Voor maanden aan noedels

Sommige Nederlanders zijn beter voorbereid op het einde van de beschaving dan anderen. Preppers bereiden zich voor op het ergste. Gek? Integendeel, vinden ze zelf.

Illustratie Lynne Brrouwer / Foto's Gino Kleisen

Langdurige uitval van elektriciteitsnetwerken en/of complete instorting van de economie en/of een samenleving die moet wijken voor het recht van de sterkste. De meeste Nederlanders vertrouwen erop dat het niet zover zal komen, maar een groeiende minderheid prepareert zich voor het uitbreken van de pleuris. Ze preppen.

Preppers rekenen niet op het leger dat noodpakketten uitdeelt en orde herstelt. Ze trainen, ze leggen voorraden aan, ze hebben plannen klaarliggen. En ze houden zich stil omdat ze straks geen bezoek willen van radeloze landgenoten die in 2017 nog dachten dat het niet zo’n vaart zou lopen.

Herman (47, die zijn achternaam niet wilde geven) opent een kast in zijn tuinschuur, ergens in Zuid-Holland. Voor hem, zijn vrouw en hun twee zonen ligt hier voor maanden aan noedels, blikken spinazie met gehaktballen, rijst, koeken, gedroogde maaltijden, peulvruchten en nog veel meer eten. En ook: brandgel om op te koken, breekbuisjes voor noodverlichting, noodfakkels, een fles bleekmiddel om water te desinfecteren. „Een paar druppels per liter is genoeg. En ik heb natuurlijk waterfilters.”

Je moet je er niet te veel mee bezighouden. Gewoon je voorbereidingen treffen

In de tuin staat een kunststof 200-litervat met hermetisch sluitende deksel. Later dit jaar zit het vol rantsoenen en is het ingegraven nabij een caravan, diep in de polder. Herman: „De caravan hebben we al, ik zoek nog naar een permanente staplaats.” Dat wordt zijn BOL voor als SHTF – een bug out location voor als shit hits the fan.

Anders dan zeker 90 procent van de bevolking heeft Herman de overheidsinstructie op crisis.nl uitgevoerd om noodpakketten gereed te hebben, inclusief voeding en water voor een paar dagen.

Dat deed hij niet uit burgerlijke braafheid, maar juist uit wantrouwen. „Want de wond in het achterhoofd van Pim Fortuyn was veroorzaakt door een ander kaliber wapen dan het pistool van de officiële moordenaar. Daardoor besefte ik dat de overheid onbetrouwbaar was en begon ik met preppen.” En daarom prept hij nu niet voor een paar dagen maar voor jaren als het moet.

Anderen prepten voor ze het woord ooit hoorden. Daan van Sloten (50) verstopte als tienjarige al blikken eten in haar klerenkast. Toen ze op kamers woonde, maakte ze een
reddingsboot door het dichtkitten van de naden van een kast die door haar raam kon.

Nu heeft ze een maand eten in huis – niet zo veel „want ik concentreer me op een andere manier van preppen: kennis verwerven om te overleven”. En die deelt ze op haar zelf opgerichte Facebook-groep Preppers United, waar leden elkaar tips geven. „Ik heb bijvoorbeeld uitgelegd hoe je zeep maakt van houtas en vet. Wie weet dat tegenwoordig nog?”

Jeroen Klaassen (32) prept sinds de geboorte van zijn eerste kind, in 2009. „Zo’n klein, kwetsbaar wezentje. En net toen was er rond onze woning in Rotterdam een stroomstoring die wat langer duurde. De supermarkten waren in no time leeg. Flessen water waren meteen op. Onze cv deed het niet meer.” Nu runt hij prepshop.nl en moet hij het gesprek af en toe onderbreken om klanten telefonisch te adviseren.

Zelf heeft hij noodstroom, bekwaamt zich in wecken, maakt worsten, droogt voedsel, heeft een moestuin en zegt: „Je moet je er niet te veel mee bezighouden. Gewoon je voorbereidingen treffen, nadenken over je eigen situatie, spullen klaarleggen.”

Stroomuitval is onvermijdelijk

Illustratie: Lynne Brouwer

Waarvoor zijn preppers bang? Daan van Sloten, oprichtster van de Facebook-groep Preppers United: „Mensen zien ons vaak als angsthazen, maar we gaan juist uit van het positieve. Bij een ramp vormen de preppers een stabiel element in de samenleving, want we zijn voorbereid.”

Maar voorbereid waarop dan? Op welke ramp? Het antwoord wisselt per prepper. Van Sloten denkt onder meer aan „een burgeroorlog nu het steeds slechter gaat tussen extreem-rechts en de buitenlanders. Dan wil ik met mijn vriend stevig in mijn huisje zitten met de deur dicht. Ik hoef dan even niet naar de winkel, die is toch al geplunderd en ik heb eten genoeg.”

Nander Knobben (26) prept voor een universeel rampscenario. Daarom werkt hij nu „aan een brede overlevingsbasis”. „Onafhankelijkheid is voor mij het kernwoord.” Rond zijn woning tussen de weilanden bij Almelo heeft Knobben kippen, een moestuin en werkt hij aan een permacultuur: een gebalanceerd ecosysteem van eetbare en vruchtdragende wilde en teeltplanten. Zijn webshop prepz.nl verkoopt naast noodpakketten, aggregaten, walkietalkies en gasmaskers bijvoorbeeld ook zaden: altijd nuttig, ramp of geen ramp.

Zelfvoorzienendheid

Psycholoog en prepper Jeroen Klaassen (32) ziet instorting van de economie als grootste gevaar. „Hoogstwaarschijnlijk krijgen we een grondige herwaardering van bezit. De kloof tussen rijk en arm was nog nooit zo groot. We zullen een tijd terug moeten naar zelfvoorzienendheid, ruilhandel en zonnestroom.” Als het zover is, zal blijken dat haast niemand zich heeft voorbereid: er valt weinig te ruilen, haast niemand heeft zaaigoed in huis of zelfs een waterfilter.

Geen stroom, geen water, geen warmte. Moet je zien hoe snel de mensen gek worden

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu publiceerde het Nationaal Veiligheidsprofiel 2016, met de potentiële rampen en dreigingen die onze samenleving kunnen ontwrichten. Bij een presentatie hekelde Klaassen het ontbreken van verwachtingsmanagement. „De overheid communiceert niet naar de burgers dat ze bij een calamiteit zelfredzaam moeten zijn. Kijk je als burger op crisis.nl, dan denk je: de gevaren vallen wel mee, Nederland heeft het goed voor elkaar.”

Het meest gegeven antwoord op de vraag wat er kan fout gaan is stroomuitval. Dan vallen ook de pompen van de watervoorziening uit, de pompen van de benzinestations, de geldautomaten, en uiteraard heel internet en alle mobiele telefoons.

„Geen stroom, geen water, geen warmte. Moet je zien hoe snel de mensen gek worden”, zegt Almar Tolsma van prepper-webshop.nl. „Als we geen stroom meer hebben, is binnen drie maanden de helft van de bevolking dood”, voorziet Bas van schuilkelder.com, een adviessite voor wie bij gevaar ondergronds hoopt te overleven.

Maar waarom zou de stroom landelijk en langdurig uitvallen? Bas: „Een kernbom die een paar kilometer boven de grond ontploft zorgt voor een elektromagnetische puls die alle elektronische apparatuur opblaast, inclusief transformatoren van energienetwerken.” Een anonieme prepper die bij de elektriciteitsvoorziening werkt, vreest vooral een terroristische aanslag. „Dat kan op een stroomdistributiecentrum zijn, dan ligt een hele provincie plat. Of het kan met een cyberaanval op een centrale. Het zou goed kunnen dat de software van de aanvallers daar nu al sluimerend aanwezig is.”

Plan C is ‘iets in Luxemburg’

Jeroen Klaassen opent de achterklep van zijn gezinsauto. Op de plek van de reserveband zit proviand en drinken voor vier dagen per gezinslid, een brander, nooddekens. In zijn jaszak heeft hij altijd „een zaklamp, pijnstillers, simpele dingen die handig kunnen zijn”. Niet iedere prepper heeft een auto, maar wel een gereedstaande rugzak met spullen voor op de vlucht.

In de auto van Jeroen Klaassen

01-05-2017 Gino Kleisen Brakel Jeroen Klaassen, prepper, noodvoorzieningen in de achterbak van zijn auto om met zijn vijven een dag of drie te kunnen overleven.
Jeroen Klaassen, prepper, bij zijn achterbak
Foto: Gino Kleisen
01-05-2017 Gino Kleisen Brakel Jeroen Klaassen, prepper, noodkit achterin zijn auto

Een noodpakket klaar hebben staan voor ieder gezinslid, dat bepleit ook onze overheid. Citaat van crisis.nl: „Met een noodpakket bent u goed voorbereid op rampen, calamiteiten of noodsituaties.” Zou het? Wat als het op is? Geldautomaten doen het waarschijnlijk niet meer, winkels zijn leeggehamsterd.

De oplossing hangt samen met je vluchtbestemming. Daan van Sloten van Facebook- groep Preppers United gaat naar haar stacaravan in het plassengebied boven Leiden, waar ze nu al voedsel verbouwt. In haar bug out bag zit een kompas, een mes, een messenslijper, EHBO-spullen, candybars, survival-biscuit, een waterfilter „en een marker, om een bericht achter te kunnen laten”.

Prepper Herman heeft als eerste vluchtbestemming voor zijn gezin een stacaravan in de binnenlanden van Zuid-Holland. Daar liggen voorraden, daar denkt hij relatief veilig te zijn voor „de mensen uit Den Haag en Rotterdam die naar het platteland zullen trekken om akkers te plunderen”. Net als zijn reguliere woning staat de caravan onder NAP, dus bij een overstroming gaat het gezin naar Hermans zus in Arnhem. „Als het water komt terwijl ik op mijn werk zit, gaan mijn vrouw en kinderen met de honden meteen die kant op. Ze moeten niet op me wachten, dat hebben we zo afgesproken.”

Maar ook daar moet hij misschien weg. Al jaren kijkt hij buiten vaak om zich heen of hij spullen ziet om mee te overleven. Nu heeft hij ze niet nodig, als vluchteling mogelijk wel. In de tussentijd scherpt hij zijn blik. „Want even naar de Gamma gaan, wordt lastig. Je zal een shelter moeten maken van wat je vindt in de natuur of van zwerfafval.” Tijdens een wandeling in zijn eigen woonomgeving wijst hij op een kliko. „Daarin kun je vis kweken.” In zijn tuin ligt een oude gasfles waar hij een kacheltje van gaat maken. Voor in de shelter bijvoorbeeld.

Kruisbogen, getrapte vluchtplannen – dat is preppen met een grote P

Almar Tolsma heeft noodpakketten voor zichzelf, zijn vrouw en hun kinderen van 8 en 11. Als ze vluchten, gaan ook de kruisboog en luchtbuks mee. „Een stukje bewapening is handig als het voedsel opraakt en je kunt jagen.” Het gezin is op zoek naar een nieuwe, meer ellendebestendige woning. Aandachtspunten bij de keus zijn de aanwezigheid van zonnepanelen, een houtkachel en rolluiken of de mogelijkheid die te plaatsen. Als ze vandaar moeten vluchten gaan ze naar hun bug out location. Een „onopvallend, superveilig, goed verdedigbaar bedrijfspand” in de omgeving, waar ook andere preppers van weten. Plan C is „iets in Luxemburg”, al betwijfelt Tolsma of ze zover kunnen komen als het rolluikenhuis en het verdedigbare bedrijfspand geen van beide nog veilig genoeg zijn.

Kruisbogen, getrapte vluchtplannen – dat is preppen met een grote P. Tot de beginners zegt Nander Knobben: „Wat je nodig hebt is een moment van bewustwording. Je hoeft er niet de hele dag mee bezig te zijn, maar koop twee sixpacks water, een noodpakket en een waterfilter. Dan ben je al beter voorbereid dan negentig procent van de mensen.”

Visdrogen tussen de puinhopen

Het is een thema in films als Mars Attacks! en de Mad Max-serie: de rampen zijn uitgeraasd en in een baaierd van postapocalyptische ongemakken mogen de overlevenden een nieuwe wereld opbouwen.

De meeste gevaren en problemen zijn boven het maaiveld te verwachten. Wie het nog lang na de ramp wil uithouden, kiest daarom voor een schuilkelder. Met zelfwerkzaamheid plus de expertise van een aannemer kan dat voor pakweg 500 euro per vierkante meter. Hoe, dat staat te lezen op schuilkelder.com. En ook waarom: „De overheid heeft tegenwoordig geen schuilkelderfaciliteiten meer voor de burgerbevolking. Als je voorbereid wil zijn, dan dien je dus zelf voor een eigen veiligheidsruimte of schuilkelder te zorgen.”

Illustratie Lynne Brrouwer

Bas, de maker van de site: „Een schuilkelder biedt veiligheid, onder meer tegen drukgolven van bommen. De beste beveiliging van je schuilkelder is dat niemand ervan weet.” In zijn eigen onderkomen van 18 vierkante meter heeft hij voor maanden eten liggen voor zijn gezin van vier personen. Er is zonnestroom, een grondwaterpomp, er zijn waterfilters en dankzij een vrijwel permanente temperatuur van elf graden blijven de bewoners met dekens warm genoeg. Alleen moet er nog een rioolaansluiting komen.

Wie een tuin heeft, geld en gezond verstand begint er vandaag nog mee, zou je denken. De praktijk is dat de schuilkelderoptie pas in beeld komt als het mis dreigt te gaan. Als de wereldvrede onder druk staat, bijvoorbeeld met Noord-Korea, stijgt het aantal bezoeken aan schuilkelder.com al gauw met een factor twee. Bas: „Soms zie ik een grote stijging en dan denk ik: hee, ik heb wat gemist in het nieuws.”

Wat je nieuwe adres ook zal zijn, tussen de puinhopen van de vergane wereld moet je aan eten komen, maandenlang en misschien wel jaren. Een prepper denkt daar nu over na. Er zijn twee benaderingen. Voor de middellange termijn is het verstandig ruilartikelen in te slaan. Almar Tolsma heeft om te ruilen „behoorlijk wat tandpasta en dat soort grapperijen. En alcohol en sigaretten. Ik rook niet en drink haast niet, maar voor sommigen zal het een mentale oppepper zijn wanneer alles is geklapt.”

Noodvoedsel is op de lange termijn onvoldoende, daarom houdt Jeroen Klaassen ook kippen

01-05-2017 Gino Kleisen Brakel Jeroen Klaassen, prepper, noodvoeding
01-05-2017 Gino Kleisen Brakel Jeroen Klaassen, prepper, in zijn kippenhok
01-05-2017 Gino Kleisen Brakel Jeroen Klaassen, prepper, noodmaaltijd

Op de lange termijn red je het niet met ruilen alleen. Jeroen Klaassen: „Daarom verbouw ik nu zoveel mogelijk ons eigen voedsel en werk ik aan mijn kennis over voedsel conserveren. Wecken is fantastisch, maar moeilijk. Vroeger kon bijna iedereen het.” Zelf verbouwde en geconserveerde producten kun je eten, je kan ze ook ruilen.

Ook kennis is een soort ruilartikel, inzetbaar om een plaats te verwerven in een nieuwe leefgemeenschap. Je hebt geen tandpasta, maar je weet wel hoe je vis droogt. Daan van Sloten van Preppers United verbouwt veel van haar voeding zelf, bij haar caravan annex bug out location tussen de weilanden. „Ik ben dagelijks bezig met voedsel conserveren. Maar die kennis ga ik niet voor mezelf houden als de pleuris uitbreekt. Je deelt het gewoon met anderen.”

Zijn preppers gek? Integendeel, vinden ze zelf. Bas: „Iedereen heeft een brandverzekering. Maar is de kans op het afbranden van jouw huis groter dan op een enorme ramp die velen treft?” Klaassen: „Preppers gaan nu al duurzaam om met de hulpbronnen die veel anderen gebruiken alsof er nooit een einde aan komt.”