Commentaar

Nederland is niet zo aantrekkelijk is voor banken, maar is dat erg?

Tien jaar geleden injecteerde de Europese Centrale Bank een kleine 100 miljard euro in de geldmarkt van de eurozone, om een dreigend geldtekort bij banken tegen te gaan. Die banken konden altijd bij elkaar terecht op de geldmarkt, een vloeiend systeem waar overschotten en tekorten bij verschillende banken elkaar moeiteloos ontmoetten. De plotselinge droogte kwam als een schok. De ingreep van de ECB was zonder precedent.

Wat niemand toen nog wist is hoeveel er nog zou volgen. De maatregel markeerde slechts het begin van de financiële crisis, die ruim een jaar later pas goed om zich heen greep na de val van de Amerikaanse Lehman-bank. De rest is geschiedenis: een infarct van het financiële systeem, de grootste schok voor de Westerse economie sinds de jaren dertig, enorme financiële schade en vele verloren jaren voor de welvaart. De zwakte van de euro werd blootgelegd, en leidde in Europa tot extra schade.

Tien jaar geleden was ook de overname van ABN Amro door het Belgische Fortis, het Spaanse Santander en de Britse Royal Bank of Scotland (RBS) in volle gang. Zij scheurden de Nederlandse bank in drieën, waarbij RBS de internationale tak in handen kreeg. Die overname was een teken van de hoogmoed die de financiële sector in zijn greep had. De crisis leidde daarna tot grote problemen bij de overnemers, van wie Fortis goeddeels ophield te bestaan en RBS, mede door het pas verworven deel van ABN Amro, het grootste verlies in de Britse geschiedenis moest rapporteren.

Een van de conclusies van de crisis van destijds was dat een grote financiële bedrijfstak lang niet altijd een zegen is. Als de economie te afhankelijk is van de handel in geld en kapitaal, dan krijgt zij ook de grootste schok als de zaken fout lopen. Het Verenigd Koninkrijk werd destijds zwaar getroffen, maar het waren vooral Ierland en IJsland, kleine landen met een verhoudingsgewijs enorme banksector, die er bijna aan onderdoor gingen. De burgers betaalden uiteindelijk de prijs.

Tien jaar later maken diverse Europese financiële centra zich sterk om financiële instellingen uit de Britse City naar zich toe te halen, mocht Londen zich straks niet meer in de EU bevinden. Amsterdam boekt, in tegenstelling tot Frankfurt en Parijs, matig succes.

Nu blijkt dat RBS van plan is om, voor een klein deel, naar de Nederlandse hoofdstad te verhuizen. Zo zou, tien jaar nadat de Britse bank zich via ABN Amro inkocht en twee jaar nadat twee jaar nadat hij Nederland zo goed als verliet, RBS zijn rentree maken. Ook een aantal kleinere financiële handelshuizen strijkt neer of versterken hun aanwezigheid.

Dat is allemaal toe te juichen, maar laten we de lessen van 2007 en daarna niet vergeten. Ja, er is flinke vooruitgang geboekt bij het toezicht op de financiële sector, zowel op bedrijfsniveau als op macro-economisch niveau. Europa heeft zijn bankenunie, waar de afwikkeling van wankelende instellingen wordt geregeld. Maar zoals bij veel vormen van regelgeving en toezicht lopen praktijk, innovatie en schaal vaak ver vooruit op wat de toezichthouder weet, kan en mag. In de VS worden, onder Republikeinse druk, de teugels van het toezicht overigens al weer gevierd.

Nederland heeft, met zijn strakke bonusregels, aan aantrekkelijkheid ingeboet voor de vestiging van buitenlandse financiële instellingen. Bij het lustrum van de crisis is het de vraag is of we daar heel rouwig om moeten zijn.

In het Commentaar geeft NRC zijn mening over belangrijke nieuwsfeiten. De commentatoren schrijven deze artikelen in samenspraak met de hoofdredactie