‘In de woestijn kon Bono flink mopperen’

Anton Corbijn

Voor de Joshua Tree Tour van U2, die dit weekeinde Amsterdam aandoet voor twee shows, maakte Anton Corbijn de filmbeelden. Hij keerde ervoor terug naar het landschap van het Amerikaanse zuidwesten, waar hij ruim dertig jaar geleden de Joshua Tree ontdekte. „Ik herinner me vooral het gevoel van vrijheid.”

U2 live in Dublin, 22 juli 2017. Clodagh Kilcoyne/Reuters

Wanneer U2 deze zaterdagavond begint aan de integrale uitvoering van hun dertig jaar oude album The Joshua Tree, zal er een reusachtige boom boven het podium uittorenen. De vier bandleden zullen even poseren onder de grillige takken – precies zoals ze dertig jaar geleden ook voor deze boom poseerden.

Zodra de eerste tonen van openingsnummer ‘Where The Streets Have No Name’ klinken, worden er op het immense filmscherm zwart-witbeelden geprojecteerd van een verlaten weg door een kaal landschap. Alsof Bono, The Edge, Adam Clayton en Larry Mullen weer in dezelfde woestijn zijn als in december 1986, toen ze met de Nederlandse fotograaf Anton Corbijn in een busje door zuid-westelijk Californië trokken.

De opnames voor het vijfde studio-album van de Ierse band waren eerder dat jaar afgerond. De inspiratie voor de elf nummers hadden ze opgedaan tijdens het vele toeren door Amerika, een land waarmee U2 een haat-liefdeverhouding had. Het was een album geworden dat enerzijds het mythische Amerikaanse landschap bezong, maar anderzijds ook kritiek uitte op de rechtse politiek van Ronald Reagan. Vandaar de werktitels: The Two Americas en The Desert Songs. Aan Anton Corbijn, die ook voor de eerdere U2-elpees portretten had gemaakt, vroeg de band de hoesfoto’s te maken.

Album The Joshua Tree met foto van Anton Corbijn uit 1986, U2 in de woestijn. Foto Studio NRC

„Ik had voorgesteld om naar een Afghaanse woestijn te gaan voor de fotoshoot”, herinnert Corbijn (62) zich. „Maar dat vond de manager niet zo’n goed idee.” Dus werd het de Mojave-woestijn. Corbijn reisde vooruit en ging vast op zoek naar geschikte locaties. „Vier dagen ben ik gaan rijden, vanuit Reno, via Death Valley, richting Palm Springs. Toen de band arriveerde, heb ik ze drie dagen lang meegenomen naar de plekken die ik had uitgezocht. De vergezichten waren heel cinematografisch en sloten mooi aan bij de filmische sfeer van het album. Maar er werd ook wel gemopperd. Ik herinner me dat ik ze op de derde dag meesleepte naar een eenzaam hutje, middenin de woestijn. Dat vond Bono maar niks. ‘What the fuck am I doing here?’, was de ochtendgroet.”

Hoewel de foto’s anders doen vermoeden – Bono poseerde in een wit hemd, Clayton had zijn bloes ver open geknoopt – was het vrij koud, in de woestijn in december. Corbijn: „In Bodie, een spookstadje in Californië, lag al sneeuw.” Maar de fotograaf herinnert zich vooral het gevoel van vrijheid, zegt hij. „Ik was nog zo jong, en zij waren nog jonger, twintigers. Het was allemaal heerlijk avontuurlijk. Er was geen druk van de platenmaatschappij. Ik voelde me vrij om te doen wat ik wilde. We hadden niet kunnen bevroeden dat die plaat zo groot zou worden. Daar was ik niet mee bezig.”

Mormoonse kolonisten

De stekelige joshua tree, familie van de yucca, had Corbijn een paar jaar eerder al ontdekt, toen hij in 1980 in dezelfde woestijn een portret maakte van Captain Beefheart. Hij had wel wat met die boom, die zijn bijnaam te danken had aan mormoonse kolonisten die in de opwaartse takken de omhoog gestoken armen van de profeet Jozua herkenden. „Op de eerste avond vertelde ik Bono erover. Het leek mij een mooi idee om de boom op de voorkant van de hoes te zetten en de band op de achterkant. Diezelfde avond is Bono in de Bijbel op zoek gegaan naar de betekenis ervan. Bij het ontbijt deelde hij mede dat het album The Joshua Tree moest gaan heten. Daarna zijn we de hele dag op zoek gegaan naar een mooi exemplaar.”

Anton Corbijn. Foto Robin Utrecht

De uiteindelijke boom vonden ze niet, zoals vaak gedacht, in Joshua Tree National Park – „daar zijn we nooit geweest” – maar noordelijker, in de buurt van Death Valley. „Ik wilde een boom die alleen stond. Dat was nog lastig, want meestal staan ze in groepen.” Bij het gehucht Darwin, vlak langs highway 190, vonden ze zo’n eenzaam exemplaar. Een goed uur lang maakten ze er foto’s, totdat de kou ze de bus weer in dreef. Op de foto die op de binnenhoes terecht is gekomen, zie je aan de opgetrokken schouders van The Edge en de stuurse blik van Bono dat ze hebben staan rillen.

Wat ook opvalt aan die foto is het perspectief. De horizon is krom en de focus ligt op de boom, terwijl de gezichten van de bandleden onscherp zijn. Dat was een foutje, geeft Corbijn toe. „Ik had voor de shoot een panoramacamera gehuurd, maar de instellingen had ik nog niet helemaal onder de knie. Ik heb me nooit zo beziggehouden met de techniek. Ik gebruik zo’n fotoshoot vaak als oefening, met alle gevolgen van dien. Maar het siert Bono dat hij die onscherpe foto’s juist geweldig vond. Als je goed kijkt, zie je in de linkeronderhoek mijn camerabox nog liggen. Ik houd wel van die imperfecties. Daardoor krijg je juist de menselijke kant van zo’n groep te zien.”

De cirkel is rond

Dankzij het succes van The Joshua Tree werd U2 in één klap een van de grootste bands op aarde. Time Magazine plaatste de band in april 1987 op de cover, onder de kop ‘Rock’s Hottest Ticket’. Het album domineerde wekenlang de hitlijsten, zowel in Amerika als in Europa. Er werden ruim 25 miljoen exemplaren van verkocht. Ook voor Corbijn was The Joshua Tree een bepalend album. „In de eerste plaats omdat door mij de titel veranderd is, dat is natuurlijk best bijzonder. Maar ook omdat mijn foto’s zo’n grote rol hadden in de publiciteit van het album. „Ik weet nog dat ik mijn beelden terugzag op billboards en een verwijdering voelde met mijn eigen werk: hoe kan zoiets groots uit mijn doka komen?”

Nu, dertig jaar later, is de politieke boodschap van het album nog altijd even relevant. De teksten, destijds ingegeven door onder meer de mijnstakingen, de Koude Oorlog en het bewind van Reagan en Thatcher, zijn in deze tijden van Brexit en Trump weer even actueel. Na dertig jaar is de cirkel rond, zo verklaarde U2 toen de band de jubileumshows aankondigde. „Het bijzondere van deze tour is dat ze nu alles spelen”, zegt Corbijn. „Ook de minder bekende nummers als ‘Exit’ of ‘Red Hill Mining Town’. Die laatste hebben ze zelfs nog nooit eerder live gespeeld.”

Op het immense videoscherm van zestig bij veertien meter – „in de vorm van een brievenbus, maar dan wat groter” – worden tijdens het concert nieuwe films van Corbijn getoond. „Ik had geen filmmateriaal uit die tijd. Dus ben ik teruggegaan naar Mojave Desert om daar nieuwe opnames te maken. De beelden gaan niet over vroeger, maar over nu. Zoals de songs ook in deze tijd worden gebracht. Het zijn geen verhalende films, vaak bestaan ze maar uit één beeld. Voor mij gaan ze over het huidige Amerika.”

Buitenaards landschap

Langs de verlaten weg die te zien is tijdens ‘Where The Streets Have No Name’ lopen migranten met jerrycans water door het dorre land. Daarna, bij ‘I Still Haven’t Found What I’m Looking For’ trekken zwartgeblakerde bomen voorbij. En bij ‘One Tree Hill’ kijken Native Americans uit over het publiek. „Die politieke invulling is geheel mijn inbreng”, zegt Corbijn. „Dat was geen opdracht van de band. Al hebben we natuurlijk wel veel overlegd.” Hij vertelt dat hij afgelopen mei de repetities in Vancouver bijwoonde, en direct zag dat het werkte, dat het klopte met de muziek. „Later heb ik nog shows gezien in Italië en New York. Daar praatte Bono tijdens een nummer, waardoor mijn film niet meer synchroon liep. Jammer.”

Tijdens ‘With or Without You’ zijn er prachtige kleurenbeelden te zien van het buitenaardse landschap van Zabriskie Point, de plek waar Corbijn in 1986 de coverfoto maakte. „Er was in dertig jaar tijd zoveel veranderd”, vertelt hij. „Er was nu een asfaltweg die naar het uitzichtpunt leidde, en zelfs in de vroege ochtend stikte het er al van de toeristen. Maar destijds was het nog een vrij onontdekte plek. Ik vond die locatie vooral interessant vanwege de historische referenties. Nog afgezien van de Antonioni-film met die naam, heeft Charles Manson daar ooit rondgehangen en Marilyn Monroe heeft er beroemde foto’s gemaakt.”

De U2-boom zelf is niet meer, weet Corbijn. Die stierf in 2000 aan ouderdom en viel om. Tussen de restanten van de takken liggen nu allerhande aandenkens van fans. Eén van hen plaatste in het woestijnzand een bronzen plaquette, met de tekst: ‘Have you found what you are looking for?