Recensie

Hedendaagse ode aan Haraway’s cyborg

De Franse kunstenaar Lili Reynaud Dewar brengt in Vleeshal een ode aan het Cyborg Manifesto van Donna Haraway uit 1984. Maar het is nogal veel wat ze met haar installatie aan de orde wil stellen.

Foto Marie Angeletti

Soms kun je je als kunstenaar nog zo sterk willen maken (een sympathiek streven) voor de verspreiding van een briljante tekst van een briljante wetenschapster die het denken over categorieën tussen man en vrouw, dier en mens, mens en machine op z’n kop heeft gezet – en toch mislukken. Zo’n streven gaat er schuil achter het nieuwste werk van de Franse kunstenaar Lili Reynaud Dewar (1975). Donna Haraway – de briljante wetenschapper – is haar vertrekpunt. Het roemruchte essay waaruit Reynaud Dewar zo vrijelijk put voor haar ruimtevullende installatie Teeth, Gums, Machines, Future, Society in Vleeshal in Middelburg, is Haraway’s Cyborg Manifesto. Haraway schreef dit manifest over een utopische ‘monsterlijke wereld’ zonder gender al in 1984. Sindsdien fungeert het als toetssteen voor neo-feministische theorievorming en cultural studies wereldwijd.

Die ‘monsterlijke wereld’ waar geen onderscheid tussen hij, zij en het bestaat, wordt in Vleeshal ambitieus inzichtelijk gemaakt. Althans, dat is de bedoeling. Grote witte panelen met zwart beletterde citaten uit het Cyborg Manifesto, een lange (helaas door de slechte akoestiek van de tentoonstellingsruimte moeilijk te volgen) film over identiteit en rapcultuur in Memphis, over racisme, seksisme, de muziek van Elvis Presley die in Memphis zijn laatste rustplaats vond, en natuurlijk citaten uit het Cyborg Manifesto zelf, vormen de basis. Daaromheen in de neo-gotische ruimte liggen hoopjes straatvuil en staan zwart geverfde rekken. Ook is er een nieuwe film – eigenlijk niet meer dan een registratie van een dansperformance in Vleeshal –, die heel flinterdun probeert aan te stippen dat Middelburg zijn rijkdom ook te wijten heeft aan de perfide slavenhandel.

Het is nogal veel wat Reynaud Dewar aan de orde wil stellen. Dat is loffelijk, maar haar artistieke strategie in de installatie Teeth, Gums, Machines, Future, Society wisselt sterk, haar keuzes zijn niet kritisch genoeg, en de materie gaat flink met haar op de loop. Jammer, want dat de kunstenaar iets in haar mars heeft, blijkt in Brussel, waar zij vlakbij het jubilerende Wiels een indrukwekkende opera/installatie toont, waar eenzelfde soort kwesties aan bod komt, maar veel sterker geregisseerd.

Nu springt Teeth, Gums, Machines, Future, Society – en met name de film – van de hak op de tak. Als kijker wankel je van een sprookjesachtig stukje, urbane roadmovie, naar pretentieus gedeclameerde teksten, slecht afgenomen interviews, en – meest opvallend – schitterende close-ups van teeth grillz in monden. In die precies beelden van die tanddecoraties – je moet ervan houden, zo’n gouden of zilveren bumper in je mond – wordt het scherpst verbeeld dat lichamen niet eindigen bij onze huid, zoals Haraway zegt.

Reynaud Dewar waagt en wint sóms. Het positieve is dat ze hardnekkig probeert een nieuwe vorm uit te denken voor zaken die ingewikkeld zijn. Zie haar werk als tussenzone tussen muziek, geluid, beeld en maatschappelijk activisme en theorie – en soms ontstaat in die tussenzone iets goeds.