Column

Varkensbaron

Mariënheem: een gehucht aan de voet van de Sallandse Heuvelrug, met een basiliekkerkje, wat boerderijen, rijtjeshuizen en… een megavarkensstal. Achter een woonboerderij met rieten dak verrijst een donkergrijze loods ter grootte van een vliegtuighangar. Maar varkens zijn er niet. De eigenaar ging drie jaar geleden failliet, maar deze week gaf de gemeente Raalte een vergunning om op deze plek uit te breiden tot een megastal voor elfduizend varkens.

En wie mag die vleesfabriek van vier verdiepingen gaan leiden? Adriaan Straathof. Inderdaad, de man die in Duitsland een beroepsverbod kreeg omdat hij zijn dieren ernstig verwaarloosde en mishandelde. De man van wie in Gelderland vorige week twintigduizend beesten levend verbrandden.

Onbegrijpelijk, vindt Gerard Pleizier, al 43 jaar Mariënhemer. Hij waarschuwde de wethouder jaren terug al: „Je weet niet wat je in huis haalt. Die man gaat over lijken!” In 2002 streed Pleizier al tegen het vorige varkensbedrijf.

Vanuit zijn tuin zie je de fraaie kerktoren boven zijn parkietenkooien uit steken. Boven het tuinmeubilair timmerde hij een afdakje. „Anders konden we niet buiten zitten, door alle fijnstof die uit die stal wordt geblazen. Hing je de was buiten, dan zat de stank van die varkens er meteen in. En die vrachtwagens. Daar komen er straks acht of negen van langs op een dag. Terwijl het nu al levensgevaarlijk is voor scholieren die hier dagelijks oversteken op de fiets. Er zijn daar al kinderen verongelukt.”

Hij laat een dikke map op tafel ploffen. Bezwaarschriften. Die hebben allemaal niet geholpen. „Vroeger ging je met een liter jenever en een doos sigaren naar de wethouder en had je je vergunning.” Dat is in wezen nog zo, denkt hij. In 2002 kwam de vergunning van een familielid van die varkenshouder. In de gemeenteraad zaten handelaren in veevoer. En de huidige wethouder is zelf veehandelaar.

Pleizier gaat de megastal nog via de rechter proberen tegen te houden. Stichting Varkens in Nood startte deze week een petitie om ‘varkensbaron’ Straathof een beroepsverbod te laten opleggen. Donderdag waren er zo’n 23.000 ondertekenaars.

Opvallend: het hele uur dat ik met Pleizier praat, brengt hij het dierenwelzijn zelf niet ter sprake. Ja, dat is ook belangrijk, erkent hij. Maar hij heeft niets tegen veeteelt. Zijn vader hield varkens, zelf werkte hij acht jaar bij een varkensboer. Hem gaat het er vooral om het woongenot, en dat zo’n megastal niet past bij het karakter van het dorpje. Maar bovenal komt hij op voor de verkeersveiligheid. „Ik vrees dat als er mis is, er doden zullen vallen.”

Christiaan Weijts schrijft op deze plek elke vrijdag een column.