Helpt hij de democratie of vooral zichzelf?

President van Polen Andrzej Duda

Duda werd gezien als het salonfähige gezicht van een radicale partij. Het motief achter het presidentiële veto is nog onduidelijk.

De Poolse president Andrzej Duda sloeg maandag een dubbelslag. Met zijn veto tegen twee zeer omstreden wetten die de Poolse rechtspraak dreigden te politiseren, wierp hij zich op als hoeder van de Poolse samenleving, die diep verdeeld is tussen een regeringskamp en een oppositiekamp. Tegelijk ontworstelde de 45-jarige jurist uit Krakau zich aan de greep van regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid (PiS), die hem in 2015 aan zijn functie hielp.

De ware motieven van de president blijven evenwel nog onduidelijk: wil Duda de rechtsstaat beschermen of vooral zijn eigen invloed vergroten? Zijn veto tegen wetten die PiS de vrije hand zouden geven bij het benoemen van leden van het Hooggerechtshof en de Raad voor de Rechtspraak is in elk geval een streep door de rekening van de almachtige PiS-voorzitter Jaroslaw Kaczynski.

Bij Duda’s aantreden beschouwden veel critici hem als een kneedbare tweederangsfiguur, naar voren geschoven als het salonfähige gezicht van een reactionaire partij met radicale plannen.

Duda vervulde zijn rol van acceptabel boegbeeld met glans. De voormalige koorknaap en kleinzoon van een cavalerieofficier die tegen Sovjets en nazi’s vocht, beschikt over de nodige conservatieve geloofsbrieven. Met zijn vitale, maar sobere stijl oogstte hij ook veel bijval buiten de PiS-achterban.

Terwijl Kaczynski en zijn entourage de ‘communistische’ vijanden in de Poolse elite aanvallen, toont Duda het saaie, geruststellende gezicht van de regering. Getrouwd met een lerares Duits hield hij zich verre van opruiende retoriek tegenover Duitsland, dat in de ogen van Poolse conservatieven nog steeds een onbetrouwbare historische vijand is.

Wel toonde Duda zich loyaal aan de partij. Sinds PiS eind 2015 de parlementsverkiezingen won, tekende hij controversiële wetten die de partij toelieten het grondwettelijk hof en de publieke omroep te knevelen. Maar naarmate hij groeide in zijn rol als staatsman, namen ook berichten over territoriumruzies tussen president en regering toe. Met zijn veto van maandag lijkt Duda op ramkoers met zijn beschermheren te liggen. De PiS-top drukte „verrassing” en „teleurstelling” uit.

Toch is de oppositie niet in jubelstemming. Duda leverde niet het door hen gewenste veto voor een derde omstreden wet, waarmee de minister van Justitie rechtbankvoorzitters kan benoemen. Ook trok hij het initiatief om de twee gewraakte wetten te herzien, naar zich toe. Dat kan twee maanden duren, stelde Duda. Zo haalt hij mogelijk ook de angel uit de demonstraties tegen PiS, maar zonder garantie dat het toekomstige compromis geen inbreuk zal plegen op rechtsstatelijke principes.

In zijn toespraak waarschuwde Duda maandag niet alleen PiS voor de dreiging dat burgers „hun staat gaan vrezen”, hij viel ook uit naar rechters, die arrogant en inhalig zouden zijn. En hij suggereerde dat de oppositie opgeroepen zou hebben tot „oproer en het begaan van misdaden”.

Zo lijkt Duda zichzelf te positioneren als alternatief tussen de PiS-hardliners en de oppositie. De volgende weken moeten uitwijzen of hij met zijn manoeuvre de democratie helpt of zichzelf.