Voor iedereen staat tijdens dit EK veel op het spel

Leoni Blokhuis

Het Nederlands elftal speelt zaterdagavond tegen Zweden in de kwartfinale van het Europees Kampioenschap. Acht speelsters van Oranje komen uit de stal van voetbalmakelaar Leoni Blokhuis. „Het EK fungeert als etalage.”

Vivianne Miedema. Sherida Spitse. Sari van Veenendaal. Shanice van de Sanden. Kika van Es. De lijst van voetbalinternationals wier belangen Leoni Blokhuis behartigt, is lang. Negen van haar cliënten spelen op het EK voetbal voor vrouwen, dat dezer dagen in Nederland gehouden wordt; acht voor Oranje en één voor Schotland.

Vanuit Oldenzaal runt Blokhuis (32) sinds vijf jaar als kleine zelfstandige FlowSports, een voetbalmakelaarskantoor. Vrouwenvoetbal wel te verstaan. Tot begin vorig jaar vertegenwoordigde zij ook mannen. Maar de twee sportwerelden – en de daarbij behorende netwerken – liepen te ver uiteen. Blokhuis: „Daarbij komt dat ik het vrouwenvoetbal puurder vind. Veel vrouwen die in Nederland voetballen, zijn genoodzaakt ernaast te werken of studeren. Zij verdienen minder dan de mannen, hun drive is groter.”

Nu het voetbal voor vrouwen door het EK in de belangstelling staat, is het tijd voor Blokhuis om te oogsten. De afgelopen weken was zij onafgebroken aan het werk. „Hoor je dat rauwe randje op mijn stem”, vraagt zij. „Ik bel zo’n elf uur per week. Met spelers, scouts, sponsoren, coaches en managers. Daarnaast bezoek ik veel duels. Om spelers te steunen, maar ook om te netwerken: handen schudden, koffie drinken, dineren.”

De interesse is gewekt

Dat ‘haar’ speelsters de kwartfinales wisten te bereiken, vergemakkelijkt haar werk. Details wil Blokhuis niet geven, maar zij zegt dat een aantal van hen zich in de kijker heeft gespeeld bij Europese topclubs. „Deze week sprak ik een scout die twee meiden ‘heel interessant’ noemde. Een buitenlandse trainer appte na het duel tegen Noorwegen dat een speelster het ‘heel goed’ had gedaan, gevolgd door een knipoog.” Het heeft volgens Blokhuis nog niet tot een concreet aanbod geleid, maar de interesse is gewekt. „Zoals de scout tegen me zei: die twee gaan wij intensiever volgen.”

Anders dan in het voetbal voor mannen zijn Europese topclubs niet altijd bekend met de kwaliteiten van vrouwelijke internationals uit andere landen. „Dat komt doordat niet alle duels op tv worden uitgezonden of via een livestream te volgen zijn”, zegt Blokhuis. „Daarom kan het gebeuren dat een coach of staflid van een club moet vragen wie wie is in het Nederlands elftal. Het EK fungeert als etalage. Speelsters krijgen de kans hun kwaliteiten aan een breed publiek te tonen.”

Goed presteren in die etalage is niet altijd even makkelijk. En daar praat Blokhuis dan weer over met haar cliënten. „Zo sprak ik eerder deze week met Vivianne Miedema. Ik vroeg haar of ze het vervelend vond dat ze dit EK nog niet had gescoord. Een spits wordt nu eenmaal afgerekend op doelpunten. Ze zei dat ze in het belang van het team had gespeeld. Daar voegde ik aan toe dat speelsters als Shanice van de Sanden en Lieke Martens veel beter in stelling kunnen worden gebracht doordat zíj met haar spel ruimte creëert op de flanken.”

Sponsoring

Als makelaar in het voetbal voor vrouwen kijkt Blokhuis niet alleen naar de zakelijke belangen, maar houdt zij ook nauwlettend de gemoedstoestand van haar speelsters in de gaten. Zitten zij lekker in hun vel? Kan zij iets doen om hen te helpen? Ze skypet, appt en belt tijdens het toernooi veel met de vrouwen.

Je zou denken dat speelsters als Vivianne Miedema – maar ook Sari van Veenendaal en Shanice van de Sanden – minder druk ervaren op het EK omdat zij al bij een buitenlandse topclub spelen. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Kika van Es, die mede door een dubbele beenbreuk in 2014, de Nederlandse eredivisie nog niet is ontstegen. „En toch werkt het niet zo”, zegt Blokhuis. „Voor iederéén staat tijdens dit toernooi veel op het spel. Alle speelsters kunnen de interesse wekken van een topclub. Of je nou in Nederland voetbalt of het buitenland. Ook buitenlandse topclubs nemen speelsters van elkaar over.”

Sommige meiden krijgen producten in ruil voor posts op sociale media. Links en rechts worden dealtjes gesloten. Maar na het EK verwacht ik een paar campagnes van grote bedrijven.

Topspits Lieke Martens is een goed voorbeeld. Zij speelde jaren bij het Zweedse FC Rosengård. Toen FC Barcelona haar onlangs een lucratief aanbod deed, hapte zij toe. Volgens de NOS gaat Martens bij haar nieuwe werkgever 200.000 euro per jaar verdienen. Een topsalaris in het Europese voetbal voor vrouwen, waar soms niet meer dan 500 euro per maand wordt verdiend. „Al geldt dat ook voor sommige jongens in de eredivisie”, relativeert Blokhuis.

Mede door die lage inkomsten, steekt Blokhuis veel energie in sponsoring. Zo sloot zij onlangs voor meerdere speelsters een deal met een plakboekenfabrikant. Eerder werden een autofabrikant en elektronicaconcern binnengehaald. „Sommige meiden krijgen producten in ruil voor posts op sociale media. Links en rechts worden dealtjes gesloten. Maar na het EK verwacht ik een paar campagnes van grote bedrijven met Nederlandse speelsters als boegbeeld.” Dat kan ook best een buitenlandse sponsor zijn, zegt zij. „Veel van die meiden spelen in het buitenland en hebben daar hun fanschare.”

Schippers versus Bolt

Het stoort Blokhuis dat de prestaties van voetbalsters vaak met die van hun mannelijk collega’s worden vergeleken. „Je hoort toch ook nooit dat Dafne Schippers de honderd meter zoveel seconden langzamer loopt dan Usaine Bolt?” Als we concluderen dat Schippers ‘hard loopt’, kunnen we volgens Blokhuis ook concluderen dat keeper Van Veenendaal „mooie reddingen verricht” of spits Van de Sanden „mooie bewegingen maakt tijdens haar aanval”.

Op de vraag waarom het voetbal voor vrouwen niet op zijn eigen merites wordt beoordeeld, zegt Blokhuis: „Voetbal is een mannenbolwerk. Mannen eisen de sport voor zich op. Wat niet betekent dat dat niet kan veranderen. Mijn vriend was jaren geleden ook kritisch toen hij mee ging naar voetbalwedstrijden van vrouwen. Hij vond het geen genot om naar te kijken. Pas toen hij de vergelijking met het mannenvoetbal losliet, veranderde er iets. Van de week zei hij op weg naar de wedstrijd tegen België: ik ben een beetje zenuwachtig. Dat zegt genoeg.”