PSV-fundament is nog wankel – met een nieuw systeem dat nog moet worden fijngeslepen en ogenschijnlijke kwaliteitsarmoede. Meeslepend was het, maar standvastig nog niet. In de tweede helft overvleugelt AZ de thuisploeg. Pijnpunten worden blootgelegd; de ruimtes tussen de linies zijn groot en er wordt onsamenhangend druk gezet.

De kostschool PSV is verworden tot een speeltuin in ontwikkeling. Meer voetbal met het hart, minder met het hoofd. Maradona zag dat het goed was – voor dit moment.