Bevolking Umm al-Fahm wil niet Netanyahu’s wisselgeld zijn

Na crisis op de Tempelberg

De aanstichters van de crisis rond de Tempelberg kwamen uit Umm al-Fahm. De wrok in het stadje tegen Israël gaat er ver terug.

Umm al-Fahm. Foto Ammar Awad/Reuters

Bij de begrafenis van de drie Palestijns-Israëlische mannen die vorige maand twee Israëlische agenten doodschoten op de Tempelberg in Jeruzalem voor ze zelf werden gedood, viel er veel lof te beluisteren voor hun daad.

NRC studio

In Umm al-Fahm, een Arabisch-Israëlische stadje vlakbij de Westelijke Jordaanoever, bestaat al langer steun voor de verboden Islamitische Beweging. Dit is een radicale groep die ideologisch verwant is aan de Moslimbroederschap en Hamas. Dat de drie schutters, allen afkomstig uit Umm al-Fahm, met hun daad voor een grote crisis zorgden tussen Israël en de Palestijnen, vergeven de meeste inwoners hen graag. Ook zij koesteren een diepe wrok jegens Israël.

„Ik hoor Joodse Israeliërs vragen: ‘wat hebben de Arabieren bijgedragen aan de staat Israël?’ Niemand vraagt me wat de prijs is die we betaald hebben”, zegt Faisal Mahagneh (56) verontwaardigd. Hij benadrukt dat je de situatie in Umm al-Fahm alleen kan begrijpen als je eerst het naburige verwoeste en verlaten dorp el-Lajjun bezoekt en de eigendommen ziet die Palestijnse families er zeventig jaar geleden kwijtraakten, toen ze door Israël werden verdreven.

Bij een schietpartij op de Tempelberg in juli kwamen twee agenten om. Een derde agent raakte gewond. Ook de aanvallers stierven.

Premier Netanyahu toonde geen enkel begrip voor zulke gevoelens. Zijn boodschap voor de bewoners na de spanningen in Jeruzalem was helder: wat hem betreft kunnen de stad en de rest van de streek, de Wadi Ara, overgedragen worden aan het Palestijns bestuur als ruilmiddel voor nederzettingen van joodse kolonisten op de Westelijke Jordaanoever.

Dit plan werd ooit aangedragen door politici rechts van Netanyahu. Het kwam de premier goed van pas dit op te rakelen bij zijn pogingen zijn gezag te herstellen onder conservatieve Israëliërs. Die legden Netanyahu’s concessie aan de Palestijnen om detectiepoortjes weg te halen voor moslims die wilden bidden in de Al-Aqsa-moskee op de Tempelberg uit als een teken van zwakte. Na dat besluit is het in Jeruzalem rustig geworden. Maar het was geen toeval dat Netanyahu kort daarna een aantal harde uitspraken deed – zo pleitte hij onder meer voor invoering van de doodstraf.

Eind juli braken weer rellen uit op de Tempelberg. De rellen groeiden uit tot een internationale crisis.

Beschuldigende vinger

Het is niet aannemelijk dat Netanyahu’s visie voor Umm al-Fahm snel werkelijkheid wordt. Daarvoor zou een overeenkomst met de Palestijnen moeten worden gesloten en die is ver weg. Maar zijn woorden zijn hard aangekomen in de Arabische stad.

„Het lijkt erop dat de premier van Israël met een beschuldigende vinger wijst naar alle 60.000 inwoners van Umm al-Fahm als een gevaar voor het land”, schreef de directeur van het kunstmuseum in de stad, Said Abu Shakra, deze week in een open brief aan Netanyahu. Abu Shakra stelt dat de premier zijn taak verzaakt en gevaarlijke, opruiende, racistische signalen afgeeft.

„Mijn vader is opgegroeid in el-Lajjun”, vertelt Mahagneh, gepensioneerd bankdirecteur en ex-gemeenteraadslid, terwijl hij door de ruïnes van het dorp wandelt. De familie had volgens hem landbouwgrond en een molen. In 1948 zijn de inwoners gevlucht, de Joodse staat heeft ze nooit toestemming gegeven terug te keren. De landbouwgrond rond het dorp wordt bebouwd door de nabijgelegen kibboets Megiddo. „Onze familie had niets meer en heeft alles weer moeten opbouwen”, aldus Mahagneh.

Vanaf het lege gebied is het een paar minuten rijden naar de steile, dicht bebouwde heuvels van Umm al-Fahm. „De helft van de inwoners van de stad komt oorspronkelijk uit el-Lajjun en nog een paar verwoeste dorpen”, vertelt Mahagneh terwijl hij door de nauwe straten rijdt. Veel huizen staan pal langs de rijweg, die nauwelijks of soms helemaal geen ruimte biedt voor verkeer van beide kanten.

Mahagneh: „Kun je je voorstellen dat je hier een huis wilt bouwen, maar dat niet kan terwijl je uitzicht hebt op de lege velden die gestolen zijn van je familie. Er is veel reden tot woede.”

Geen werk, bezetting. Waarom zou ik daar willen wonen?

Maisan Hikbaria uit Israël over aansluiting bij Palestijnse gebieden.

De regering vergroot volgens Mahagneh de laatste jaren de frustraties. Hij is zelf een vroom moslim, maar ideologisch tegenstander van de Islamitische Beweging. Maar het verbieden van de organisatie twee jaar geleden door de regering is niet goed geweest voor de stad, zegt hij: „De Islamitische Beweging gaf studenten beurzen, subsidieerde kleuteropvang, verzorgde gratis medische hulp. Dat is allemaal gestopt, maar er is niets voor in de plaats gekomen.”

De helft van de bevolking van Umm al-Fahm is jonger dan twintig. De 15-jarige Maisan Hikbaria uit de stad woont pal naast de Westelijke Jordaanoever, maar de grens is al sinds haar geboorte hermetisch afgesloten. Ze leeft in Israël en ziet niets in aansluiting bij Palestijnse gebieden: „Geen werk, bezetting. Waarom zou ik daar willen wonen?” De scholiere luncht met haar moeder en twee vriendinnen van haar moeder in een populair hummusrestaurant. Het gesluierde gezelschap vat de woorden van Netanyahu op als dreigement, „en dat is nooit goed”.

Krediet had Netanyahu overigens al niet meer in Umm al-Fahm, nadat hij op de avond van de laatste verkiezingen waarschuwde dat Arabieren „in grote drommen naar de stembus kwamen”. Mahagneh noemt het een gemiste kans: „Vlak na de aanslag kreeg ik telefoontjes van mensen die zeiden dat ik wellicht toch gelijk had met mijn standpunt tegen de Islamitische Beweging. Dat sentiment is na de acties van Netanyahu weer weg.”