‘Brexodus’ zuigt de Londense City (nog) niet volledig leeg

Brexit-verhuizingen

Meer dan dertig bedrijven uit Londen zeggen deels naar de EU te verkassen. Vier voorlopige conclusies over het verhuiscircus.

Illustratie Studio NRC

Bank of America kiest voor Dublin. Citigroup gaat naar Frankfurt. En EasyJet naar Wenen. De ene na het andere bedrijf, vooral uit de financiële sector, kondigde de voorbije dagen aan een deel van zijn activiteiten te verplaatsen van Londen naar één van de 27 EU-landen die na de Brexit zullen overblijven. Amsterdam haalde afgelopen weekend ook een Brexit-trofee binnen: obligatiehandelplatform MarketAxess zei er een vestiging te openen.

Vóór het Britse EU-referendum, in juni 2016, werd een ‘Brexodus’ van bedrijven uit het Verenigd Koninkrijk al voorspeld, vergezeld van soms gedurfde prognoses over het enorme banenverlies die een Brexit voor de Londense City zou betekenen, tot wel 100.000 banen. Maar hoe ziet, ruim een jaar later, de uittocht van banken en andere bedrijven er werkelijk uit? Omdat veel rondom de Brexit nog onduidelijk is – hoe ‘hard’ wordt die, komt er een overgangsperiode? – is het te vroeg voor een definitief oordeel. Toch zijn er al wel een paar voorlopige conclusies te trekken.

Grote banken naar Frankfurt en Dublin, verzekeraars naar Luxemburg, Parijs weinig populair. Beeld Studio NRC

  1. De interne markt van de EU doet ertoe

    Als de Brexit iets laat zien, dan is het dat de interne markt van de EU ertoe doet voor bedrijven. Als een land de interne markt verlaat, zo als de Britten voor ogen hebben, dan drijft dat ondernemingen de andere kant op: naar die markt toe. Inmiddels hebben meer dan dertig bedrijven, vooral financiële, aangekondigd activiteiten te verplaatsen naar het continent of naar Ierland.

    Bij geen enkel bedrijf gaat om volledige verhuizing uit Londen. Bedrijven richten een dochter op of een andere juridische entiteit, of versterken een kantoor in de EU dat ze al hadden. Het zijn vooral financiële bedrijven en dat is niet verwonderlijk. De EU kent een wettelijk mechanisme, bekend als ‘paspoort’, dat financiële bedrijven in staat stelt te opereren in de hele interne markt op basis van een vergunning in één lidstaat. Vanuit Londen zal dat niet meer gaan – en dat is voor bedrijven een bedreiging.

    Verzekeringsmarkt Lloyd’s of London, bijvoorbeeld, riskeert jaarlijks ruim 1,5 miljard euro aan premie-inkomsten mis te lopen en zal daarom een nieuwe verzekeraar oprichten in Brussel, mét paspoort. Voor luchtvaartmaatschappijen geldt iets soortgelijks: alleen bedrijven met een vergunning in een EU-land mogen tussen EU-landen vliegen. Vandaar dat EasyJet een zustermaatschappij in Wenen begint.

  2. De meeste banen blijven (nog) in Londen

    Juist omdat bedrijven Londen niet volledig vaarwel zeggen, lijkt het banenverlies voor de City beperkt te blijven, vooralsnog althans. De meeste bedrijven doen geen mededelingen over het aantal banen dat ze verplaatsen, onder meer omdat ze willen afwachten hoe de onderhandelingen tussen de EU en de Britten zullen verlopen. JPMorgan Chase, de Amerikaanse zakenbank, denkt aan een verhuizing van enkele honderden banen, hoofdzakelijk naar Dublin. Dat is nog steeds een klein deel van de 11.000 mensen die voor JPMorgan in Londen werken. Het Zwitserse UBS denkt ook zo’n 1.000 van zijn 5.000 mensen uit Londen weg te moeten halen, naar een nog onbekende locatie.

    Dat er nog geen massale uittocht van banen plaatsvindt, is geen garantie dat die er later niet alsnog komt. Een bericht van persbureau Bloomberg over Deutsche Bank, afgelopen maandag, kan de City niet erg gunstig stemmen. Deutsche overweegt de meeste transacties die het nu nog in Londen doet, naar Frankfurt over te brengen. Volgens persbureau Bloomberg plant de bank een verplaatsing van 350 miljard euro aan kapitaal van Londen naar Frankfurt. Dat is eenvijfde van het totale vermogen. Onduidelijk is wat dit voor de 9.000 werknemers van Deutsche in Londen betekent.

    De City, het financiële district van Londen. Veel bedrijven verplaatsen activiteiten wegens de Brexit naar elders.

    Getty Images
    Frankfurt is een populair alternatief voor Londen onder grote zakenbanken.

    Foto Leo Patrizi / Getty Images
    Een populair alternatief voor Londen is, zeker onder zakenbanken, Frankfurt.
    Foto Getty Images
  3. Frankfurt ligt aan kop, Amsterdam blijft achter

    Frankfurt, dat meteen in de nacht van het Brexit-referendum met een lobbycampagne begon, blijkt de trekker van grote zakenbanken, die waarschijnlijk het meeste personeel en het meeste geld gaan meenemen uit Londen. Zes grote kluiven heeft de stad te pakken gekregen, waaronder vier Japanse banken.

    Dublin en Luxemburg doen het ook goed. De Ierse hoofdstad trekt zowel grote banken als verzekeraars. Luxemburg is een andere keus voor verzekeraars en voor vermogensbeheerders. Brussel, dat rond het referendum eigenlijk nooit genoemd werd als bestemming, blijkt ook verzekeraars te trekken.

    Promo-filmpje dat financiële instellingen moet overtuigen van de voordelen van Luxemburg:

    Parijs, dat even luidruchtig lobbyt als Frankfurt, blijft achter. Alleen de Britse bank HSBC, die al een Parijse dochter heeft, versterkt daar zijn aanwezigheid. Amsterdam poogt vooral achter de schermen bedrijven binnen te slepen. Het resultaat is er nog niet echt naar. De stad zegt met zo’n zestig bedrijven in gesprek te zijn, ook uit de niet-financiële hoek, zoals reclamebureaus. Alleen obligatieplatform MarketAxess, met wereldwijd ruim 400 mensen in dienst, heeft publiekelijk zijn keus voor Amsterdam bekendgemaakt. Hoeveel mensen er in Amsterdam gaan werken is onduidelijk. Het Financieele Dagblad noemde daarnaast onlangs enkele Amerikaanse flitshandelshuizen die zich stilletjes in Amsterdam hebben gevestigd. Alleen Quantlab uit Houston bevestigt het bericht. Een ander flitshandelbedrijf, Jane Street, zegt dicht bij een keuze voor Amsterdam te zijn. Het gaat hier om bedrijven met weinig personeel.

    Een aparte categorie is het Europese geneesmiddelenagentschap EMA, nu in Londen gevestigd. Amsterdam en het Nederlandse kabinet willen dit agentschap met 900 werknemers graag binnenhalen en hebben al een kantoor op de Zuidas ter beschikking gesteld, maar de concurrentie, onder meer van Kopenhagen, is groot.

  4. Bonussen én toezicht geven de doorslag

    Tal van factoren spelen mee bij de vestigingskeuze: van de kwaliteit van de (digitale) infrastructuur tot de beschikbaarheid van internationale scholen en het rechtsstelsel (Angelsaksisch gewoonterecht, zoals in Dublin, of continentaal recht).

    Een paar dingen lijken doorslaggevend te zijn. Ten eerste: plafonds op beloningen in de financiële sector, hetzij via een strenge bonuslimiet (Amsterdam), hetzij via hoge belastingen (Parijs) schrikken af. De Nederlandsche Bank (DNB), die zelf met veel bedrijven praatte, zegt dat de bonuslimiet (20 procent van het vaste salaris, in plaats van 100 procent elders in de EU) „een grote rol” speelt in de keuze van bedrijven om Nederland links te laten liggen.

    Een andere bepalende factor is de relatie met de toekomstige toezichthouder. In Frankfurt heeft de BaFin, de Duitse financiële waakhond, al de nodige ervaring met grote internationale banken. In Frankfurt zit bovendien de Europese bankentoezichthouder, de Europese Centrale Bank. In Amsterdam hebben DNB en de Autoriteit Financiële Markt (AFM) en een relatief goede werkrelatie met (kleinere) handelshuizen- en platforms. En in Brussel, zegt Lloyd’s, bleek de toezichthouder „pragmatisch” bij onder meer de wens van Lloyd’s om het kantoor niet te zwaar te bemannen.

    Bij Europese markttoezichthouder ESMA leeft de vrees voor verzwakt toezicht op Brexitbedrijven door een race tussen nationale toezichthouders om die bedrijven binnen te halen. ESMA-voorzitter Steven Maijoor, oud-baas van de AFM, waarschuwde onlangs voor „concurrentie in regelgeving en toezicht” tussen de lidstaten. „Speciale aandacht” moet er zijn voor het voorkomen van nieuwe brievenbusfirma’s, zegt ESMA.