Zelfs slapend poseerde ze met grandeur

Lenie Verbrugge-Jagerman (1931-2017)

was model. Ze inspireerde veel kunstenaars met haar stevige gestalte

Lenie Verbrugge in juni 2016, foto Gijsbert van der Wal; Kris Spinhoven, Lenie, 2011. Olieverf op doek

Een drukbezochte begrafenis of crematie kan gemengde gevoelens oproepen: fijn voor de nabestaanden dat iedereen er is, maar spijtig dat de overledene al die vrienden en familie niet meer bij elkaar ziet – nog wel ter ere van hem of haar. Waarom vindt zo’n viering van iemands leven, met dierbare herinneringen en lovende woorden, niet vaker plaats tijdens dat leven zelf?

Lenie Verbrugge-Jagerman maakte het mee. In september 2003 opende in het Vakbondsmuseum in Amsterdam een tentoonstelling over haar. Verbrugge was toen vijftig jaar werkzaam als model voor tekenaars, schilders en beeldhouwers. Maar liefst zestig kunstenaars toonden haar stevige gestalte: in verf, houtskool of steen, gekleed of naakt, jong of op gevorderde leeftijd. „Het was bomvol op de opening”, herinnert initiatiefnemer Kris Spinhoven zich. „Een heleboel van de exposanten waren aanwezig, kunstenaars die in de loop van vijf decennia met Lenie hadden gewerkt. Dat maakte het tot haar finest hour: dat ze al die mensen terugzag, en zichzelf zo vaak in hun werk. Ze wist echt niet wat haar overkwam.”

In een vouwblad bij de tentoonstelling werd de schilder Vera Jongejan geciteerd. „Lenie is een echt mens, geen ideaalbeeld”, zei zij. „Het is prachtig dat iemand zichzelf durft te zijn in een tijd dat jong, slank en mooi de norm is.” Ook beeldhouwer Lucie Nijland roemde het volumineuze model: „Lenie heeft wat de Engelsen noemen clear features, en een kont als een koffer.”

„Als je haar in haar regenjas bij de bushalte zag staan, viel ze helemaal niet op”, zegt Kris Spinhoven nu. „Maar in het atelier vond er een transformatie plaats. Dan was er ineens een grandeur, een uitstraling waar je uren en uren naar kon kijken. Lenie kon een ruimte opeisen, als ze poseerde.”

Ze hield het majestueus stilstaan hele ochtenden en middagen vol. Soms sloot ze haar ogen en viel ze even in slaap; na een tijdje klonk er dan gesnurk. Maar zelfs slapend stond ze als een huis.

Op de tentoonstelling in 2003 was ook een bewegend portret van Verbrugge te zien: een gefilmd interview met haar door Nora Hooijer en Rik Lodewijk. Ze vertelt daarin hoe ze als tiener reageerde op een advertentie van een kunstschilder die een model zocht. Van die schilder, de dertig jaar oudere Willem Louis Verbrugge, werd ze eerst het model en later ook de echtgenote. In hun huwelijk was zij de kostwinner. Ze poseerde op de Rietveldacademie en de Rijksakademie in Amsterdam, op de kunstacademies in Den Haag, Den Bosch en Breda en voor talloze kunstenaars die, individueel of in groepsverband, het menselijk lichaam in de vingers wilden krijgen of houden.

Ook na haar vijftigjarig jubileum bleef Verbrugge model. Voor Kris Spinhoven was ze de afgelopen twintig jaar zelfs een soort muze. „Lenie was volkomen op haar gemak. Ze deed zich nooit mooier voor dan ze was. Het was interessant om haar ouder te zien worden, om dat proces te schilderen. Haar haar werd witter, ze kreeg steeds meer rimpels, werd kleiner en fragieler. De laatste jaren was ze vaak zo moe dat ze in slaap viel, niet even zoals vroeger, maar écht: dan zat of lag ze urenlang te slapen in mijn atelier en dan schilderde ik haar slapend. Ik vond het mooi dat ze me daarin vertrouwde, dat er in de loop van de jaren zo’n band tussen ons was ontstaan.”

Vorig jaar overleed Verbrugges laatste man, de klokkenmaker Nico Hollander. Toen ze zelf lymfeklierkanker bleek te hebben, besloot ze zich niet meer te laten behandelen. Ze bracht haar laatste maanden thuis door, omringd door vertrouwde dingen. Het portret dat Willem in 1953 van haar had getekend, de klokken van Nico die je hoort tikken en slaan in het gefilmde interview. Op 29 juni overleed ze, 86 jaar oud, zonder dat de aanwezige thuiszorgmedewerker het in de gaten had – precies zo onopvallend als ze soms in slaap viel tijdens het poseren.