Servische aanklager wil gevoelige Srebrenica-zaak hervatten

Servië lag onder vuur nadat de zaak werd stilgelegd omdat er geen aanklager was.

Het nu verlaten pakhuis waar meer dan duizend moslimmannen werden vermoord. Foto Sulejman Omerbasic/AP

Justitie in Servië wil de strafzaak tegen acht Bosnisch-Servische oud-politieagenten voor betrokkenheid bij de moordpartij in Srebrenica hervatten. Snezana Stanojkovic, de nieuw aangestelde aanklager voor oorlogsmisdaden, heeft vorige week een verzoek ingediend om de veelbesproken zaak opnieuw te openen, meldt persbureau AP maandag.

Twee weken geleden werd de rechtszaak tegen de voormalige agenten stilgelegd, nadat een rechter in hoger beroep had geoordeeld dat vervolging niet mogelijk was omdat er op het moment dat de aanklacht werd ingediend geen aanklager voor oorlogsmisdaden was. Voor de benoeming van Stanojkovic als aanklager zat het land een jaar zonder.

Belemmering van de rechtsgang

Mensenrechtenorganisaties vreesden dat de aanstelling van een nieuwe aanklager uitbleef om politieke redenen, en waarschuwden voor belemmering van de rechtsgang. Met name de vervolging van Servische oorlogsmisdadigers ligt in het land gevoelig.

Het proces tegen de oud-agenten wordt gezien als een indicator van de manier waarop Servië wil omgaan met zijn oorlogsverleden. De Europese Unie zette Servië onder druk om zo snel mogelijk een aanklager aan te stellen. Het land is in onderhandeling over volwaardig lidmaatschap van de unie.

Genocide

De acht politiemannen worden ervan verdacht betrokken geweest te zijn bij de moord op 1.313 moslims in een pakhuis in Kravica, buiten Srebrenica, meldde AP eerder. De slachtoffers werden op 13 juli 1995 een nacht lang bestookt met granaten en automatische wapens. Een van de verdachten is Nedeljko Milidragovic, commandant van een speciale politie-eenheid. Hij zou onder meer met zijn pistool geschoten hebben op iedereen die nog tekens van leven vertoonde.

Bij de genocide in Srebrenica kwamen in totaal bijna 8.400 mannen om het leven. Het gerechtshof in Den Haag oordeelde vorige maand dat de Nederlandse staat verantwoordelijk is voor de dood van 350 van hen. Nederlandse militairen van het bataljon Dutchbat III waren verantwoordelijk voor de beveiliging van de moslimenclave, maar konden de slachting niet voorkomen.