Profiel

Nicolas Hulot

Bekeerde motormuis is Macrons milieuactivist

„De belangrijkste groene economie” wil energieminister Nicolas Hulot van Frankrijk maken. Vraag is hoelang hij blijft.

Nicolas Hulot. Foto Etienne Laurent/EPA

De presidenten Chirac, Sarkozy en Hollande hadden hem allen al eens gevraagd minister te worden. En steeds weer sloeg milieuactivist en tv-presentator Nicolas Hulot het aanbod af. Hij schreef mee aan een belangrijke toespraak van Chirac over de opwarming van de aarde, hij adviseerde Sarkozy en had drie jaar lang een bureautje in het Élysée van Hollande voorafgaand aan de klimaatconferentie in Parijs. Maar hij wilde zich niet politiek binden en steunde bij de laatste presidentsverkiezingen geen van de kandidaten.

De verkiezing van Emmanuel Macron veranderde de situatie. Hulots benoeming in mei tot minister van ‘ecologische en solidaire transitie’, met zowel transport als energie in zijn portefeuille, was een van de grootste verrassingen van Macrons regering. Een „meesterzet” vond voormalig groen Europarlementariër Daniel Cohn-Bendit, die Macron al langer steunde. Want iedereen was het erover eens dat Macron tijdens de campagnes weinig oog had voor het milieu. Hulot zelf had hem daar zelfs publiekelijk voor bekritiseerd. „Hulot is typisch een vent die niet links of rechts maar links én rechts is”, meent Cohn-Bendit.

Anderhalve maand na zijn aantreden maakt Nicolas Hulot (62) duidelijk niet louter in de regering te zitten om Macrons groene imago op te krikken. Begin juli presenteerde hij een vergaand klimaatplan en meldde hij tussen neus en lippen door dat Frankrijk de komende jaren bijna eenderde van zijn kernreactoren moet sluiten.

Om met dat eerste te beginnen: als hoeder van het klimaatakkoord van Parijs moet Frankrijk de „belangrijkste groene economie ter wereld” worden en CO2-neutraal zijn in 2050, zei Hulot op zijn eerste grote persconferentie als minister. Om dat te bereiken mogen wat hem betreft vanaf 2040 geen diesel- of benzineauto’s meer op de markt gebracht worden. Ook olie- of gaswinning op Frans grondgebied is vanaf dat jaar voorbij.

Dat zijn ambitieuze doelstellingen in een land waar bijna 450.000 mensen werkzaam zijn in een auto-industrie die de laatste dertig jaar vooral in dieselmotoren heeft geïnvesteerd. Hoewel Renault succes heeft met de elektrische ZOE, is autofabrikant Peugeot-Citroën, die in Frankrijk de meeste auto’s verkoopt, nog lang niet zo ver. Maar Hulot staat erop dat Frankrijk met het terugbrengen van CO2-uitstoot verder gaat dan in het klimaatakkoord in 2015 is afgesproken.

Lees ook het interview met klimaatexpert Janet Ranganathan: ‘Klimaatakkoord stort niet in als Amerika afhaakt’

Groot taboe

Het taboe op kernenergie is nog iets groter. Als het aan Hulot ligt, dan gaan voor 2025 „tot 17” van de totaal 58 reactoren dicht. Nu nog komt ongeveer driekwart van de Franse stroomvoorziening uit kernenergie en onder Hollande was al besloten dat dat per 2025 terug moest naar 50 procent. Maar nooit heeft een regeringsvertegenwoordiger zich daadwerkelijk willen vastleggen op sluiting van een deel van het verouderde Franse reactorpark.

Kernenergie is, ondanks aanhoudende financiële tegenslagen van de multinationals EDF en Areva nog altijd een belangrijk Frans exportproduct en het ontmantelen van centrales is haast net zo duur als het bouwen ervan. Maar kernenergie, vindt Hulot, is „onderdeel is van de oude wereld”. Macron, die als minister van Economie Areva nog heeft vlotgetrokken, noemde kernenergie voor Frankrijk juist „een keus voor de toekomst”.

Lees ook: Brussel keurt fusie Franse kernenergiegigant goed, over het Franse energiebedrijf EDF dat een deel van kernenergiebedrijf Areva mag overnemen, dat de Franse staat probeert te redden.

Vooralsnog krijgt Hulot alle ruimte. Maar mensen die hem kennen, vragen zich af hoelang hij het in de regering gaat volhouden. Hij is in veel opzichten een atypische politicus – en niet alleen omdat hij op de regeringsfoto als enige man geen stropdas draagt.

Hulot begon in de jaren zeventig zijn carrière als fotojournalist en bekeerde zich pas veel later tot het milieu. Het geld dat hij met zijn reportages verdiende, gebruikte hij voor zijn hobby: motor- en autosport. In 1980 deed hij nog mee aan Parijs-Dakar. Na een korte periode als radioverslaggever bij France Inter kreeg Hulot vanaf 1987 brede bekendheid als presentator van het tv-programma Ushuaïa, le magazine de l’extrême.

Hulot is volgens peilingen op afstand de populairste Franse minister.

Persoonlijke transformatie

Met dat programma was iets raars aan de hand. Het begon als een aaneenschakeling van adrenalineavonturen op exotische plaatsen met Hulot als stoer middelpunt. Maar in de bijna tien jaar dat TF1 Ushuaïa uitzond, werden de miljoenen kijkers getuige van Hulots persoonlijke transformatie van avontuurlijke waaghals tot activistische natuurbeschermer. Hij reisde als een soort moderne Commandant Cousteau nog altijd de wereld over, maar had na verloop van tijd vooral nog aandacht voor bedreigde landschappen, zeeën en volkeren. In 1990 richtte hij de Stichting Ushuaïa op, wat later de Stichting Nicolas Hulot voor de Natuur en de Mens werd.

Nadat hij via Chirac eind jaren negentig kennismaakte met de politiek, overwoog Hulot verschillende keren om zich te kandideren voor het presidentschap. Dat deed hij uiteindelijk in 2011, maar bij de voorverkiezingen van de argwanende Groenen had hij geen succes. Hij kreeg er de bijnaam ‘Commandant Couche-tôt’ (commandant Vroeg-naar-bed) omdat hij een hekel had aan vergaderingen die ’s avonds te lang doorgingen. Toen hij vorig jaar zonder enige campagne te voeren al op 10 procent in de peilingen stond, liet hij weten geen kandidaat te zijn. Hij dacht dat hij zich nuttiger kon maken door invloed uit te oefenen op de andere kandidaten.

Hij accepteerde uiteindelijk het aanbod van Macron omdat „de nieuwe politieke situatie een kans biedt”, schreef hij aan zijn leden, en omdat de urgentie hem dwingt „alles te proberen voor een nieuw samenlevingsmodel”. Als ‘minister van staat’ is hij nummer drie in de (in de Franse context heel belangrijke) regeringshiërarchie en voor Macron het bewijs dat een deel van de regering uit het maatschappelijk middenveld afkomstig is. Hij is volgens peilingen op afstand de populairste Franse minister en lijkt tot nu toe van Macron de ruimte te krijgen om over alle grote thema’s mee te praten.

Maar diep van binnen blijft Hulot ook entertainer. Als hij begin juli in Bordeaux een nieuwe TGV-lijn opent, brengt hij de gastheren na een reeks saaie toespraken van lokale notabelen in verlegenheid met ondiplomatieke grapjes over de miljardenschulden van het Franse spoor en het feit dat de inaugurele trein voor de verandering te vroeg arriveerde. „Dat is het toppunt: laten we niet van het ene exces naar het andere gaan”, zegt hij tot hilariteit van de zaal. Als de onder hem ressorterende minister van Transport hem even indringend aankijkt, pakt hij na de miniconference snel zijn oorspronkelijke spreektekst erbij. „Geen zorgen, ik stop al”, sust hij. En even later: „Sorry, ik heb dit nog nooit gedaan.”