Column

NAVO eensgezind? Er woedt juist een politieke veenbrand

De nieuwe escalatie in de Amerikaans-Russische betrekkingen kan leiden tot „chaos”, zo citeert Hubert Smeets een Moskouse politicoloog.

Poetin en Trump op de G20 in Hamburg, vorige maand. Foto Evan Vucci/ AP

Donald Trump heeft nu ook zijn verkiezingsbelofte jegens Vladimir Poetin geschonden. Woensdag bekrachtigde hij nieuwe en hardere sancties tegen Rusland. Geen ‘deal’ met Moskou dus, maar juist het omgekeerde.

Dat is geen oprisping. Ook vicepresident Mike Pence heeft de betrekkingen met Rusland op scherp gezet. „Rusland vormt een bedreiging voor de NAVO. De VS zullen er alles aan doen dat af te wenden”, zei Pence volgens persbureau Interfax toen hij maandag in Tallinn was. In Estland, Letland en Litouwen ligt „de grote frontlinie van de vrijheid. Nergens doemt de dreiging van de agressie van de onvoorspelbare buurman in het Oosten meer op dan in de Baltische staten.” Een dag later was Pence in Tbilisi. Hij bepleitte daar dat Georgië alsnog lid wordt van de NAVO, een wens die in 2008 werd geblokkeerd door weerstand van met name Duitsland en Frankrijk.

De nieuwe escalatie in de Amerikaans-Russische betrekkingen kan volgens de Moskouse politicoloog Tatjana Stanovaja leiden tot „chaos”. Rusland heeft ervaring met wanorde. De NAVO ook? Dubieus. In eigen huis heerst namelijk ook politieke chaos.

Op papier is alles helder. In de preambule van de NAVO staat dat de 29 lidstaten „vastbesloten zijn om de vrijheid, het gemeenschappelijk erfdeel en de beschaving van hun volken, welke zijn gegrondvest op beginselen van democratie, persoonlijke vrijheid en rechtsorde, veilig te stellen”. In de praktijk is de toestand een stuk minder helder.

In de VS regeren mensen die elkaar de tent uit vechten zonder dat er zicht is op wie wint. Witte Huis à la Kremlin. Winston Churchill zei ooit: „De politieke intriges in het Kremlin zijn te vergelijken met een hondengevecht onder een vloerkleed. De buitenstaander hoort het gegrom, maar pas als de botten in de rondte vliegen, is duidelijk wie er heeft gewonnen.”

In het Verenigd Koninkrijk van Churchill zit een premier aan de knoppen die denkt dat politiek een tijdmachine is en dat er dus een weg terug is naar de splendid isolation van weleer. In Polen en Hongarije, de belangrijkste nieuwe geallieerden in het voormalige ‘socialistische kamp’ van Moskou, dient zich quasidemocratie aan. Het principe ‘50 procent plus 1’ overstemt in deze anti-Russische – die de Russische geleide democratie tot voorbeeld nemen – alle andere democratische beginselen over scheiding der machten en minderheidsrechten. In Turkije worden de NAVO-beginselen intussen gewoon ontmanteld.

Eigenlijk zijn alleen Canada en de rest van Europa (nog) niet op drift en zo trouw gebleven aan het klassieke wereldbeeld dat uit de preambule spreekt. En dat op een continent waar nu weer een ideologische koude oorlog woedt.

Geen misverstand. Een halve eeuw geleden was de NAVO ook geen eenduidige alliantie. Het lidmaatschap van het fascistische Portugal, dat een koloniale oorlog in Afrika uitvocht, en het door een militaire junta geregeerde Griekenland bewezen dat in de Koude Oorlog het hemd nader dan de rok is. Maar de rest van de alliantie was qua oriëntatie behoorlijk eensgezind.

In 1966 trok de Franse president Charles de Gaulle zich weliswaar terug uit de militaire structuur van de NAVO, politiek bleef Frankrijk lid. Nu distantiëren lidstaten zich van de politieke preambule. Maar militair doen ze alsof ze samen willen optrekken.

Het mozaïek van nu is een spiegelbeeld van vijftig jaar terug.

Hubert Smeets werkt bij het kenniscentrum Raam op Rusland. Hij schrijft om de week met redacteur geopolitiek Michel Kerres over de kantelende wereldorde.