Regering en oppositie Venezuela ruziën over opkomst

Het kamp van president Maduro zegt dat ruim 8 miljoen mensen kwamen stemmen. De oppositie gaat uit van minder dan de helft.

President Nicolás Maduro viert zondagavond de - volgens hem - hoge opkomst bij de verkiezing. Foto Nathalie Sayago/EPA

De Venezolaanse regering en de oppositie maken ruzie over het aantal mensen dat zondag bij de verkiezingen voor de omstreden grondwetgevende vergadering is komen stemmen. President Nicolás Maduro houdt volgens persbureau AP vol dat meer dan acht miljoen burgers hun stem hebben uitgebracht. Dat is dubbel zo veel als de schattingen van oppositieleiders en deskundigen.

Maduro sprak in een toespraak triomfantelijk van een grote overwinning. De president baseerde zich op cijfers van de kiesraad, die laat op zondagavond liet weten dat bijna 42 procent van de Venezolanen de stembusgang hebben gemaakt. De oppositie gaat daarentegen uit van twee à drie miljoen stemmen, waarmee het opkomstpercentage ruim onder de 20 procent zou liggen.

Een exitpoll uitgevoerd door onderzoekers van een Amerikaanse investeringsfirma en een Venezolaanse opiniepeiler noemt een opkomst van 3,6 miljoen mensen. Dat wijst er volgens de onderzoekers op dat de regering “kan steunen op een trouwe harde kern van medestanders”, meldt AP. Aan de andere kant is het goed mogelijk dat een flink deel van de stemmers bestaat uit ambtenaren, waarvan Venezuela er ongeveer 2,6 miljoen telt. Overheidsmedewerkers liepen het risico hun baan kwijt te raken als ze niet kwamen opdagen. Ambtenaren die wel gingen, kregen juist bonussen in het vooruitzicht gesteld.

Boycot

De kiezers konden zondag bepalen welke 545 Venezolanen mogen plaatsnemen in de zogenoemde Asamblea Nacional Constituyente. Deze grondwetgevende vergadering moet de grondwet grondig gaan herschrijven. Maduro wil het orgaan meer macht geven dan het parlement, waarin de oppositie een meerderheid heeft. De oppositie heeft de verkiezing voor de grondwetgevende vergadering geboycot, zodat alle kandidaten medestanders van Maduro zijn. De oppositie vreest dat Venezuela in een dictatuur verandert. Onder meer de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Spanje en Canada hebben laten weten dat ze verkiezingsuitslag niet erkennen.

Tijdens de verkiezing op zondag was het bijzonder onrustig. Grote groepen Venezolanen gingen de straat op om tegen de regering te demonstreren. Bij gevechten tussen actievoerders en de politie kwamen minstens tien mensen om het leven. Eén van de kandidaten voor de grondwetgevende vergadering, een regeringsgezinde advocaat, werd nog voor de stembussen opengingen doodgeschoten in zijn woning.

“Als het niet zo’n tragedie was geweest, had het opkomstcijfer van de kiesraad me aan het lachen gemaakt”, twitterde oppositieleider Freddy Guevara.

Twitter avatar FreddyGuevaraC Freddy Guevara Si no fuera una tragedia, no hubiera costado 16 asesinados hoy, y no significara mas crisis, casi que daría risa esa cifra del CNE.

Het oproer tegen de Venezolaanse regering duurt nu zo’n vier maanden. Ten minste 125 mensen overleden als gevolg van de onlusten, bijna tweeduizend raakten gewond.

Venezuela is economisch grotendeels afhankelijk van de olie-export. De instortende olieprijzen hebben sinds 2014 dan ook voor een grote crisis gezorgd. Er is in het Zuid-Amerikaanse land een ernstig tekort aan voedsel, medicijnen en andere levensmiddelen ontstaan. Venezuela kampt daarnaast met de hoogste inflatie ter wereld. Volgens NRC-correspondent Nina Jurna heeft wanbeleid van Maduro, die koste wat kost de idealen van zijn voorganger Hugo Chávez wil hooghouden, de problemen nog eens verergerd.