‘Ontslag Burgmans zou Akzo onthoofden’

Reportage rechtszaak

Akzo en Elliott troffen elkaar donderdag opnieuw in de rechtszaal. Inzet: de positie van commissaris Burgmans én die van de aandeelhouder.

Advocaten van AkzoNobel (links) en de advocaten van Elliott Advisors (rechts) in de rechtbank Amsterdam voor de behandeling van het kort geding donderdag. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Voor een bedrijf dat het doelwit wordt van activistische beleggers, verandert de wereld plotseling in een snelkookpan. De spanning stijgt, relaties verhitten, de dwang groeit om geen fouten te maken en juristen pakken het primaat in de communicatie.

Dat bleek donderdag nog maar eens in de rechtbank in Amsterdam, waar verfbedrijf AkzoNobel (46.000 werknemers, waarvan 5.000 in Nederland) voor de tweede keer in twee maanden tegenover zijn inmiddels grootste aandeelhouder Elliott stond.

Opnieuw ging het over de vraag of het activistische hedgefonds een aandeelhoudersvergadering kan afdwingen om te stemmen over het ontslag van president-commissaris Antony Burgmans, Akzo’s „dirigent en spelverdeler” volgens Elliott. En opnieuw kwam daarmee de vraag op tafel of er in Nederland überhaupt zoiets bestaat als een „fundamenteel recht” van aandeelhouders om bestuurders en commissarissen via deze route ter verantwoording te roepen.

Elliott – dat samen optrok met het Britse hedgefonds York Capital en zo samen meer dan 10 procent van de aandelen heeft, de minimale drempel voor een dergelijk verzoek bij de rechter – vindt vanzelfsprekend van wel. De eerdere nederlaag in de Ondernemingskamer heeft aan die overtuiging niets veranderd.

Nog maar twee maanden geleden oordeelde de Ondernemingskamer dat AkzoNobel het verzoek van Elliott kon weigeren. Maar dat was omdat het hedgefonds via een ontslag van Burgmans eigenlijk onderhandelingen met belager PPG zou willen afdwingen. En eventuele onderhandelingen horen bij de strategie van een onderneming: het domein van bestuur en commissarissen. Nu PPG zijn overnamepoging heeft gestaakt, geldt die redenering dus niet meer, denkt het hedgefonds.

Vennootschappelijke hygiëne

Volgens Elliott weigert AkzoNobel consequent om verantwoording af te leggen over zijn beleid, en dat is „in strijd met de vennootschappelijke hygiëne”, zei advocaat Peter von Schmidt auf Altenstadt (Houthoff). Daar veranderen alle gesprekken die het bedrijf voert met zijn aandeelhouders niets aan, vindt hij.

Net zomin als de planning van een aandeelhoudersvergadering op 8 september, zoals Akzo deze week aankondigde. Integendeel. Dit is een „juridisch handigheidje” volgens Elliott, omdat beleggers zo geen tijd hebben om agendapunten aan te dragen. Bovendien staat het beleid tegenover PPG slechts als discussiepunt op de agenda. „Alsof je een auto koopt zonder motor”, aldus de advocaat.

Afwijzen van het verzoek van Elliott en York door de rechter zou dan ook betekenen dat aandeelhouders „fundamentele zeggenschapsrechten” worden ontzegd, vindt hij. En als Akzo zo overtuigd is van zijn beleid, dan moet het bedrijf er toch op kunnen vertrouwen dat Burgmans een stemming over zijn functioneren overleeft?

Extreme tijden

AkzoNobel kijkt er heel anders tegenaan. Om te beginnen hadden York en Elliott na de uitspraak in mei opnieuw een verzoek tot een aandeelhoudersvergadering met agendapunt ontslag van Burgmans moeten indienen en dat hebben ze niet gedaan. Maar belangrijker: er bestáát volgens advocaat Harm-Jan de Kluiver (De Brauw) in Nederland helemaal niet zoiets als „fundamentele aandeelhoudersrechten”. Een onderneming kan tegen de wens van beleggers ingaan als ze dat nodig acht voor het bedrijf en zijn belanghebbenden. En dat is wat hier gebeurt, stelde De Kluiver. Want: „Ontslag van Burgmans zou de onderneming onthoofden in een cruciale fase van haar bestaan.”

Dat het verfbedrijf extreme tijden doormaakt, is onbetwist. AkzoNobel zet al maanden alles op alles om z’n zelfstandigheid niet te verliezen. Driemaal wees de verfproducent in maart en april een lucratief overnamebod van de Amerikaanse concurrent PPG van de hand. Met een deel van zijn beleggers verkeert het concern daarom op voet van bijna oorlog.

Vorige week wist AkzoNobel nog een bestuurscrisis te bezweren. Topman Ton Büchner trad per direct af om medische redenen. Hij is meteen opgevolgd door Thierry Vanlancker, de leider van de chemiedivisie. Maar Vanlancker is pas een jaar aan boord.

Lees ook het recente interview met Akzo-topman Vanlancker: ‘Je kunt het nooit goed doen’

Bovendien staat er een afsplitsing van de chemiedivisie op de agenda en moet Akzo hard aan het werk om het bedrijf winstgevender te maken. Zeker na de teleurstellende kwartaalcijfers die Vanlancker deze week presenteerde en waarin Elliott nóg een reden ziet om Burgmans te ontslaan.

Kortom, de „unieke ervaring van Burgmans”, 70 jaar en oud-topman van Unilever, is „in deze turbulente tijden cruciaal”, zei Fons Leijten (Stibbe), die optrad als advocaat van de commissarissen.

Vertrouwenscrisis compleet

Vraag is: waarom heeft Elliott zo’n haast met het ontslag van Burgmans? Die maakte immers al bekend dat hij vertrekt als zijn termijn afloopt in april. Maar dat duurt te lang, vindt het hedgefonds. „Kijk eens wat er allemaal kan gebeuren in zes maanden tijd.”

Na vierenhalf uur juridisch steekspel tussen de advocaten van AkzoNobel en Elliott, kwam de zaak in de laatste minuten nog eens tot de kern. „Controle door aandeelhouders is een voorwaarde voor goed ondernemingsbestuur”, vatte de Brit Christopher Leonard, juridisch adviseur van Elliott, het samen. „Als alleen bestuur en commissarissen bepalen óf en wanneer zij verantwoording afleggen, is daar geen sprake van.”

Zijn Akzo-tegenhanger Sven Dumoulin draaide het om. Akzo heeft „vele honderdduizenden” belanghebbenden, betoogde hij, en die hebben niet altijd hetzelfde belang. „Dan is het aan bestuur en commissarissen om die belangen tegen elkaar af te wegen.”

De uitspraak is op 10 augustus.

Correctie (29 juli 2017): Eerder stond in dit artikel dat de advocaat van de commissarissen Marnix Leijten heet. Dat moet Fons Leijten zijn [red.].