Column

‘Hollandse Zaken’ ontdekt de burn-out onder twintigers

Zap

Het discussieprogramma van Omroep MAX dook donderdag in een thema dat al jaren wordt besproken. Dat is niet erg, maar nieuwe inzichten leverde het niet op. Toch was er winst.

Cees Grimbergen luistert naar een twintiger met burn-outklachten (Omroep MAX).

Dat je alles wilt en kunt, betekent nog niet dat je het ook allemaal moet doen, was donderdag de strekking van de discussie bij Hollandse Zaken (Omroep MAX). Het thema: burn-out onder twintigers. Ik dacht eerst dat de aanleiding een artikel over dit onderwerp in Elsevier van een week geleden was, maar het bleek nog dichter bij huis. Tijdens hun zondagse ‘oude-mannen-voetbal’ had schooldirecteur Jaap Nelissen een tip voor presentator Cees Grimbergen: „Je moet eens aandacht besteden aan het grote aantal burn-outs onder twintigers.” En zo geschiedde.

Zoals het wel vaker gaat in de media wanneer een redacteur iets in zijn omgeving opmerkt, werd verder niet uitgezocht hoe nieuw dat idee daadwerkelijk is. Dit levert soms verfrissende inzichten op, heel zelden nieuwe doorbraken, maar meestal oude wijn in nieuwe zakken.

Het voelde dan ook als Throwback Thursday. Vijf jaar geleden interviewde ik al twintigers die niet alleen dezelfde klachten hadden, maar ook precies dezelfde oorzaken aangaven als hun leeftijdsgenoten in deze discussieronde: Het gevoel te moeten presteren op alle fronten. Een uitdagende baan, een druk sociaal leven en dan het liefst ook nog een spannende hobby beoefenen. De anderen deden dit immers toch ook allemaal? Het gevolg: ze waren lichamelijk en geestelijk opgebrand en moesten maandenlang revalideren.

Het is echter te makkelijk om te zeggen dat dit allemaal al lang een breed besproken is. Twintigers die nu een burn-out krijgen, hebben er geen boodschap aan.

Bovendien is het voor de doelgroep van het programma waarschijnlijk toch een ver-van-mijn-bed-show. Zij zijn immers degenen die in de discussie werden aangeduid als de generatie die nog wel hun hele werkende leven voor één en dezelfde baas heeft gewerkt en die haar vrije tijd niet hoefde te verdelen tussen online en offline. Waarom dus geen kennismaking van deze kijkers met de stress, dilemma’s en klachten waar twintigers tegenwoordig mee worstelen?

Jammer genoeg bleef de discussie op persoonlijke ervaringen drijven. Elke keer wanneer een gast probeerde door te dringen tot de achterliggende oorzaken, bijvoorbeeld de veranderingen in het onderwijssysteem en de bekostiging ervan, kapte Grimbergen hem af met de woorden: „Dit is weer een heel andere discussie.” Het moest ook maar niet te moeilijk worden.

Psycholoog Paul de Bruijn mocht wel over de belevingswereld van twintigers praten, maar graag zonder het woordje ‘perceptie’ te gebruiken. Dit leidde tot de wat platte gemeenplaatsen dat watjes geen burn-out krijgen en je de juiste mentaliteit moet hebben om het te voorkomen.

Schooldirecteur Neelissen werd concreter en stelde dat deeltijdwerk niet per definitie betekent dat je ook maar de helft van de tijd met je werk bezig bent. Deeltijdbanen zouden dus de (werk-)stress juist kunnen verhogen. Een interessante gedachte, die helaas ook niet verder werd vervolgd.

Hollandse Zaken is dan misschien ook niet het juiste programma voor een diepgaande analyse. Het format gaat uit van een (beleefde) discussie tussen voornamelijk ervaringsdeskundigen en een aantal experts waarin concrete vraagstukken, vaak vanuit een persoonlijk perspectief, worden behandeld. Toch was er winst. De schooldirecteur had geleerd dat de burn-outproblematiek niet louter aanstellerij is.

Nu graag een verdergaande discussie over de maatschappelijke oorzaken en oplossingen die verder gaan dan het geopperde ‘volg je hart’. Als er één ding is wat twintigers hebben geleerd is dat ze vooral moeten doen wat ze leuk vinden. De grenzeloze ambitie is stressoorzaak nummer één.