Amsterdam wil juist minder fietsen, niet méér

Deelfietsbedrijven verdringen zich in de steden. Vooral in Amsterdam zijn inwoners sceptisch. De gemeente verbiedt de deelfietsen zelfs in enkele stadsdelen.

Het straatbeeld verandert, dat zijn de bewoners van de Van Bossestraat in Amsterdam-West wel gewend. Op de stoep van deze oude volkswijk laat een Britse expat haar hondje uit, veel huizen zijn in deze vakantietijd via Airbnb verhuurd en uit een voordeur stapt een jongen die zijn Uber-Eatbox omdoet en op de fiets springt, begeleid door de stem van Google Maps.

Maar zelfs hier kan de nieuwste verandering nog niet bekoren. Een paar weken geleden reed er ineens een vrachtwagen voor. De lader ging open en er kwamen fietsen uit met feloranje velgen. Die fietsen, te gebruiken via een app, werden zomaar in de rekken gedeponeerd tussen de barrels van bewoners. Eén van hen had er meteen zó genoeg van dat hij een exemplaar plaatste bij het grofvuil, met een bordje erbij. „Meenemen.”

Speciale app

In amper twee maanden heeft de ‘deelfiets’ zichtbaar zijn plek opgeëist in de openbare ruimte van Amsterdam en Rotterdam. Je vindt ze in rekken, leunend tegen bomen, fietsbruggen of midden op de stoep. De aanbieders zijn lokale (FlickBike) en vooral buitenlandse bedrijven (Donkey Republic, oBike) die er gezamenlijk enkele duizenden ‘vrij’ hebben verspreid. Wie een fiets wil gebruiken, downloadt een app waarmee je er een kunt lokaliseren en betalen en het slot kunt openen en sluiten. Fietsen kan vanaf vijftig cent per half uur en aangekomen op je bestemming zet je de fiets op ‘pauze’ of sluit je af. Elk fietsenrek is een potentiële inleverlocatie.

Dumpen

Klinkt goed. Toch zijn niet alle steden in de wereld er even blij mee. In China, waar het systeem al jaren bestaat, zijn er uitgestrekte kerkhoven vol afgedankte deelfietsen. In Londense wijken, waar ze sinds kort ook te vinden zijn, verwijten de autoriteiten de aanbieders hun fietsen zomaar te ‘dumpen’ in de buurt. In de Rotterdamse gemeenteraad hebben raadsleden hun aarzelingen en in Amsterdam heeft het bestuur dinsdag aangekondigd de deelfietsen in een aantal stadsdelen helemáál te verbieden. Ze zullen worden verwijderd, waarschijnlijk per september. Reden voor het verbod: er staan al veel te veel fietsen in de stad. Zo’n 800.000, volgens berekeningen van de gemeente, waarvan 200.000 ‘weesfietsen’ of wrakken. Nóg meer parkeerdruk door de komst van deelfietsen kan de openbare ruimte echt niet aan, aldus een woordvoerder. „Natuurlijk, We staan welwillend tegenover het concept van delen, áls dat kan leiden tot minder fietsen in de stad. Maar zoals het concept nu is uitgevoerd worden het er alleen maar méér.”

Verbod

Afspraken met de minstens zes deelfietsaanbieders heeft de gemeente Amsterdam nog niet gemaakt. Voor het verhuren van een fiets is geen vergunning nodig, dus de aanbieders konden ze met vrachtwagens zomaar overal deponeren. Op grond van het plaatselijk verbod op ‘het aanbieden van diensten op of aan de weg’ is handhaven juridisch echter toch mogelijk. Van het verbod moet vooral een „afschrikwekkende werking” uitgaan, zegt de woordvoerder, „zodat niet ook andere buitenlandse aanbieders – er zijn er velen – hun fietsen hier komen neerzetten.” Met de huidige aanbieders gaat de gemeente intussen in gesprek om te zoeken naar een oplossing. „Zoals het aanbieden van deelfietsen vanaf bepaalde plekken.”

Tegenslag

De woordvoerder van oBike spreekt van „een tegenslag”, maar wil zo snel mogelijk met de gemeente om tafel. „De stad Amsterdam verdient een mooi fietsinitiatief.” Ook FlickBike gaat met de gemeente in gesprek. Medeoprichter Vikenti Kumanikin begrijpt de gemeentelijke reactie wel. „Er zijn zes of zeven partijen in Amsterdam die tegelijkertijd overal fietsen plaatsen, zonder afspraken of richtlijnen. Wij hebben het idee voor onze deelfietsen een half jaar geleden aan de gemeente gepresenteerd, maar omdat er niet echt een beleid voor bestond konden we niet rekenen op steun, in welke vorm ook. Toestemming was ook niet nodig, Dus zijn we begonnen met het uitrollen van de fietsen.”

Commercieel

„Waarom zou ik zo’n fiets gebruiken?” zegt buurtbewoner Floris Hagendoorn (38) in de Van Bossestraat. „Ik héb toch een fiets?” Medebewoner Maarten Rooms (39) vermoedt dat ze er vooral zijn neergezet omdat hier veel Airbnb’s zitten. „Ik heb niks tegen sharing, maar volgens mij is dit één grote commerciële show.”

En dat is het, zegt Marco te Brömmelstroet, universitair hoofddocent stedelijke planning aan de Universiteit van Amsterdam. „Ik zou het geen deelfiets maar een strooifiets willen noemen.” Met ideële motieven heeft het concept volgens hem weinig te maken. „ Deze aanbieders hebben een buitengewoon agressieve aanpak. Die willen gewoon zo snel mogelijk een zo groot mogelijk marktaandeel verwerven in de fietsverhuurbranche.”

Een systeem van deelfietsen zou kunnen werken, zegt hij. Maar dan op een gereguleerde manier. Zoals de OV-fiets bij stations, of op plekken waar fietsen gestimuleerd moet worden. Hij onderzoekt zulke mogelijkheden in een programma voor ‘smart cycling’. Maar de ‘disrupters’ die je nu in het straatbeeld ziet dragen volgens Te Brömmelstroet alleen maar méér parkeerdruk in de stad. „Ze maken gebruik van innovaties op fietsgebied, zoals ‘slimme fietssloten’. Bij dit soort ontwikkelingen, waarvan er nog wel meer zullen volgen, is altijd Amsterdam de magneet, want dat is het Beloofde Land voor fietsbedrijven.”

Zwaar

Bij de glasbak grenzend aan de Van Bossestraat gooit Stephan van der Meer (38) zijn glaswerk weg. Hij heeft al eens een deelfiets bij hem in de straat uitgeprobeerd, om te zien of hij het zijn Airbnb-gasten kan aanbevelen. „Maar ze fietsen nogal zwaar, de banden zijn van foam.” Het concept van ‘delen’ vindt hij best mooi, maar ook hij is, na alle gedoe rond Uber en Airbnb, argwanend. „Waar houdt de ‘deeleconomie’ op en waar begint de commercie?”