Buitenkijken: Waarom zou je Groessen ooit verlaten?

Thijs Wolzak fotografeert de hele zomer buiten. Deze week vier jonge jongens die nooit weg uit Groessen willen.

Voetbal „Niemand zal Groessen ooit verlaten”, zegt Bart van Ditshuizen, in de blauwe zwembroek. „Ik in ieder geval niet.” Het dorp telt zo’n tweeduizend inwoners en ligt precies tussen Duiven en Zevenaar in. Er is geen supermarkt. „Voor de boodschappen moet je 15 minuten fietsen”, vertelt Vincenzo Meijer, in het witte T-shirt. Er zijn geen cafés of terrassen, „wél een jongerensoos”. De vrienden Bart (16), Vincenzo (16), Hylko (17) en Ali (15) ontmoetten elkaar bij de voetbalkooi, toen ze nog op de enige basisschool van het dorp zaten. Tegenwoordig wordt er niet meer zo veel gevoetbald, behalve vandaag bij de afgraving in Loo, „de dichtstbijzijnde plek om te zwemmen”. Soms brengt de vader van Bart het opblaasbare motorbootje naar de plas.

Vrienden. De jongens horen bij een groep van „misschien wel vijftien man, ook meisjes” die bijna elke avond samenkomt bij een van hen thuis. Ze lachen en praten, „ook over persoonlijke dingen”. Ruzie? Nooit. „Wel discussies. Over voetbal.”

Schans Deze week gaat het vooral over de mini-Puch van Vincenzo. Van een oude pallet, hout en een kratje bouwden ze een schans in een weiland. Dat was lachen, niet iedereen was even goed. Bart zit onder de blauwe plekken en schrammen.

Goed De komende jaren gaan ze een voor een studeren. Bart civiele techniek in Arnhem, Vincenzo bedrijfskunde in Nijmegen, „denk ik”. Verliezen ze elkaar dan niet uit het oog? „We zijn nu ook verspreid over twee middelbare scholen, dus dat komt goed. Het komt goed.”