Van schone schijn moest hij niets hebben

Jan Mets (1956-2017) leidde jarenlang een uniek boekenfonds

met allure. Door de drank verloor hij alles wat hem lief was.

Jan Mets op een ongedateerde privéfoto.

Begin jaren tachtig, toen honderdduizenden op de been kwamen tegen de kruisraketten, viel steevast één man op door zijn keurige tweedjasje en stropdas tussen het denimvolk: Jan Mets.

Mets, die op 22 juli in het AMC overleed, was in die tijd een jonge uitgever met veel vrienden. Hij gaf onder meer de Vredesagenda uit; lucratieve handel in die laatste fase van de Koude Oorlog. Mets voelde de tijdgeest goed aan, maar modieus was hij niet. Als een intellectueel bezag hij de wereldorde. Hij moest niets hebben van Hochstapler, zoals hij ze in voortreffelijk Duits noemde: mensen die de schijn ophouden.

Jan Mets, in 1956 in Soest geboren, was een autodidact. Hij leerde het boekenvak bij Pegasus in Amsterdam, de uitgeverij/winkel van de Communistische Partij Nederland. Mets was zelf ook lid van de partij, die door het iets vrijzinniger ‘eurocommunisme’ ideologisch verward raakte.

Mets bezag het geamuseerd, maar op afstand. Hij verliet de partij en werd onafhankelijk uitgever. Eerst in zijn woonkamer. Later met collega Maarten Schilt als huurder bij De Groene Amsterdammer.

Het fonds dat Mets & Schilt bouwden, had allure. Naast studies over Pim Fortuyn en de nakende deflatie, verschenen boeken over slow cooking en de prijs van vliegtickets. Er was één rode draad: geopolitiek en geschiedenis, met nadruk op Rusland, Indonesië en Duitsland.

Mets verzorgde een bundel ter ere van Sovjetdissident Andrej Sacharov. Hij gaf de door historicus Hans Schoots geschreven biografie van de maoïstische cineast Joris Ivens uit, evenals het magnum opus van socioloog Jacq. van Doorn over het nationaal-socialisme. Zijn kracht was dat hij auteurs inspireerde het diepe in te gaan. Zelf deed hij ook wat andere uitgevers vaak niet aandurfden.

Eigenzinnige auteurs

Mets haalde ook buitenlandse auteurs binnen. Hij durfde het aan om in 2005 het veelbesproken, maar minder gelezen, Orientalism van Edward Said op de markt te brengen. Hij ontdekte het dagboek van Grigori Szur over het getto van Vilnius. Hij vertaalde het provocatieve De Holocaust-industrie van Norman Finkelstein. Zijn mooiste en commercieel gekste idee was om het oeuvre van de Duitse historicus Sebastian Haffner (1907-1999) uit te geven: tien hardcoverboeken, elk voorzien van inleidingen van Nederlandse ‘haffnerianen’ als Maarten Brands, Ben Knapen en Koos van Weringh.

Bestsellers werden het meestal niet. Het in Engeland verboden boek Spycatcher, van de Britse ex-spion Peter Wright, is een uitzondering. Van planmatige commercie had Mets weinig verstand.

Auteurs moesten vaak lang op hun geld wachten. Zij vergaven het Mets steeds weer. Hij runde een van de laatste onafhankelijke uitgeverijen. Dat was wat waard. Eind jaren negentig kreeg Mets het moeilijk. De ongelezen kopij stapelde zich op. Ondergetekende las tijdelijk als ‘copy-taster’ alle manuscripten en wees ze desgewenst af. Pas na een half jaar pakte Mets de draad weer op.

In 2006 vierde de uitgeverij haar 25ste verjaardag. Op stand, in Felix Meritis. Maar kort na het jubileum ging het mis. De uitgeverij verliet het pand van De Groene Amsterdammer. Niet langer beschermd door een huisbaas die de huurachterstand liep oplopen, kwamen er financiële problemen aan het licht. In 2009 werd Mets & Schilt opgeheven. Auteurs konden naar hun royalty’s fluiten.

Drankprobleem

Mets probeerde een doorstart te maken. Hij begon een uitgeverij met een oudere broer. Dat mislukte. Twee jaar later trok Walburg Pers in Lochem hem aan als uitgever. Ook dat werd geen succes. Mets bleek niet alleen een schat aan ervaring te hebben, maar ook een drankprobleem. Door zijn impeccable camouflage wist hij dat lang voor anderen verborgen te houden.

Professionele hulp hielp niet. Mets ontkende dat hij een probleem had en werd boos als je hem ermee confronteerde. Door zijn verslaving verloor hij steeds meer vrienden. En ook naasten, voor wie de last ondraaglijk werd.

Als ‘dak- en thuisloze’, zoals hij zichzelf noemde, ging Mets de laatste jaren door het leven. Totdat hij fysiek op was en een arts bezocht. Die stelde vast dat hij kanker had. Enkele weken na de diagnose overleed Jan Mets. Hij laat twee jonge kinderen achter.