Cultuur

Interview

Het begin van het brouwproces: de beslagketel waarin bronwater en mout al roerend tot een homogeen beslag worden gemengd. Tijdens dit proces wordt het zetmeel in de mout omgezet tot suikers.

Foto Merlin Daleman

Bio-bier is nu uit de geitenwollensokkensfeer

In het Brabantse Budel, nabij de Belgische grens, produceert de familie Arts achttien verschillende biertjes, waaronder tien bio-varianten.

Het is kwart over elf in de ochtend en Carine Arts (59) serveert twee glazen koel bier. Een glas Budels Pilsener, en een glas Budels Bio Pilsener.

Arts heeft vijf kwartier verteld over de traditionele familiebrouwerij die ze samen met haar broers Gerard (57) en Harry (54) leidt. En daarna heeft ze een rondleiding gegeven door de brouwerij, die in het hart van Budel staat, een dorp onder Eindhoven, tegen de grens met België.

De koffie met vlaai gaat van tafel. Het is tijd voor een kleine smaaktest, zegt Arts. Ook voor zichzelf schenkt ze twee glazen in.

Carine, Gerard en Harry Arts zijn de achterkleinkinderen van Gerardus Arts, de oprichter van het bedrijf. In 1870 begon hij in Budel bierbrouwerij De Hoop, een naam die hij koos, zo staat in de bedrijfsgeschiedenis, ‘in de hoop dat alles goed zal gaan’.

Het anker dat Gerardus Arts groot op zijn etiket plaatste, staat nog altijd klein in het logo van de brouwerij. Maar omdat Brabanders altijd spraken van ‘bier van Budel’ is de naam in de jaren zestig gewijzigd in Budels.

Het productaanbod veranderde ook. De vader van Carine, Gerard en Harry Arts brouwde drie soorten bier: pilsener, oud bruin en, in het najaar, bokbier. Onder de vierde generatie Arts is het assortiment van Budels geleidelijk gegroeid naar 18 variëteiten, waaronder tien bio-bieren, gebrouwen uit biologisch geteelde grondstoffen.

Bier dat bij liefhebbers in de smaak valt. Bij een recente smaaktest van alcoholvrij bier in de Consumentengids eindigde het maltbier van Budels samen met Heineken 0.0 op de eerste plaats. „Goed alternatief voor bier met alcohol”, concludeerde van een van de proevers.

Putdeksel

Budels wordt al bijna anderhalve eeuw op dezelfde locatie gebrouwen. Bij de rondleiding wijst Carine Arts naar een putdeksel op de binnenplaats van de brouwerij. Tachtig meter daaronder is de bron waaruit haar overgrootvader al het brouwwater oppompte. „Zacht water uit de Ardennen”, zegt ze. Met een zandbed kan het ijzer eruit gefilterd worden en dan is het geschikt om bier van te brouwen.

Wat volgt is een tocht door vele betegelde ruimtes met ketels, kuipen en vaten, die onderling met buizen zijn verbonden. Brouwen lijkt geen arbeidsintensief proces; slechts drie in groene bedrijfskleding gehulde werknemers zijn deze ochtend bezig om het productieproces te controleren.

De rondleiding is begonnen op de zolderetage waar de brouwgerst, de mout, ligt opgeslagen. Via de schrootmolen valt de mout in geplette vorm in de beslagketel met verwarmd water.

Een filterkuip haalt daarna het kaf rond de moutkorrels uit het beslag. De overgebleven, heldere vloeistof, de zogeheten wort, gaat naar de kookketel. Door hop toe te voegen krijgt het toekomstige bier zijn pittige smaak. En door de hoge temperatuur karamelliseren de suikers van de mout en krijgt de wort een gouden kleur.

Gefilterd en afgekoeld gaat de wort voor ruim een week naar de gistkuipen. Door gist toe te voegen zetten de suikers zich om in alcohol en ontstaat koolzuur, wat een fascinerend schouwspel oplevert met geheimzinnig bubbelende schuimkragen op de kuipen.

In grote lagertanks rijpt het gekoelde bier zo’n zes tot acht weken na. Nog eens filteren en het heldere bier is klaar om afgevuld te worden in flessen, fusten of biertanks.

Het is een versimpelde voorstelling van zaken, zegt Arts. Er zijn vele variabelen, boven- en ondergistende bieren en geheime familierecepten. Voor technische vragen verwijst ze door naar broer Gerard, die de brouwtechniek bewaakt en nieuwe bieren ontwikkelt. Zij is verantwoordelijk voor de financiën en verkoop, samen met Harry, de jongste Arts, die tevens de marketing van het bedrijf voor zijn rekening neemt.

Natuurvoedingswinkels

Budels is een grote producent van biologische bieren. Toen natuurvoedingswinkels eind jaren negentig vroegen om bio-bier, ging de familie Arts op zoek naar biologisch geteelde gerst en hop. „Best moeilijk te vinden”, zegt Carine Arts. En ook best lastig om mee te brouwen. Bio-grondstoffen gedragen zich niet alleen minder voorspelbaar, ze brengen ook extra werk met zich mee: voor het brouwen moeten eerst alle resten van niet-biologische grondstoffen uit de ketels worden verwijderd.

Budels heeft tien bio-bieren in het assortiment. Pilsener uiteraard, drie soorten alcoholvrij bier, witbier, Weissbier, radler, Honingbier en een stevig bier, Zware Dobber.

Al vele jaren brouwt Budels ook klimaatneutraal, met groene stroom en bosgecompenseerd gas. „Dat maakt het plaatje compleet”, zegt Carine Arts. „Duurzaam produceren geeft meerwaarde aan onze producten. Als het biologisch kan, doen we het.”

Veranderende etiketten

De bio-bieren van Budels zijn optisch nauwelijks te onderscheiden van de reguliere bieren. De eco- en bio-logo’s van toezichthouder Skal staan piepklein op het achteretiket en ook voor op de flesjes staat het woord bio weinig prominent vermeld.

Dat heeft met een vooroordeel te maken, zegt Carine Arts. „Het grootste misverstand over bio-bier is dat het heel anders smaakt.” Aanvankelijk afficheerde de brouwerij haar bio-producten opzichtig, om tegemoet te komen aan de wens van klanten van natuurvoedingswinkels. Maar die duidelijkheid schrok een breder publiek af, zegt Arts. Toen de brouwerij koos voor terughoudender etiketten vertaalde zich dat direct in betere verkoopcijfers.

Inmiddels is de tijd rijp om het woord bio weer duidelijker te afficheren, zegt Arts. „We gaan onze etiketten opnieuw aanpassen. De geitenwollensokkensfeer van de natuurvoedingswinkels is verleden tijd. Kijk eens hoe hip en modern de winkels van Marqt en Ekoplaza zijn.”

Retourflessen voordat ze de spoelmachine ingaan.
Foto Merlin Daleman
De flesjes krijgen machinaal etiketten.
Foto Merlin Daleman

Resteert een ander vooroordeel. Omdat de grote supermarkten voortdurend stunten met bierprijzen heeft de consument volgens Arts een gemankeerd prijsbeeld van pils. Van een kratje bier van een tientje blijft na aftrek van accijns en btw nog ongeveer 5,70 euro over, zegt Carine Arts. Daarvoor moet het worden gebrouwen, in een flesje gestopt en vervoerd. „Dat kan niet”, zegt ze. „Kwaliteit heeft zijn prijs.”

„En?” vraagt Carine Arts. Ondanks het vroege uur smaken de twee biertjes die ze heeft ingeschonken beide goed. Wat is de reguliere pilsener, en wat de bio-variant? Na drie slokken van ieder glas lijkt het biertje dat een pietsje lichter van kleur is een fractie voller van smaak te zijn. „Dat is de bio-pilsener”, zegt Arts met een tevreden lach.

Ja, antwoordt ze desgevraagd, er zijn dagen dat ze geen bier drinkt. Maar niet zoveel. „Voor het slapen gaan, drink ik vaak een pilsener. Genieten. Dan denk ik: ‘Daar doe ik het allemaal voor.’”