Genderneutraliteit

Luiers verschonen ontspringt de emancipatoire dans nog

Illustratie Cyprian Koscielniak

Aanspreekvormen worden genderneutraal, het feminisme beleeft een nieuwe bloeiperiode. Maar één aspect van het dagelijks leven lijkt de emancipatoire dans steeds te ontspringen: het verschonen van baby’s in horeca en andere openbare gelegenheden kan doorgaans alleen in het damestoilet. Als een soort anachronisme blijft dit fenomeen bestaan, alle maatschappelijke ontwikkelingen ten spijt. De vrouwelijke verschoonruimte reduceert de zich steeds meer emanciperende man weer tot de onbeholpen vaderfiguur die voor softe bezigheden als het reinigen van billen de baby snel in de handen van moeders moet duwen. En waar verschonen twee vaders hun kind? Of de man die op zijn ‘papadag’ in zijn eentje met de baby op sjouw is? Op de leestafel van de espressobar? Natuurlijk kunnen zij gewoon het damestoilet instappen. Maar de terughoudendheid daarvoor begrijp ik. Het is vooral de boodschap die van de combinatie ‘damestoilet’ en ‘verschoontafel’ uitgaat die echt niet meer kan. Daarnaast schijnt de hedendaagse man in een stevige identiteitscrisis te verkeren. Het plaatsen van een verschoontafel naast de urinoirs zou de dolkstoot kunnen betekenen voor zijn mannelijk bewustzijn. Tja, dat is misschien even slikken. Maar alles went. En als we „dames en heren„ kunnen afschaffen, moet het toch peanuts zijn om in café of pretpark niet langer de vrouwen te dwingen de luiers te doen.

Reactie Youp

‘Dierenhitler’ gaat te ver

Boeren vergelijken met Hitler gaat ver over grens van fatsoen

“Zelf eet ik, op een enkel plakje rauwe ham na, nooit varkensvlees. Niet uit religieuze overwegingen, maar volgens mij zijn er gewoon grenzen. Dierenhitlers sponsor je niet.” Een passage uit de column van Youp van ’t Hek afgelopen zaterdag (Krijspaleis, 4/8). Inderdaad. Er zijn grenzen. En die grenzen overschrijd je op het moment dat je onze boeren met Hitler gaat vergelijken.

Niet iedereen hoeft het van ons eens te zijn met hoe varkens in Nederland worden gehouden. Ook Youp niet. Als hij walging voelt voor de varkenshouderij, dan staat hem dit vrij. Youp zal misschien vinden dat varkenshouders precies dát doen wat Hitler ook deed. Ook dat mag hij vinden, al nemen wij daar scherp afstand van. Maar tussen iets vinden en ronduit stellen dat boeren ‘dierenhitlers’ zijn, zit een wereld van verschil.

Wij nemen signalen uit de maatschappij zeer serieus en werken keihard om aan alle maatschappelijke eisen te voldoen. Wij lopen niet weg voor kritiek. Hoe hard en scherp ook. Kritiek kunnen wij accepteren en helpt ons als voedselproducenten verder. Maar een vergelijking met Hitler zullen wij nooit accepteren.

Wel willen wij een uitweg vinden in deze polarisatie. Wij nodigen Youp dan ook graag uit om in gesprek te gaan met een van onze boeren. En met open vizier met deze boer te praten over de voors en tegens van de varkenshouderij.

Dan zorgen wij voor een rauw plakje ham.

Namens alle varkenshouders in Nederland,


voorzitter Producenten Organisatie Varkenshouderij

Gender en Taal

Het seksisme en han tegenstanders

Een kwestie die in het debat over genderneutraal taalgebruik opvallend onderbelicht blijft, is het ontbreken van een onzijdig bezittelijk voornaamwoord in het Nederlands. Deze omissie leidt in de praktijk tot geïnstitutionaliseerd seksistisch taalgebruik.

In het Nederlands bestaan drie woordgeslachten: mannelijk, vrouwelijk en onzijdig. Naar mannelijke woorden dient verwezen te worden met ‘zijn’, zoals in: De man en zijn onzekerheden. Naar vrouwelijke woorden moet verwezen worden met ‘haar’, zoals in: De vrouw en haar charmes. Door het ontbreken van een onzijdig bezittelijk voornaamwoord dient volgens de officiële regels naar onzijdige woorden ook verwezen te worden met ‘zijn’: Het kabinet en zijn beleidsplannen. In het geval van het-woorden met een duidelijk vrouwelijke inhoud, leidt deze regel tot storend masculien taakgebruik. Zoals in de volgende voorbeelden: Het feminisme en zijn aanhangsters / Het vrouw-zijn en zijn problemen. Hoog tijd dus om een onzijdig bezittelijk voornaamwoord. Dit zou het woord ‘han’ kunnen zijn, waarin ‘het’, ‘zijn’ en ‘haar’ samenkomen: Het seksisme en han tegenstanders. De vraag is of het lukt om zo’n nieuw voornaamwoord ingeburgerd te krijgen. De laatste die dit probeerde was P.C. Hooft, die het woord ‘hum’ aan het Nederlands probeerde toe te voegen (naar analogie van ‘hen’ en ‘hun’). In het manuscript van de ‘Nederlansche Historiën’ gebruikt Hooft als meewerkend voorwerp systematisch het nieuwe woord ‘hum’. In een latere versie veranderde hij, teleurgesteld door gebrek aan navolging, elk woord ‘hum’ weer in ‘hem’.


Neerlandicus en filosoof

Fipronil

Sisser

Het fipronil-

eierschandaal loopt voor de consument waarschijnlijk met een sisser af, althans dat willen het RIVM en wat professoren ons doen geloven.

Dit schandaal had, en dat wordt door weinig journalisten en columnisten genoemd, enorme gevolgen kunnen hebben voor de gezondheid van de consument.

We hebben domweg geluk gehad dat de giftgheid van fipronil en de aangetroffen concentraties in de eieren relatief gering waren.

Onze toezichthouders, de NVWA en ILT (Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit en deInspectie Leefomgeving en Transport), de controlerende instanties op de handel en het gebruik van biociden in de pluimveehouderij, hebben nogal wat uit te leggen. Vragen: al maandenlang doen geruchten de ronde dat er een nieuw middel op de markt was verschenen tegen bloedluis en onze toezichthouders wisten van niets. Worden kippenboeren niet regelmatig door genoemde diensten bezocht en eieren gecontroleerd? Is er iets mis met de uitvoering van die controles? Had de firma ChickFriend niet veel eerder op de handel in fipro-rein of Dega16 betrapt kunnen worden?

De NVWA en ILT, onze voedselveiligheidsbewakers hebben maandenlang niets gehoord en nergens van geweten. En zo hebben zij veel te laat gereageerd en de volksgezondheid op ongehoorde wijze in gevaar gebracht. Door effectieve controle had de NVWA dit schandaal moeten kunnen voorkomen.


Chemicus,