Zij haalden Europa niet en werden geslagen, gebrandmerkt en uitgebuit

Terugkeerders

Er komen nu meer migranten terug uit Libië naar Niger dan erheen gaan. Dat komt ook door gruwelverhalen uit Libië, zoals van Amadou Siy.

West-Afrikanen die naar Niger terugkeren, maart 2017, nadat ze zijn weggevlucht voor gewapende groepen in Libië. Foto Issouf Sanogo/ AFP

Amadou Siy had het gehaald. Europa was nog maar een vaart van enkele uren verwijderd. Achter hem lag zijn reis uit Gambia, via Senegal, Mali en Niger naar Libië, naar Sabha, Tripoli en ten slotte de kustplaats Az Zawiyah. De boot was volgepakt met andere reizigers uit West-Afrika en klotste richting Lampedusa, toen de Libische kustwacht verscheen.

„We zagen mannen in uniformen. Ze namen ons mee naar een gevangenis. Ik kreeg klappen. Een van ons probeerde te ontsnappen. Die hebben ze aan het plafond gehangen. Op zijn kop. Ze sloegen hem met een loden pijp.”

Amadou Siy doet zijn verhaal in een opvanghuis in Agadez, Niger. Hij zit nu in het huis van de terugkeerders, de ‘revenants’. Hier zitten de migranten die het niet gehaald hebben. Gestrand in de woestijn op de grens van Niger en Libië. Of vastgezet in Libië door hun smokkelaars of door de Libische kustwacht.

Volgens tellingen van de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) komen er nu veel meer migranten terug uit Libië naar Niger dan er nog die kant opgaan. Afgelopen mei reisden volgens die tellingen slechts 7.000 migranten naar Libië over de officiële routes, vorig jaar nog 72.000. Die terugval van 90 procent zou het gevolg zijn van strengere controles in Niger, maar wordt ook veroorzaakt door de gruwelverhalen uit Libië.

Amadou Siy laat zijn gebrandmerkte tenen zien. „Ze hebben me met brandend houtskool bewerkt.” Siy verbleef anderhalf jaar in Libië.

Eerder tekende Bram Vermeulen het verhaal van twee migranten uit Guinee op die werden achtergelaten in de woestijn door hun smokkelaar: “Als we niet gaan lopen, komen we hier nooit meer weg”

Verhandeld door smokkelaars

De eerste maanden werd hij vaak verhandeld tussen smokkelaars. Veel migranten komen in Libië aan zonder genoeg geld op zak voor de doorreis naar Europa. Dat geld proberen ze te verdienen door te werken op landerijen. Maar vaak krijgen ze geen loon. Smokkelaars verrijken zich ook door de familieleden van migranten af te persen. „Ze wikkelden elektriciteitsdraden om mijn oren”, vertelt Ama Kumara uit Nigeria. „Dan laten ze je met je moeder bellen. Op het moment dat ze opneemt, zetten ze stroom op je oren.”

De teruggekeerde migranten in Agadez bevestigen getuigenissen die werden vastgelegd in een nieuw rapport van mensenrechtenorganisatie Amnesty International. In het rapport, ‘A perfect storm’, wordt gedocumenteerd hoe migranten die zijn gepakt structureel door de Libische kustwacht worden gevangengezet en gemarteld. Amnesty raadt Europese regeringen aan de samenwerking met de Libische kustwacht onmiddellijk te beëindigen.

Europese leiders noemden de Libische kustwacht afgelopen juni op een bijeenkomst in Brussel „een belangrijke partner” en beloofden meer geld aan de Libische marine om de mensensmokkel op de Middellandse Zee te stoppen. De EU heeft inmiddels 130 leden van de Libische kustwacht getraind. De Libische kustwacht heeft in het afgelopen jaar 23.000 migranten uit zee opgepikt en vastgezet.

In een uitgebreide studie vonden onderzoekers van de VN eerder al connecties tussen Libische milities, zoals de al-Nasr-Brigade in Zawiyah, die zich schuldig maken aan het vasthouden en martelen van migranten, en kustwachteenheden die claimen dezelfde smokkel te stoppen. De NAVO vernietigde in 2011 een groot deel van de marine van kolonel Gaddafi en milities hebben op sommige plekken de taken van de kustwacht overgenomen. Volgens de VN-onderzoekers zijn de milities verantwoordelijk voor het tot zinken brengen van migrantenboten en grootschalige mishandeling van migranten in detentiecentra.

Dat verklaart waarom in het opvanghuis in Agadez verhalen over de kustwacht en smokkelende milities door elkaar lopen. Migranten zijn van detentiecentrum naar detentiecentrum gegaan. Tot hun de lust om te vertrekken definitief is ontnomen. „Ze noemden ons slaven. Ze sloegen ons, en lieten ons op boerderijen werken zonder ons te betalen”, zegt Amadou Siy.

„Ik heb mijn droom om naar Europa te gaan opgegeven.” Zijn stem slaat over. Zijn moeder overleed toen hij in de Libische gevangenis zat. Hij hoorde het pas toen hij terugkwam in Niger. Voor hem ligt nu de terugweg naar Gambia. „Ik ga terug naar mijn vader. Ik wilde alleen mijn familie helpen. Maar dat is niet gelukt.”