‘Dat niemand wist dat ik hier was, maakte mij intens gelukkig’

Niet de bestemming maar de reis is het doel. Trix Broekmans reisde door Zuid-Algerije. „Ik reed op een enorme, chagrijnige kameel die mij er constant af probeerde te gooien.”

Foto's uit de privécollectie van Trix Broekmans

‘Ik had een heel romantisch beeld van die reis. Toearegs die mij per kameel de woestijn door gidsten, mij meenamen naar hun kamp en mij verhalen vertelden over hun leven. Maar meer dan dat droomde ik van de oneindige leegte van de woestijn. Ik zag mezelf daar zitten, ver weg van alles. Ik heb iets met grote, verlaten stukken natuur. Het gevoel dat je alleen op de wereld bent. Geen andere mensen, geen gekakel, geen enkele afleiding. Alleen jijzelf en je emoties, waaraan je dan niet meer kunt ontkomen.

„Ik had altijd veel gereisd met mijn geliefde. Nadat hij was overleden ben ik een aantal jaren thuisgebleven. Dat vond ik fijn. Maar uiteindelijk trok ik er toch weer op uit. Naar de Canadese bergen bijvoorbeeld, waar je uren kunt lopen zonder iemand tegen te komen.

„Toen ik in 2012 de mogelijkheid kreeg een tocht door de woestijn van Zuid-Algerije te maken, dacht ik: dit is mijn kans. We zouden met zes reizigers gaan onder leiding van drie Toeareg-gidsen. De reis was georganiseerd door een kunstenares die dit deed om de Toearegs te ondersteunen, voor wie het nomadische bestaan heel moeilijk is geworden.

„Uiteindelijk bleek ik maar één andere reisgenoot te hebben. De anderen zeiden een voor een af omdat de situatie in de regio onstabiel was. In het naburige Noord-Mali hadden rebellen een eigen staat uitgeroepen. Er werden ook zo nu en dan buitenlanders ontvoerd. Maar ik liet me daardoor niet weerhouden.

„De eerste week reden we door een zandwoestijn in een stokoude fourwheeldrive die met paperclips en touwtjes bij elkaar werd gehouden. Het was een prachtige tocht. Ik zag gazellen en wilde kamelen en als ik uitstapte om een sanitaire stop te maken, vlogen er schattige kleine vogeltjes met me mee. Dacht ik. Want het bleken enorme sprinkhanen te zijn waarvan er ook wel eens een in de soep vloog ’s avonds.

„Het echte werk begon in week twee, toen we op kamelen door een stuk rotswoestijn trokken. Geen geluid meer van een motor, alleen het zachte sloffen van kamelenvoeten. Met Tabassah, de kamelenman, had ik meteen een band. Hij kwam met zijn zes kamelen aanzetten nota bene op de dag dat zijn vijfde kind was geboren.

„Van Tabassah heb ik veel geleerd. Hij had een bijzondere eerbied voor de natuur. Voor zijn kamelen was hij heel zorgzaam, al kon hij ook hard zijn als ze niet luisterden. Hij gaf kleine stukjes brood aan de scarabeeën die ’s ochtends over het ontbijtmatje liepen, en dan keek hij rustig toe hoe ze daarmee aan slag gingen. Toen ik een mug doodsloeg die boven mijn slaapzak cirkelde, zei hij: tja, nu zullen al zijn vriendjes en familieleden naar zijn begrafenis komen. Daarna rolde hij over de grond van het lachen.

„Ik reed op een enorme, chagrijnige kameel die ooit tweede was geworden tijdens de kamelenraces in Tamanrasset en mij er constant af probeerde te gooien. Eén keer lukte dat en viel ik rakelings langs een rotspunt op de grond. Tabassah zei: ik laat je wel even zien hoe het moet. Hij slingerde zich op die kameel, maakte een prachtige ronde in volle galop en zwaaide er met gemak weer vanaf. Ik zag opeens dat hij eigenlijk een prins van de woestijn was.

„Mijn romantische beeld van die reis is wel werkelijkheid geworden. ’s Nachts lag ik in mijn slaapzak, een stukje van de anderen af, naar de sterrenhemel te kijken. Het was koud, zo nu en dan hoorde ik in de verte jakhalzen lachen, een hoog, beetje spookachtig geluid. Ik dacht: niemand weet dat ik hier ben en niets is zoals thuis, ik heb geen enkel houvast aan iets vertrouwds. Die gedachte maakte mij intens gelukkig.

„Een paar weken later is dat gebied afgesloten voor buitenlanders. Er staken allerlei jihadstrijders de grens met Mali over en het was daar echt niet meer veilig. Ik was net op tijd geweest.

„Toen ik terugkwam, leefde ik geestelijk nog een tijdje in de woestijn. Dan werd ik ’s nachts wakker en zag ik die wijde, open hemel weer voor me. En dat fantastische gevoel, dat kan ik nu nog steeds oproepen.”

In deze zomerserie vertellen mensen over een bijzondere reis.