Groningen remt verkamering juist af

Groningen

Het centrum van Groningen moet een diverser bevolkingssamenstelling krijgen: minder studenten, meer ouderen. Maar lukt dat?

In veel Nijmeegse oude wijken vindt verkamering plaats. Groningen remt verkamering juist af. (De foto's zijn in Nijmegen gemaakt.) Foto's: Flip Franssen

Vraag aan een willekeurige Groningse student waar hij en zijn vrienden wonen en je krijgt als antwoord: binnen een kilometer van de Martinitoren.

Studenten domineren het centrum van de stad. Althans, zo was dat de afgelopen decennia. Als het aan de gemeente Groningen ligt, is het binnenkort gedaan met de eenzijdige bewonerssamenstelling van het hart van de stad. Geen verkamering meer – het opdelen van woningen in losse studentenkamers – en geen geluidsoverlast tot laat. Het centrum moet aantrekkelijker worden voor jonge gezinnen en ouderen.

„Er kwam vanuit de bewoners veel protest”, zegt wethouder voor wonen Roeland van der Schaaf (PvdA). „Er is veel overlast.” Een groot aantal panden wordt verhuurd door huisjesmelkers. Tuurlijk – Groningen is een studentenstad. Maar zaken als geluidsoverlast en stapels fietsen op de stoep zijn toch vervelend. Of snel wisselende bewoners, waardoor het onduidelijk is wie wel en niet je buren zijn. Daar moet iets aan gebeuren, vindt het college. Van der Schaaf: „Andere mensen komen er niet meer tussen.”

Op dit moment voert de gemeente de woonvisie uit die in 2015 is vastgesteld. Die moet leiden tot meer diversiteit. Middelen: geen vergunningen meer voor verkamering, nieuwbouw voor studenten buiten het centrum, en speciale locaties in het centrum met woningen voor bijvoorbeeld gezinnen of ouderen. Mogelijk komen die ook in oude gemeentepanden, zoals voormalige scholen.

Studentenstad

De Groningse aanpak is opvallend omdat veel andere studentengemeenten vaak terughoudender zijn. Deels is de situatie ook niet te vergelijken: Groningen heeft de meeste studenten per inwoner, en in andere steden wonen de jongeren vaak beter verspreid over de stad. Maar in Nijmegen is er bijvoorbeeld al enige tijd protest tegen verkamering. De stad zegt een „liberaal” beleid te hanteren, om studenten aan kamers te helpen.

Groningen doet als een van de weinige steden al veel langer pogingen, met wisselend succes, om verkamering tegen te gaan. Al voor de woonvisie van 2015, mochten er in een straat maar 15 procent verkamerde huizen zijn. „Maar dat kon vrij makkelijk ontdoken worden”, zegt wethouder Van der Schaaf. „Men breidde bijvoorbeeld bestaande kamerpanden uit.” Ook lastig: de regeling gold niet voor het centrum, maar voor wijken daarbuiten. „Ik denk wel dat het daar soms extreme situaties heeft voorkomen.”

Dat er nu een ambitieuzer plan ligt, is op zich goed, vindt Tineke Vooijs (80), bestuurslid bij de Stichting Vrienden van de Stad Groningen. Zelf heeft ze genoeg ervaring met verkamering: het pand naast haar huis in de binnenstad werd op een dag een studentenhuis, nadat er jarenlang een rustig gezin had gewoond. Hadden de nieuwe bewoners opeens een terras aangelegd naast Vooijs’ slaapkamer. Vooijs: „Gelukkig zijn ze vrij rustig.”

Ze is nog sceptisch over de plannen. „Het jammere is dat de verkameringsvergunning meegaat wanneer een pand verkocht wordt.” Vooijs vreest dat de binnenstad uiteindelijk niet al te veel zal veranderen omdat reeds verkamerde panden niet verdwijnen. De vergunning intrekken is juridisch ingewikkeld. Wellicht neemt de diversiteit wel toe, maar sommige straten zullen vooral studentenstraten blijven. „Alleen bij langdurige overlast kan de gemeente ingrijpen en de vergunning intrekken.”

Van der Schaaf realiseert zich dat probleem. De binnenstad is gewoon al vrij ver heen qua verkamering – dat tij keer je niet zomaar. Volgens de wethouder wordt er wel geprobeerd om andere groepen bewoners te stimuleren een verkamerd pand over te nemen wanneer er eentje te koop komt te staan. En na de zomer wordt er een begin gemaakt met het sluiten van verkamerde panden zonder vergunning.

Een gemeente kan veel bestaande verkamering lastig echt aanpakken – hoe gemotiveerd ze ook is. Als je het in het verleden hebt toegestaan wordt het steeds moeilijker om in te grijpen. Voor Groningen is het nu roeien met de riemen die er wél zijn. Van der Schaaf: „Nieuwe verkamering is in ieder geval min of meer gestopt.”