Raffinaderij nog weken dicht

Shell Pernis

De productie op de grote Shell-raffinaderij wordt na de brand van zaterdag „op zijn vroegst” in de tweede helft van augustus hervat.

De Shell-raffinaderij in Pernis Foto MARTEN VAN DIJL / ANP

Shell Pernis blijft als gevolg van de brand in een schakelstation afgelopen zaterdag nog weken buiten bedrijf. De grootste raffinaderij van Europa wordt volgens Shell „op zijn vroegst in de tweede helft van augustus herstart”.

Een woordvoerder wilde dinsdag niet aangeven of er door de sluiting schaarste aan producten kan ontstaan. Het bedrijf noemt het wel „vervelend dat de sluiting mogelijk gevolgen heeft voor onze klanten, maar we doen er alles aan om de gevolgen voor onze klanten zoveel als mogelijk te beperken.”

Ook over de schade voor Shell doet het concern geen mededelingen. Eerder gaf directeur Jos van Winsen van Shell Pernis aan dat de schade in de „vele miljoenen euro’s” gaat lopen. Jaarlijks verwerkt de raffinaderij op een terrein van 550 hectare 20 miljoen ton ruwe olie tot onder meer diesel, benzine, kerosine, LPG en stookolie. Voor het laatst moest Pernis in 2005 stilgelegd worden. Toen was een stroomstoring de oorzaak.

Maandagavond vond in korte tijd een tweede incident plaats. Bij het spoelen van leidingen bij een stilgelegde fabriek ontsnapte fluorwaterstof door een lek in een fakkelleiding. Als gevolg van het stilleggen van de verschillende fabrieken moeten de leidingen worden gespoeld. „Maar zo’n fabriek is er op ontworpen dat die uit bedrijf kan worden genomen”, zegt een woordvoerder. „Daar is echt iets fout gegaan.” Uit metingen van de DCMR Milieudienst Rijnmond bleek dat de stof niet buiten het bedrijfsterrein van Shell is beland. Tegenover RTV Rijnmond trok Pernis-directeur Van Winsen maandag het boetekleed aan. „Het spijt ons ontzettend, dit is niet zoals we willen zijn.”

Het merendeel van de fabrieken ligt sinds zondag stil. Naar verwachting duurt het nog enkele dagen voordat het gehele complex buiten bedrijf is. Vervolgens moet het getroffen schakelstation worden gerepareerd, waarna het complex geleidelijk aan kan worden opgestart. Ook het opstarten van de verschillende fabrieken neemt dagen in beslag.

Brian Frowijn, voorzitter van de gebiedscommissie (deelgemeente) Pernis, noemt de twee incidenten in korte tijd verontrustend. „Over het tweede incident zijn wij nog niet eens geïnformeerd. Daarover wil ik op korte termijn met de gemeente om tafel gaan zitten, want dat is niet netjes. Ik heb inmiddels wel begrepen dat de gevaarlijke stof gelukkig niet buiten het fabrieksterrein is gekomen.”