‘Je ziet ze met hun tasjes constant heen en weer rijden’

Drugs in Roosendaal

De binnenstad van Roosendaal is grotendeels verlost van drugsoverlast. Maar in de buitenwijken vertellen bewoners een ander verhaal.

Rond het Roosendaalse winkelcentrum Lindenburg klagen omwonenden over de dealers die ’s nachts opduiken: „Het is gewoon niet leuk meer.” Foto’s Katrijn van Giel

Het winkelcentrum Lindenburg, in de Roosendaalse wijk Langdonk, is ogenschijnlijk doodgewoon: een Jumbo, een slijterij en een patatzaak. Gesprekken met omwonenden wijzen echter op een andere kant. ’s Avonds is het hier een andere wereld, zegt bewoner Henk van Elk (77). Hij ziet de drugsdeals er met eigen ogen plaatsvinden. „Je ziet ze met tasjes heen en weer rijden”, zegt hij. „Het zijn altijd dezelfde gasten. Ze nemen weinig mee zodat ze minder risico lopen als ze gepakt worden. Ze rijden daarom constant heen en weer naar huis.”

De inwoners van Roosendaal ervoeren het afgelopen jaar de meeste overlast door drugsgebruik en -handel van alle grote Nederlandse gemeenten. Dat bracht het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) maandag naar buiten. En dat terwijl Roosendaal, en het nabijgelegen Bergen op Zoom, alle coffeeshops in 2009 juist sloot om een einde te maken aan het drugstoerisme uit onder meer België en Frankrijk. Dat zou de overlast moeten bestrijden.

Mijn vriend en ik werden aangevallen door een groep. Hij heeft daar een gedeeltelijke verlamming aan zijn hoofd aan overgehouden

Wat is er aan de hand in Roosendaal? „Het is gewoon niet leuk meer”, zegt een 20-jarige verkoopster uit winkelcentrum Lindenburg. Ze wil niet met haar naam in de krant. „Mijn vriend en ik werden aangevallen door een groep. Hij heeft daar een gedeeltelijke verlamming aan zijn hoofd aan overgehouden. Ik werk vaak tot ’s avonds laat en moet, als ik naar huis ga, altijd goed kijken of het veilig is.”

Komt deze overlast door drugs? Ja, zegt ze. „Ze verzamelen vooral hier bij het winkelcentrum. Dan zie je iemand naar een parkeerplaats zoeken, en vervolgens iemand voor een paar minuten bij hem instappen. Oudere mensen voelen zich niet veilig en waarschuwen ons de deuren goed dicht te houden.”

Strengere aanpak

Volgens de bewoners is de situatie in de buitenwijken een direct gevolg van de strengere aanpak in de binnenstad. Het drugstoerisme werd daar grotendeels uitgebannen en de overlast door buitenlandse toeristen nam zienderogen af.

Student Sadjjad Heravy (22) werkt in een dönerzaak in het centrum en merkt niets van drugsgerelateerde overlast. „Sinds de sluiting van de coffeeshops komen er nog weleens mensen uit België of Frankrijk vragen waar ze coffeeshops kunnen vinden. Als we ze vertellen dat die er niet meer zijn, pakken ze de eerste trein naar Breda.”

Door de strengere aanpak hebben middenstanders het juist zwaarder, zegt Heravy: „Buitenlandse toeristen die vroeger wiet kochten bij de coffeeshop, kwamen daarna nog even bij ons eten en gingen vervolgens naar huis. Bijna alle winkeliers merken een terugloop.”

De gemeente heeft volgens Heravy met de sluiting van de coffeeshops in 2009 het probleem slechts verschoven. Naar Breda, én naar de buitenwijken. Maar de overlast daar, zo zegt Heravy, wordt veroorzaakt door Roosendaalse jongeren, niet door drugtoeristen.

Dat zegt ook de verkoopster van het winkelcentrum: het gaat om jongeren uit de buurt. „Iedereen klaagt erover, maar de politie zegt dat ze te weinig mankracht hebben. En dan heb ik het alleen nog maar over Langdonk. Ook in Kalsdonk, De Kroeven en de Westrand heb je zo’n groep.”

In het centrum wordt misschien minder gedeald, maar bewoner Piet Hobstaken (71) ziet de drugskoeriers wel regelmatig rijden: van de ene buitenwijk naar de andere. „Ze rijden vijftig of zestig keer per dag op en neer van De Kroeven naar de Westrand. Het zijn altijd dezelfde motoren. Ik heb het ook bij de politie gemeld. Het gaat de hele dag door.”